Stropen maakt kust tot dodenakker

Met de gangsters van de Kaapse Vlakte is de oorlog naar de kust gekomen. Zuid-Afrikaanse stropers maken jacht op zeeoor voor de Chinese maffia. Met verwoestend effect.

In het huisje dat in Hawston bekendstaat als `de vishandel van Oom Jan', doet Frida open. Met een schuchter lachje op een tandeloze mond verontschuldigt ze zich voor de nachtjapon. Het is nog vroeg. ,,Maar Jan is al op zee'', slist ze en wijst over de felgekleurde daken van het vissersdorpje naar de oceaan. Jan is altijd op zee.

Het huis, het houten balkon, de hangplanten waartussen de parkiet ,,Frida'' piept, hun hele bestaan danken ze aan De Oceaan. Het kolkende water is zelfs in blauw op de keukenmuren geverfd, samen met het strand, de witte huisjes en de houten boten, precies zoals ze verderop in de haven van het dorpje dobberen. ,,De zee is goed voor ons geweest,'' zegt Frida. ,,Maar nu maakt hij ons allemaal kapot.''

Het is het schelpdiertje dat aan deze rotskust honderdvijftig kilometer ten oosten van Kaapstad groeit, dat Hawston de laatste jaren langzaam heeft vergiftigd. De Afrikaners noemen de reusachtige zeeslak perlemoen, de Engelsen abalone, en voor Nederlandse vissers is het zeeoor. Slap als snot van binnen, hard als steen van buiten.

Inktvis en krab smaken beter, vinden Zuid-Afrikanen. Maar in China en Japan wordt zeeoor alleen op de chicste feesten geserveerd. Daar is het met tachtig Amerikaanse dollars per kilo meer waard dan kaviaar.

Het grote stropen moet twee jaar geleden zijn begonnen, zegt Frida, de benen wijd op de bank zodat de buik wat makkelijker kan ademen. De prijzen van de perlemoen voor de export naar Azië verdubbelden toen bijna elke maand. Voor het eerst verschenen er speedboten in de haven. Timmerlieden, tuinmannen, iedereen nam ontslag en ging de zee op met snorkel en zakmes.

Auto's met grote banden en geblindeerde ramen rijden er ineens door het dorp, met nummerborden uit Kaapstad. De gangsters van de Kaapse Vlakte hebben de waarde van Hawstons zeeoren ook ontdekt en kopen er massaal de huizen op. Frida schuift het gordijn opzij en wijst naar de villa aan de weg naar de haven. Ernie 'Lastig' Solomons woont er nu, vermeende drugshandelaar, vermeende wapensmokkelaar en `koning van de perlemoen' zoals ze hem in Hawston noemen.

Met Ernie Lastig is de oorlog naar de kust gekomen. Politiebureaus zijn in vlammen opgegaan. Vissers neergestoken. Agenten gestenigd. De 28's, de Naughty Angels en de gangsters van Mount Pleasant vechten nog bijna elk weekend om de macht onder de zeespiegel. Vijf maanden geleden sneuvelde Ernie Lastigs oudste zoon in een kogelregen. Wraak raakt in Hawston meestal de naaste familie, zelden de gangsters zelf.

Duiken naar de schelpdieren die aan de rotsen groeien, is slechts toegestaan volgens strikte quota. Het schelpdier moet ten minste acht jaar oud zijn voor hij mag worden gevangen, om de voortplanting van de zeeoor-kolonies niet in gevaar te brengen. Stropers letten daar niet op. Alleen de kilo's tellen.

Pas de laatste maanden is duidelijk geworden dat het hard is gegaan met de stroperij. Oom Jan die volgens Frida al 32 jaar legaal naar perlemoen vist, komt steeds vaker thuis met lege handen. Net als de stropers. De kust voor Hawston, ooit zwanger van de zeeoor, is een dodenakker geworden.

In het kantoorgebouw van het Marine Coastal Management (MCM) in Kaapstad, uitzicht op de haven, rekenen ze uit hoe hard het is gegaan. De computer kan alleen de statistieken laten zien van de in beslag genomen perlemoen. In het laatst geregistreerde jaar, 2002, pieken de aantallen dramatisch: 800.000 kilo zeeoor onderschepte de politie, ruim acht keer zoveel als vijf jaar geleden. De optimistische schatting is dat een derde van de gestroopte perlemoen, wordt onderschept.

,,Ik geef de streek nog twee jaar, en dan kunnen ze hier de boel sluiten'', zegt Marcel Kroese van MCM. Aan de westkust van de Verenigde Staten en Canada is zeeoor al zo goed als uitgestorven. In Australië en Nieuw-Zeeland gaat het dezelfde kant op.

Pas begin jaren negentig is de perlemoen interessant voor de misdaadsyndicaten in Zuid-Afrika geworden. Pas toen kwamen de Chinezen. Het apartheidsregime achtte de Aziaten veertig jaar lang niet blank genoeg voor immigratie. Niet meer dan tienduizend werden er voor de eerste democratische verkiezingen toegelaten, als goedkope en ijverige arbeidskrachten.

De afgelopen tien jaar zijn naar schatting honderdduizend Chinezen legaal naar Zuid-Afrika gemigreerd. En nog eens honderdduizend illegaal. Met de grote stroom nieuwe migranten kwam de Chinese maffia in het kielzog mee, zegt Peter Gastrow van het Institute for Security Studies in Kaapstad. Hun specialisatie: haaienvinnen, ivoor en perlemoen. ,,Perlemoen is het smeermiddel geworden voor de Chinese drugshandel. Ze betalen er hun deals mee.'' De Chinezen zelf duiken nooit. In Zuid-Afrika kunnen ze putten uit een oneindig arsenaal aan willige stromannen: Kaapse gangsters en corrupte politiemannen.

Op de asfaltweg tussen Hawston en Bettiesbaai stampt David Nel zijn rechtervoet op het gaspedaal. De pick-up is eigenlijk te traag voor dit werk, vindt Nel, en trekt ongeduldig aan het stuur. Alsof de wagen daardoor harder gaat. Sinds vier maanden patrouilleert hij voor de gemeente tot diep in de nacht langs de stranden, op zoek naar perlemoenstropers.

De dag ervoor vielen er nog schoten op het strand, tussen de politie en vluchtende stropers. Eén agent ligt nog in het ziekenhuis. Daarom rijdt `Willemse' meestal mee, met zijn oude karabijn. Jammer dat `Willemse' net koffie staat te drinken bij de observatiepost aan het begin van de strandweg, als een Volkswagen Jetta met brullende motor de pick-up voorbijschiet. ,,Stropers'', sist Nel en zet het zwaailicht aan. Hij telt vier koppen in de auto. Vier tegen twee. ,,En nu maar hopen dat ze ongewapend zijn.''

De jongens stappen in trainingsbroek uit de Jetta, als konijnen gevangen in het scherpe licht van de koplampen. Het lachje van Nel klinkt nerveuzer dan van de jongen die achter het stuur vandaan stapt. ,,Stropers hebben altijd haast'', grinnikt hij. Hij stelt zich voor als Cheslin. Cheslin heeft geen voortanden. Drie jaar jaagt hij nu op de perlemoen, zegt hij zonder schroom. Hij tikt trots op de achterbak van de Jetta. Drie geweldige jaren waren het. ,,Waar had ik die auto anders mee verdiend? Er is hier geen werk.''

Als de achterklep opengaat, zet agent Nel zijn gezicht op `pech'. Geen perlemoen. Geen heterdaad. Geen arrestatie. De Zuid-Afrikaanse wetgever heeft straffen voor de illegale jacht op zeeoor het afgelopen jaar aanzienlijk verhoogd. De geldboete is vertwintigvoudigd, tot 800.000 rand (100.000 euro). De maximum gevangenisstraf is nu drie jaar.

,,Maar het helpt niet'', zegt Nel. De stropers langs de kust van de West-Kaap werken te vernuftig. Aan iedere operatie doen twintig tot vijftig gangsters mee, opgesplitst in vier groepen. Duikers, lopers, rijders en kopers. De duikers schrapen de zeeoor van de rotsen, meestal op klaarlichte dag. De buit verbergen ze in plastic zakken onder de stenen in de branding. Met mobiele telefoons, verpakt in condooms, staan ze onder water in contact met de lopers. Zij kunnen waarschuwen voor politie en pikken de plastic zakken op, die de rijders daarna naar de kopers brengen. Kans op een succesvolle arrestatie en veroordeling: minder dan vijf procent.

Het antwoord van de Zuid-Afrikaanse regering heet Operatie Neptunes. Met vliegtuigen, helikopters en pantserwagens moeten de stropers uit de West-Kaap worden verdreven. De Operatie mag miljoenen kosten. Zelfs de anti-corruptie brigade De Schorpioenen, paradepaardje van president Mbeki, is bij de operatie betrokken.

,,Maar Operatie Neptunes komt tien jaar te laat'', zucht Mike Tannett, vrijwilliger van de milieugroep SeaWatch. Het terras van zijn huis in Bettiesbaai eindigt in het speeksel van de oceaan. Op het rotspad langs de zee sloeg anderhalf jaar geleden een stroper met een steen de voortanden uit de mond van zijn vrouw. Had ze haar mond maar moeten houden over de tas vol perlemoen.

Vijfennegentig procent van de zeeoor voor de kust van Bettiesbaai is de laatste jaren weggesneden. Voor de perlemoen is het al te laat. ,,Een beetje stropers narren is alles wat ons nog rest.''