`Schulden? Zo zou ik het niet noemen'

Scholieren laten het breed hangen. Ze verdienen een leuk salaris met hun bijbaantjes maar houden meestal niks over. Als ze op zichzelf gaan wonen, levert dat vaak problemen op. Veel werkende jongeren en studenten zitten tot over hun oren in de schulden. Kwijtschelding zit er vaak niet in: jongeren hebben immers nog alle tijd om terug te betalen.

Jurre Bovenakker (17) zit in 5-havo en heeft een baantje in de keuken van een restaurant. Hoewel zijn salaris net gestort is, ongeveer 80 euro per maand, staat er niks op zijn bankrekening. ,,Ik had geld geleend van vrienden en dat moest ik terugbetalen.'' Daarnaast staat hij in het krijt bij zijn moeder, wegens de kosten van zijn mobiele telefoon. De telefoon was gratis en het abonnement voordelig, ,,maar ik was zo stom om een sms'je van een bedrijf te beantwoorden en werd daarna gebombardeerd met sms'jes die ík moest betalen''. Jurre moet constant het ene gat met het andere dichten, maar vindt niet dat hij schulden heeft. ,,Dat lijkt me wat overdreven. Al mijn vrienden lenen van elkaar en betalen elkaar terug als ze hun salaris of zakgeld krijgen.''

Uit Nibud-onderzoek onder 3.000 jongeren, november vorig jaar, blijkt dat de meesten een financiële achterstand hebben, in wat voor vorm dan ook. Het kan gaan om rood staan, geld lenen, schulden of rekeningen laten liggen. Zo heeft een op de vijf brugklassers al een achterstand. Onder zestien- en zeventienjarigen is dat aantal opgelopen tot ongeveer een op de drie. Maar liefst 60 procent van de jongeren tussen de 21 en 25 jaar geeft meer uit dan er binnenkomt.

Terwijl veel ouders de broekriem aanhalen wegens de kwakkelende economie, gaan hun tienerkinderen shoppen. Merkkleding, de kapper, lekkere luchtjes en een scooter zijn belangrijk. Maar ook uitgaan, internetten, (nieuwe) computerspelletjes en mobiel bellen en sms'en met een modern toestel staan hoog op hun lijst van prioriteiten. Volgens Gerjoke Wilmink, directeur van het Nationaal Instituut voor Budgetvoorlichting (Nibud), leven veel jongeren nog steeds in de grote welvaart van de jaren negentig en besteden meer dan ze verdienen. ,,Jongeren hebben een gat in hun hand'', constateert Wilmink.

Het bestedingspatroon dat scholieren ontwikkelen, kan hen behoorlijk in de problemen brengen als ze zelfstandig gaan wonen. ,,Ze hebben er geen idee van dat er zoiets bestaat als vaste lasten, dat het leven ook nog geld kost'', zegt Wilmink.

Uit het onderzoek blijkt dat jongeren, als ze eenmaal achttien zijn, vaak en veel rood staan. Lenen doen ze ook allemaal veel, bij vrienden, hun ouders, maar als ze meerderjarig zijn ook bij banken en instellingen. ,,Ze tillen daar niet zo zwaar aan'', meent Wilmink. Dat blijkt ook uit de cijfers. ,,In alle leeftijdscategorieën is het percentage jongeren dat zegt een financiële achterstand te hebben hoger dan de jongeren die zeggen dat ze schulden hebben. Jongeren weten wel dat ze anderen geld schuldig zijn, maar om dat nou schulden te noemen, dat gaat hun te ver.''

Jongeren onder de achttien jaar zijn nog niet verantwoordelijk voor hun eigen financiën. Ze mogen nog niet rood staan en officieel nog geen leningen en andere financiële contracten afsluiten. Failliet gaan kunnen ze niet en ze kunnen niet terecht bij de schuldhulpverlening, hoe groot hun achterstand ook is. Ouders blijven verantwoordelijk. Uit het onderzoek blijkt dat ouders vaak bijspringen of ervoor kiezen om de schulden van hun kinderen af te betalen. ,,Dat is ons een doorn in het oog, omdat een jongere daar niets van leert. Zelfs als ouders het zich kunnen permitteren, is het beter om het niet te doen. Laat ze maar voelen dat het een keer ophoudt'', vindt Wilmink.

Wie meerderjarig is, moet zelf opdraaien voor zijn schulden al denken veel ouders dat dat pas geldt als hun kinderen 21 zijn. Wilna van den Bichelaer van het Landelijk Platform Integrale Schuldhulpverlening ziet het aantal jonge schuldenaren stijgen de afgelopen jaren. ,,Een op de zes cliënten in 2001 was jonger dan 25 jaar. Jongeren belanden steeds sneller in een problematische schuldensituatie.'' In het platform werken de overkoepelende kredietbanken, maatschappelijk werk, sociale diensten en gemeenten samen aan een integrale aanpak van de schuldhulpverlening. Jongeren gaan volgens Van den Bichelaer gewoon door met besteden en consumeren, ook als ze het huis uit zijn. ,,Als rekeningen ongelegen komen, betalen ze die niet. Met een paar keer je huur overslaan zit je al vlug in de problemen. Datzelfde geldt voor de energienota en de telefoonrekening. Het gaat vaak om grote bedragen, dus een flinke achterstand is zo opgebouwd.''

Het gebrek aan kennis over budgetbeheer van jongeren is schokkend, vindt Van den Bichelaer. ,,Veel jongeren weten niet eens hoe je een girootje invult, dat rood staan ook schuld is en dat je ook zelf meebetaalt aan je ziektekostenverzekering. Je kunt het ze soms bijna niet kwalijk nemen dat het mis gaat. Als je als scholier al genoeg geld hebt om dure spullen voor jezelf te kopen, je ouders je geld toestoppen en je wordt verleid door reclames waarin alles betaalbaar lijkt.'' Jongeren leren dan niet om verlangens uit te stellen. ,,Jongeren sparen alleen nog achteraf'', grinnikt Wilmink. ,,Eerst kopen en dan de schulden afbetalen.''

Van den Bichelaer vindt dat de landelijke overheid een taak laat liggen. ,,Wij zijn nog van de generatie van de Zilvervloot, de overheid ondersteunde spaargedrag nog. Dat bestaat allemaal niet meer. Jongeren sparen nauwelijks. Om de huur te kunnen betalen, lenen ze of gaan ze rood staan en zo gaat dat door. Dan is het al gauw niet meer te bolwerken met een jeugdsalarisje.''

Jongeren die zich aanmelden voor schuldhulpverlening – een vrijwillige zaak – komen terecht in het zogeheten minnelijke traject. De kredietbank berekent hoeveel de schuldenaar kan aflossen per maand. Dat bedrag wordt berekend over een periode van drie jaar en gedeeld door het aantal schuldeisers. Als die akkoord gaan met het bedrag (vaak minder dan 5 procent van de eigenlijke claim) is de schuldenaar na drie jaar schuldenvrij. ,,Schuldeisers zijn echter bij jongeren vaak niet soepel en verwerpen het voorstel'', is de ervaring van Van den Bichelaer. ,,Ze redeneren dat jongeren veel langer de tijd hebben om hun schuld terug te betalen. Slechts een op de vijf voorstellen van jongeren wordt geaccepteerd.''

En dat is heel jammer, vindt Van den Bichelaer. In het minnelijke traject is het volgens haar nog mogelijk iets aan opvoeding te doen. ,,Niet alleen maar schuld saneren, maar ook echt helpen, jongeren leren anders met geld om te gaan. Dat kan alleen als maatschappelijk werk, gemeente en kredietbank goed met elkaar samenwerken in integrale schuldhulpverlening. Dat zou veel meer moeten gebeuren.''

Als het minnelijke traject mislukt, kan de schuldenaar dankzij de wet schuldsanering natuurlijke personen (WSNP) via de rechter acceptatie afdwingen. Maar dan is er geen ruimte meer voor een integrale aanpak. De jongere wordt onder curatele van een bewindvoerder gesteld, mag zijn eigen post niet meer openen en ziet zijn naam afgedrukt in de krant. Justitie voelt zich niet verantwoordelijk voor de begeleiding en opvoeding van jongeren met schulden. In het wettelijke traject is geen aandacht voor hulpverlening. Van den Bichelaer: ,,Dat kan heel vervelende gevolgen hebben, we zien helaas veel jongeren afglijden naar het zwarte circuit om aan geld te komen.''

Belangrijk ook vindt Van den Bichelaer preventie van schulden. Ze noemt goede voorbeelden van gemeenten die nieuwe uitkeringstrekkers uitnodigen voor een cursus `omgaan met je inkomen'. In Enschede kreeg iedereen onder de 25 jaar een huuradviesgesprek bij de inschrijving voor een huurwoning. Aan de hand van een analyse van inkomsten en uitgaven komt er wel of geen groen licht voor een woningtoewijzing. ,,Dat klinkt misschien betuttelend, maar is hard nodig. Het scheelt de jongere veel problemen, maar de maatschappij ook hoge kosten die schuldhulpverlening en bijvoorbeeld uithuiszetting met zich meebrengen.''

Ook ziet het platform wel iets in een televisiesoap over omgaan met geld. Van den Bichelaer: ,,Jongeren kijken veel tv en zijn gevoelig voor boodschappen op de buis. Als je bedenkt dat aan commercials voor leningen in 2003 ruim 40 miljoen euro is uitgegeven, zou het niet gek zijn daar een ander geluid tegenover te zetten. Schuld is misschien wel het laatste taboe in onze cultuur. Het is veel stoerder om het er niet over te hebben. Pas de laatste jaren zijn er cijfers en krijgen we zicht op de omvang van het probleem. Maar het is toch te gek dat kinderen helemaal niet op school leren hoe ze met geld moeten omgaan?''

Meer informatie:

www.schulden.nl

www.geldwijs.nl

www.jongerenloket.szw.nl

www.jeugd-en-geld.nl

www.nibud.nl