Jeroen

Toen duidelijk werd dat hij een geestelijke achterstand had, durfden zijn ouders geen tweede kind aan. Inmiddels verdient hij zijn brood in de sociale werkplaats en gaat nog steeds graag naar het gastgezin dat hem gedurende zijn internaatsjaren in de weekends opnam en koesterde. Daar heeft hij een zusje en broers op wie hij heel trots is. En de moeder is ,,de liefste van de hele aarde! Nee, van de hele wereld! En omstreken!''

Zijn oudste `broer', die medicijnen studeert, legt hem uit dat hij geen gewone dokter wordt, maar een hersendokter. Jeroen is buiten zichzelf van vreugde: ,,Dan kan jij mij nieuwe hersens geven en dan kan ook ik leren lezen en schrijven.''

Bijdragen van lezers zijn welkom via een formulier op www.nrc.nl/ik