Tennisprofs noemen dopinggerucht onzin

Tennis is een schone sport, riepen de profs deze week in aanloop naar de Australian Open in koor. Wat de op doping betrapte Brit Greg Rusedski ook mag beweren.

Geen betere ambassadeur van het mondiale proftennis dan Andre Agassi. Zowel op als buiten de baan is en blijft de bijna 34-jarige Amerikaan immer een op en top gentleman. Maandag wierp veteraan zich op als de beschermengel van de belaagde spelersvakbond ATP, en kreeg hij na afloop van zijn `gastcollege' een joviale schouderklop van de officials.

Tennis een `vuile sport'? Alleen de gedachte al. ,,In geen enkele tak van sport wordt zo streng gecontroleerd als in het tennis'', betoogde Agassi aan de vooravond van de maandag te beginnen Australian Open. De achtvoudig grandslamwinnaar onthulde dat zijn urine het voorbije jaar maar liefst elf keer was gecontroleerd en zijn bloed achtmaal. ,,En ik ben ook nog drie keer buiten wedstrijden om getest.'' Met andere woorden? ,,Tennis is een schone sport.''

Het vermaledijde `D-woord' (doping) viel de afgelopen dagen met grote regelmaat na de ontboezeming, vorige week donderdag, van Greg Rusedski. In een door zijn advocaat opgestelde persverklaring erkende het Britse servicekanon dat hij eind juli is betrapt op het gebruik van nandrolon, een middel dat het lichaam helpt te herstellen na een zware fysieke inspanning. In zijn urine zou naar verluidt 5,5 nanogram zijn aangetroffen, terwijl de grens bij 2 nanogram ligt.

Rusedski zegt onschuldig te zijn en trad zelf met het nieuws naar buiten, nadat hem ter ore was gekomen dat een Engelse krant in het bezit was gekomen van zijn geheime dopingdossier. Het was, om in oorlogstermen te spreken, `a pre-emptive strike', bedoeld om zijn critici op voorhand de wind uit de zeilen te nemen.

Niet iedereen waardeerde `de moed' van de loslippige Rusedski, zeker niet toen de 30-jarige hardhitter beweerde bij lange na niet de enige tennisser te zijn die het slachtoffer is geworden van de rammelende begeleiding van de ATP. Rusedski claimt dat bij in totaal 47 spelers een te hoge nandrolonwaarde is geconstateerd. Eén voor één zouden zij ongemoeid zijn gelaten, vóórdat de ATP begin juli de eigen fysiotherapeuten verzocht geen vervuilde voedingssupplementen en vitamines meer te verstrekken.

Rusedski zelf onderging twee weken later een positieve test, met volgens hem dezelfde `analytische vingerafdruk' als bij zijn `collega-zondaars', die allen lid zouden zijn van de top-120. Omdat in korte tijd de urine van zeven spelers een (veel) te hoge nandrolonwaarde vertoonde, gelastte de ATP een onderzoek. Bohdan Ulihrach liep tegen de lamp, de andere zes werden niet vervolgd.

Vraag is dan ook: wie zijn deze Missing Six? Waarom ontsprongen zij de dans, en waarom moest de relatief onbekende en later vrijgesproken Tsjech Ulihrach aanvankelijk wel bloeden? Volgens critici is sprake van willekeur. Zij zien in de Rusedski-affaire andermaal een bewijs van de te coulante dopingregelgeving van de ATP, die geen gelijke tred houdt met de anti-dopewetten die elders in de topsport gelden.

Met zijn onthulling heeft Rusedski de ATP, een gesloten organisatie die de vuile was liever binnenhoudt, in ernstige verlegenheid gebracht. De vraag hoe schoon het proftennis is, klinkt al jaren. Geruchten genoeg, maar meer dan geruchten zijn het niet. Ook al spraken de laatste jaren meerdere (ex-)toptennissers (Sergi Bruguera, Mark Woodforde, Filip Dewulf) het vermoeden uit dat hun sport allesbehalve dopingvrij is.

Alle commotie was voor zevenvoudig grandslamwinnaar John McEnroe deze week aanleiding om toe te geven dat hij tijdens zijn actieve loopbaan regelmatig steroïden nam. Daarmee erkende de 44-jarige Amerikaan slechts wat velen sinds twee jaar al heimelijk wisten na de geruchtmakende onthulling van zijn ex-vrouw Tatum O'Neil.

Mocht Rusedski volgende maand worden vrijgesproken, dan overweegt de voormalige nummer vier van de wereld de verantwoordelijke ATP-officials aan te klagen wegens `onrechtvaardig en discriminerend gedrag'. Met dat dreigement heeft de geboren Canadees voor flink wat opschudding én irritatie gezorgd. Rusedski mag allang blij zijn dat hij op basis van de soepele ATP-regels niet met onmiddellijke ingang is geschorst, en moet dus vooral zijn mond houden, zo viel in de wandelgangen te beluisteren.

Een beetje hypocriet is Rusedski bovendien wel, zo herinnerde zich deze week Petr Korda. De Tsjech werd zes jaar geleden, een halfjaar na zijn zege bij de Australian Open, betrapt op het gebruik van nandrolon. Uitgerekend Rusedski was destijds een van de eersten om Korda's integriteit in twijfel te trekken met de opmerking dat ,,het voortaan moeilijk zal zijn om hem niet te verdenken''.

Veel vrienden heeft `de egotripper' Rusedski niet gemaakt, bezwoer zijn voormalige coach Pat Cash in The Sunday Times. ,,Hij is van het soort dat zich door niets of niemand laat tegenhouden om carrière te maken'', zo liet de Australiër optekenen. En: ,,Rusedski zal nu heel veel over zich heen krijgen, elke keer dat hij een kleedkamer binnenstapt. Tennissers houden niet van bedriegers.''

Maar voor de BBC-camera's verklaarde Rusedski doodleuk louter opbeurende reacties te hebben ontvangen in de lockerroom. ,,Ze staan allemaal achter mij.'' Die opmerking ontlokte Todd Woodbridge, vice-voorzitter van de ATP-spelersraad, een cynische glimlach. ,,Het is ieder voor zich en God voor ons allen'', sprak de Australische dubbelspecialist in Sydney. ,,Alle spelers beseffen dat Rusedski een moeilijke tijd doormaakt, en iedereen zal daar zijn voordeel mee willen doen.''

Dat geldt niet voor Mariano Puerta, hoe graag hij dat vermoedelijk ook zou willen. Begin deze maand maakte de ATP bekend de 25-jarige Argentijn voor negen maanden te hebben geschorst, nadat de nummer 118 van de wereld vorig jaar in Chili werd betrapt op het gebruik van de verboden spierversterker glenbuterol.

Toch is tennis een schone sport. Vraag het Andre Agassi.