Guatemala moet afrekenen met verleden

De nieuwe president van Guatemala belooft banen en een eind aan armoede en corruptie. Maar voor hij hier aan kan beginnen, zal hij zich eerst moeten bezighouden met het bloedige verleden.

Op zijn eerste hele werkdag ging Oscar Berger, de nieuwe president van Guatemala, gisteren voortvarend te werk. Hij gaf opdracht tot een onderzoek naar mogelijke fraude en verrijking door de vorige regering om zo snel mogelijk ,,die corrupte functionarissen die zich aan staatsgelden hebben geholpen te bestraffen''.

De eerste toezegging uit zijn inauguratie-toespraak van woensdag lijkt de voormalig burgemeester van Guatemala-Stad, die door 44 procent van de kiezers eind december werd gekozen tot president, daarmee waar te maken. Hij beloofde de 11,3 miljoen Guatemalteken, waarvan zestig procent in armoede leeft, een einde aan corruptie en armoede, en banen. ,,We gaan de productiviteit van dit land stimuleren zodat iedere Guatemalteek kan werken'', zo zei de president.

Voordat Berger de toekomst van de Guatemalteken kan verbeteren, zal Berger zich echter eerst met het bloedige verleden van Guatemala moeten bezighouden. Een van de kandidaten die hij versloeg tijdens de presidentsverkiezingen, oud-dictator Efrain Rios Montt, verloor met de installatie van het nieuwe kabinet zijn immuniteit. Hij is wegens genocide tijdens zijn anderhalf jaar durende regime (1981-1982) aangeklaagd in Guatemala zelf, in België en in Spanje. Een Spaanse rechter heeft inmiddels gezegd getuigen te zullen gaan horen.

Berger ontweek tot dusver herhaaldelijk vragen over hoe zijn regering met de berechting van oorlogsmisdadigers denkt om te gaan. In de zeven jaar sinds het einde van de 36-jaar durende burgeroorlog zijn slechts twee belangrijke mensenrechtenzaken geëindigd in een veroordeling, en dit na de intimidatie van en moord op rechters, advocaten en getuigen. Beide veroordelingen werden door hogere rechtbanken vernietigd.

De straffeloosheid die tot dusver voor oorlogsmisdadigers gold, werkt door bij andere categorieën criminelen. Mishandeling en intimidatie van rechters gebeurt zelfs bij zaken tegen kleine criminaliteit. Hoogste rechter Carlos Laríos Ochaita meldde eind vorig jaar dat 134 van de 734 rechters met de dood bedreigd zijn. Wie naar de politie stapt, neemt eveneens een risico. Vorig jaar zijn er ruim zeventig mensen gelyncht, volgens mensenrechtenorganisaties veelal omdat ze het waagden om aangifte te doen.

Lokale en internationale waarnemers zijn eensgezind in hun vermoeden dat de daders banden hebben met zowel regeringsfunctionarissen als de georganiseerde misdaad, die in Guatemala veelal zijn oorsprong heeft in de oorlog. Gewapende groepen van toen worden nu met drugshandel, ontvoeringen en smokkel in verband gebracht. De Verenigde Naties concludeerden vorig jaar: ,,Vredesprocessen hebben deze structuren of hun leden niet aangetast. Beschermd door straffeloosheid hebben ze zich hergegroepeerd en houden ze zich bezig met illegale praktijken.''

Bergers meest dringende opdracht is dan ook een einde te maken aan deze ondermijning van de rechtspraak, zeker als hij echt werk wil maken van de vervolging van corrupte regeringsfunctionarissen. De benoemingen van voormalig rechter Arturo Soto als minister van Binnenlandse Zaken, antropoloog en indianenkenner Víctor Montejo als minister van Vredeszaken, mensenrechtenactivist Frank LaRue als commissaris voor Mensenrechten en advocaat Mario Fuentes als commissaris belast met Staatshervorming, laten zien dat het hem ernst is.

Een eerste stap in de richting van het herstel van gerechtigheid is ook al gedaan. Guatemala richtte, met steun van de VN-missie MINUGUA, een commissie op die onderzoek zal doen naar gewapende groepen. Een door de Verenigde Naties aangewezen gevolmachtigde zal samen met de openbaar aanklager vervolging mogelijk moeten maken. Mensenrechtenorganisatie Human Rights Watch noemt de commissie ,,Guatemala's laatste en beste kans om gerechtigheid te herstellen''.

Berger zal de wet die deze commissie mogelijk maakt, nu nog door het parlement moeten loodsen. Het wordt een eerste test voor de man die nu nog als een besluiteloze en beïnvloedbare oud-burgemeester bekend staat. Berger is de eerste president die geen meerderheid in het parlement heeft. Zijn partij GANA, een coalitie van drie conservatieve partijen, heeft slechts 47 van de 159 zetels. GANA heeft een ,,regeringspact'' gesloten met alle andere grote partijen, met uitzondering van de vorige regeringspartij FRG van oud-president Portillo.

Over uitvoering van de vredesakkoorden die in 1996 werden gesloten, nationale verzoening en het vervolgen van corrupte regeringsfunctionarissen zijn de partijen het nog niet eens.