Vergeefs terug naar Kaapstad

Meer dan vijftig jaar na de eerste roman over haar jeugd in Rhodesië, en meer dan veertig na The Golden Notebook, heeft Doris Lessing nog altijd verhalen te vertellen die tot de verbeelding spreken. Er zijn er vier bijeengebracht in The Grandmothers, genoemd naar de titel van de eerste van de vier `short novels' zoals zij ze noemt.

Het gegeven van het titelverhaal lijkt een onwaarschijnlijk verzinsel: de zoons van twee vriendinnen worden op hun twintigste de minnaars van elkaars moeder; zij houden het tien jaar vol en laten zich dan onder protest wegsturen om te trouwen met leeftijdgenoten; na enige jaren gaat het weer mis, dat wil zeggen het was eigenlijk nog niet over.

Zullen wij dat onwaarschijnlijk noemen, of bedenken dat er veel gekkere dingen zijn gebeurd in de geschiedenis? Liever het laatste. De moeders zijn begeerlijke vrouwen, naar hun toon te oordelen; de zoons zijn gezonde jongens, goed in het openrukken van slaapkamerdeuren; en de geschiedenis speelt zich grotendeels af bij de kust, met zilte lucht en strandtafrelen. Voor de duur van het verhaal is er niets tegen in te brengen. En als na afloop het kribbige ongeloof toch weer zijn tegenstem laat horen, overstemt die niet de samenklank van begeerte en emotie en rebellie die iedereen net als Lessings figuren wel eens beleefd heeft – of bijna.

Het is een intuïtief stuk werk, dat inzichten biedt om te memoriseren, zoals in het begrip voor Tom, een van de twee jongemannen, die zich ongelukkig voelt en dat niet begrijpt, want het is hem nog nooit gebeurd: zoals mensen die nooit ziek zijn zich soms bedreigd en beschaamd en bang voelen wanneer het hun overkomt, zo is hij in emotioneel opzicht – `He did not recognize the pain for what it was.'

De tweede short novel heeft eerder de vorm van kroniek dan drama. Een sobere vertelling; over een zwart meisje in Londen dat moederloos opgroeit, een kind krijgt van een heel fatsoenlijke blanke man en dan toch weer een eenzame moeder wordt. En dan volgt het verhaal `The Reason for It', dat herinneringen oproept aan een paar onverteerbare romans van Lessing die twintig jaar geleden verschenen. Die speelden in de ruimte van het heelal, in een onbepaalbare tijd. Al speelt dit derde verhaal op aarde, het is even onbepaalbaar, op een abstracte plaats waar abstracte personen leven. Hoofdmotief is de opkomst en het verval van beschavingen; heel plausibel, heel stijf en heel kleurloos.

Maar de vierde van de korte romans maakt alles meer dan goed. Die heeft ook de grondslag van kroniek; de schildering van het leven van een jongen uit de bescheiden `middle class', James, vanaf de late jaren dertig wanneer hij net van school af is, door de oorlog heen wanneer hij met zijn regiment naar India verscheept wordt, tot een aantal jaren na zijn terugkeer. Het verhaal van zijn leven vlak voor en na 1939 neemt de aandacht al in een stevige greep; het wordt gevolgd door de benauwenis van de reis van vijfduizend soldaten op een schip dat gebouwd is voor zevenhonderd passagiers door de tropische hitte naar Kaapstad; daarna beleeft James een leerzame meer dan een gevaarlijke tijd in India waar hij de laat-koloniale verhoudingen leert kennen.

Het drama wordt in de kroniek gebracht door een liefde van James in Kaapstad waar de troepen drie dagen tot zichzelf mogen komen. Een vrouw van hetzelfde type als de grootmoeders uit het titelverhaal, alleen jonger, geeft een ontvangst voor militairen en zwicht voor James' zwaar opgeladen libido; na drie nachten komt hij maar net op tijd terug aan boord.

Doris Lessing maakt daar een geschiedenis van die gloeit van kleur en van hartstocht, en met het vertrek van het schip is het niet afgelopen. James kan geen contact meer krijgen met de vrouw die vooral bij haar man wil blijven; wél hoort hij dat zij een kind heeft gebaard negen maanden na zijn bezoek. Twee keer gaat hij terug naar Kaapstad, als hij zelf ook al getrouwd is, om de zoon te zien die best van hem zou kunnen zijn.

Het lukt niet. Het laatste wat wij van hem horen zijn de woorden die door zijn gedachten gaan als hij in bed ligt kort voor zijn vertrek. Afzonderlijk geciteerd zouden die weinig indruk maken; aan het eind van dit verhaal klinken zij als een gongslag.

Doris Lessing: The Grandmothers. Flamingo, 311 blz. €24.95. De Nederlandse vertaling verschijnt in mei bij Prometheus.