Hollands Dagboek

In de week dat minister Donner (Justitie) bekend- maakte dat hij meer- manscellen gaat invoeren in gevangenissen, liet LPF-Kamerlid Joost Eerdmans (33) zich vrijwillig insluiten. Hij zat zeven dagen in een Huis van Bewaring met een radicaal-islamitische celgenoot. `Hoe kan ik de tuinman van Mat Herben worden?'

Vrijdag 9 januari

Bert, mijn medewerker, haalt me om 12.00 uur thuis op. Mijn vriendin Femke komt speciaal van werk thuis om me vaarwel te zeggen. Maandenlang heb ik met minister Donner van Justitie onderhandeld over de vraag of ik me mocht laten opsluiten met een andere gevangene op één cel. Zelf ben ik een groot voorstander van meermanscellen. Hoewel ik uitgebreide voorbereidende gesprekken op het departement heb gevoerd, maak ik mij op bepaalde punten wel zorgen over mijn experiment. Met wie word ik opgesloten? Hoe zullen de andere gevangenen op mij reageren? En hoe reageer ik zélf op het leven in een ruimte van 2 bij 4,5 meter met een deur en een raam die niet open kunnen?

Ik neem afscheid van Femke en we rijden richting Nieuwegein. Als we de penitentiaire inrichting vanaf de A12 zien liggen, stijgt de spanning: het gaat gebeuren! Vanaf nu word ik behandeld als elke gevangene. Ik ben er klaar voor. Bert maakt de laatste foto's als ik word gefouilleerd en word afgevoerd in de geblindeerde arrestantenbus waarin de hit `Binnen' van Marco Borsato door de luidspreker klinkt. We arriveren bij een soort badhuis (visitatieafdeling) waar ik me moet uitkleden en lijfelijk wordt onderzocht. Vervolgens mag ik me douchen. Ondertussen is mijn bagage doorzocht en verdwenen in een oranje AH-tas. Tijdschriften en ook mijn twee boeken mogen helaas niet mee op cel, maar de twee puzzelboekjes wel gelukkig. Daarna word ik naar mijn cel gebracht die ik deel met `Abdul'. Ik gebruik in dit dagboek door mij verzonnen namen, om de privacy van de gevangenen niet aan te tasten. Hij (geboren uit Marokkaanse ouders) zit vast sinds december voor diefstal maar legt me direct uitvoerig uit dat hij onschuldig is. Abdul is zelf geboren in Nederland, intelligent, was begonnen met een studie en had werk. Hij vreest nu voor verlenging van zijn voorarrest met 30 dagen waardoor zijn studie in gevaar kan komen. We kijken tv (we hebben samen één televisie, helaas zonder teletekst). Om 19.00 uur gaat de celdeur open voor een uurtje recreatie binnen. Dat betekent de eerste ontmoeting met mijn afdelingsgenoten, die met name pingpongen, tafelvoetballen en sigaretten roken. Ik ontmoet `Gerard', een van moord verdachte gedetineerde die bij mij op de ring zit. Hij zit al 17 maanden te wachten omdat hij tegen zijn vonnis in cassatie is gegaan bij de Hoge Raad. Zijn advocaat en hijzelf vinden dat er door de politie ongeoorloofde druk is uitgeoefend op de getuigen en dat de getuigen liegen. Hij vraagt me of ik zijn dossier wil bekijken en met een dikke envelop loop ik terug naar de cel. Hij heeft een hoge status op de afdeling, want hij mag de afdeling schoonhouden. Een erebaan. De avond gaat voorbij met lezen in het vonnis en praten met Abdul over Pim Fortuyn en de regels in de bajes. We kijken naar het journaal en om 23.30 uur doen we het licht uit.

Zaterdag

Rinkelende sleutels in nabijgelegen celdeuren wekken me. Ik heb tot mijn eigen verbazing goed geslapen. Tussen de rest van de cel en de wc, met daartegenover een minuscuul wasbakje, hangt een gordijn. Iedere ochtend om 7.00 uur worden de celdeuren opengezet om iedereen de gelegenheid te geven te douchen. Terwijl ik mezelf was in de cel, maakt Abdul van die gelegenheid gebruik om een praatje met medegedetineerden te maken. Ik heb een welkomstpakketje met koffie, zeep, suiker en jam gekregen.

We mogen luchten en Gerard vraagt of ik zijn dossier al heb gelezen. Iedereen loopt achter elkaar zijn rondjes over de hoog ommuurde binnenplaats en ik loop m'n rondje met Gerard. Terug op cel de warme maaltijd om 12.00 uur, ik denk met weemoed terug aan de warme maaltijden bij mijn ouders thuis, tussen de middag in Harderwijk. Het gevangeniseten smaakt me prima. Abdul bidt zoals elke dag vijfmaal tot Allah, knielend op zijn handdoek, gezicht gericht naar Mekka. In de middag weer recreatie. Een aantal jongens mag voetballen. Ik raak tijdens het pingpongen in gesprek met Chris en Louis die elkaar al kenden van voor de bajes. Het zijn ex-drugsgebruikers en veelplegers van diefstal en (auto-)kraken. Louis vertelt hoe hij met 16 Nike-jassen de Bijenkorf in Utrecht uitliep en daarna 6 beamers uit de Kijkshop jatte en hoe vréselijk gemakkelijk dat ging. Hij kent alle diefstalcodes uit zijn hoofd. Als er wordt omgeroepen `Kassa 13' (Blokker) of `204 Pielemans' (V&D), dan weet hij dat hij zich uit de voeten moet maken. De jongere supermarktdief Chris luistert aandachtig. Zei Pim Fortuyn niet al: de gevangenis is een universiteit voor criminelen? Beiden verklaren volmondig dat zij hun criminele activiteiten zullen voortzetten na detentie. Drie uur, na een kort telefoontje met het thuisfront, weer achter de deur. Om 15.30 uur word ik opgehaald voor een intake met alle nieuwkomers. We krijgen het weekprogramma uitgelegd. Blokgenoot `Khalid' trakteert me daarna op zelfgemaakte macaroni die heerlijk smaakt. Hij wil dolgraag werk na zijn gevangenschap en vraagt me of hij de tuinman van Mat Herben kan worden. Ik zeg dat ik zal kijken wat ik kan doen. Dan volgt de langste periode aaneengesloten op cel: van 15.00 uur tot morgenochtend 9.00 uur, ai. 's Avonds krijg ik een pittige discussie met Abdul over de islam. Hij blijkt een nogal radicale opvatting te hebben: de criminaliteit onder Marokkanen is de schuld van het westen, overspelige vrouwen moeten gestenigd worden, de burqa is er om de vrouw te beschermen tegen de man en Palestijnse zelfmoordterroristen zijn `moedig'. Hij vindt de islam `allesbetekenend' en de scheiding tussen kerk en staat onmogelijk. Voor een 19-jarige in Nederland geboren Marokkaan (met een Marokkaans paspoort) verkondigt hij vergaande standpunten en dat zeg ik hem. Grappig genoeg zetten we de tv hierna aan en zien de Marokkaanse cabaretier Najib Amhali waar we beiden om moeten lachen.

Zondag

9.15 uur luchten en daarna mijn eerste kerkdienst achter slot en grendel. Een katholieke mis, samen zingen we liederen en gaan ter communie. Na afloop bij de koffie praat ik met een vrijwilligster die niet in de gaten heeft dat ik geen echte gevangene ben. Na afloop wenst ook de pater mij `sterkte'. Terug op cel speel ik een potje `Mens erger je niet' met Abdul. De recreatie gebruik ik voor een potje schaken tegen Gerard dat ik verlies. Khalid bezorgt me opnieuw een bak heerlijke macaroni, het leven is goed in de bajes! Mij valt hier op dat alle gevangenen goed te spreken zijn over het regime. Ze maken zich wel grote zorgen over hun tijd na de bajes. Een aantal heeft haat ontwikkeld tegen de overheid. Ik vraag me af of we hier geen tikkende tijdbommen creëren. Vier jongens willen mij na hun straf in de Kamer opzoeken, lijkt me bijzonder. 's Avonds kijk ik met Abdul de finale van Embassy Darts op tv. De tijd kruipt.

Maandag

Om 7.30 uur gewekt. Douchen en om 8.00 uur naar de arbeid. Van mijn blok is alleen Jan er. Het werk: Gamma-verfpakketten inpakken. Dom werk dus en niet verplicht. Per uur verdien je er 0,65 eurocent mee, wellicht is dat de reden dat meer dan de helft van de gevangenen vooral staat te lummelen. Werk waar wat meer hersenen bij gebruikt worden lijkt mij beter. De gevangenen die ik spreek zijn immers beslist niet dom. En waarom geen loon naar prestatie? Ik ontvang een paar cynische opmerkingen over mijn aanwezigheid in de bajes. ,,Je staat aan de verkeerde kant, ik vertel jou niks'' en: ,,Jij bent ziek in je hoofd dat je hier vrijwillig bent''. Ben blij als het 12.00 uur is en we mogen teruglopen naar de cel. Warm eten en cel schoonmaken. Ik vraag per brief om mijn bij binnenkomst inbeslaggenomen boek van Giphart. Het puzzelen begint me onderhand te vervelen. Uurtje fitness en hierna luchten. Khalid krijgt een sanctie omdat hij te lang bij het buitenraam van de werkzaal blijft hangen; hij kan weer naar binnen. Er wordt een longfoto van me gemaakt zoals bij alle binnenkomende gedetineerden. Terug op cel kook ik een eitje in het koffieapparaat (geleerd van Jan). Om 19.00 uur recreatie. Ik hoor dat ik mijn boek niet krijg, reden onbekend. Bij de post veel leuke kaarten van familie en collega's. Vanaf 20.00 uur gaat de celdeur weer achter me dicht.

Dinsdag

Nu zit ik op tweederde van mijn detentie, dus als voor mij ook de standaard vervroegde invrijheidsstelling zou gelden was ik vandaag al vrij man! Ik slaap wat langer, want sla het uurtje fitness over. Cel gedweild terwijl Abdul met de imam praat. Luchten en spruitjes met aardappels op de cel. Dan het wekelijkse bezoekuur, ik kijk er de hele week al naar uit. Mijn vader, zus Lineke en Femke staan achter de gevangenismuur al te zwaaien. Het uur praten we in no time vol. Zij zijn stevig gefouilleerd, maar ik mag op de terugweg weer geheel uit de kleren. Dat is standaard ter voorkoming van drugssmokkel. Na opnieuw driemaal hurken heb ik het nu wel gezien. Gamma-pakketten inpakken en vanaf 17.00 uur weer achter de deur. Gelukkig heb ik post te lezen, er zijn briefkaarten en m'n kranten van gisteren zijn gearriveerd.

Woensdag

Half 8 persoonlijke verzorging, Abdul gaat naar de arbeid, ik niet, want mijn zaal is vandaag gesloten. Ik sta op, neem een douche, eet een boterham met suiker en zet koffie. Alleen op de cel gaat de tijd nog langzamer. Het is net schoonmaaktijd als er alarm gegeven wordt: alle bewaarders rennen schreeuwend naar de uitgang en wij als gevangenen worden spoorslags weer opgesloten. Er blijkt ergens een calamiteit te zijn. Snel daarna gaat de celdeur weer open. Tijdens het schoonmaken van de cellen spreek ik een Engelse gedetineerde die wegens drugssmokkel vastzit. Vergeleken met de Britse cel is dit huis van bewaring een hotel, zegt hij. Luchtuurtje van 15.45-16.45 uur en daarna tot zeven uur achter de deur. M'n laatste recreatieuur gebruik ik voor het afscheid van mijn medegevangenen. Hoe raar dat misschien ook klinkt: je bouwt een bepaalde band op met elkaar.

Donderdag 15 januari

Om 7.00 uur persoonlijke verzorging. Een half uur later staat een directielid voor de deur om mij op te halen. Bij hoge uitzondering wordt er een foto met mij voor de celdeur gemaakt. Ik heb uitgerekend dat ik deze week in totaal 105 uur achter de deur heb doorgebracht. Dan ga ik via de visitatieafdeling, waar ik mijn geld, sleutels, boeken en mobieltje weer terugkrijg, naar de kamer van directeur Ter Beek voor mijn exit-gesprek. Ook unitdirecteur Seulijn en mevrouw De Reuver en de heer Moonen van het ministerie van Justitie zijn aanwezig. Iedereen lijkt tevreden over het geslaagde experiment. Men feliciteert mij dat ik het heb volgehouden, sommigen hadden er vooraf een hard hoofd in. Ik krijg tot mijn verrassing een horloge en een ultraklein gevangeniskoffertje van de directeur overhandigd, gevolgd door mijn ontslagbrief. Van Justitie krijg ik het boek Hotel Prison van Jan de Cock. Daarna loop ik met mijn weekendtas door de gigantische gevangenissluis mijn vrijheid tegemoet. Aan de andere kant staan ambtelijk secretaris Jaco van Duijn, fractiemedewerker Erik Schreijen en Bert mij lachend op te wachten. De aanwezige pers maakt foto's en vraagt naar mijn ervaring. Mijn eerste reactie: ik ben blij dat het erop zit, het was geen makkie. Maar mijn ervaring heeft me gestrekt in de opvatting dat meer personen op één cel een adequate oplossing is voor ons veiligheidsprobleem. Vastzitten met Abdul op een cel heb ik niet als onaangenaam ervaren. Het was geven en nemen. Ten aanzien van het mogelijke strijdpunt, de tv, toonde Abdul zich erg inschikkelijk. Hij vond het prima om met mij mee te kijken. Af en toe gaf hij te kennen een Arabische film te willen. En omdat ik die toch niet kon volgen, had ik een prima gelegenheid dit dagboek te schrijven.