Extra rattenvangers, maar niet genoeg

Vangers van muskusratten hebben het drukker dan ooit. Toen het mond- en klauwzeer uitbrak, lag de vangst stil. De populatie nam snel toe. ,,We hebben meer gevangen dan ooit.''

In de Zuidplaspolder bij het Zuid-Hollandse Nieuwerkerk aan den IJssel steken hier en daar oranje stokjes boven de sloot uit. De houtjes markeren de klemmen onder water, bedoeld om muskusratten te doden. Rattenbestrijder Gerrit Schut speurt met een rugtas vol klemmen de oevers af naar sporen van muskusratten: afgeknaagde, drijvende grassprietjes en rietwortels.

Daar drijven wat losse grassprieten. De 55-jarige rattenvanger stapt met zijn lieslaarzen in de sloot en voelt met zijn voet of zich onder water de ingang van een hol van een muskusrat bevindt, een `bouw', zoals de vangers een hol noemen. Nee, dat blijkt niet het geval. ,,Dan zijn het smienten geweest'', zegt Schut, wijzend op de veertjes van een eend. Even later raapt Schut de schelp van een zoetwatermossel op, volgens hem ,,het enige dierlijke voedsel van de muskusrat'' dat bij de bestrijders bekend is.

Op de terugweg, aan de andere kant van de sloot, belandt hij bij een ingezakte bouw. Met zijn voet ontdekt de rattenvanger dat de ratten een ingang onder de oude bouw hebben gegraven. Schut pakt een paar armlange handschoenen en een lange stok met een haak op het eind. Hij steekt de zogeheten Ströberstok in de bouw om deze te checken op verse voedselresten. Schut haalt de verwachte gras- en rietresten uit het hol en spant een klem voor de ingang.

Het is tijd om de gevangen muskusratten op te halen uit de klemmen die gisteren geplaatst zijn. Bij de derde is het raak, een flinke muskusrat. De klem zit vast om de kop, zijn bek staat open. ,,Als je een beest doodt, moet je het goed doen, op een humane manier'', zegt Schut. Niettemin werkt hij, net als zijn collega's, ook met kooien waarin de ratten verdrinken.

Het vangen van muskusratten is zwaar en arbeidsintensief. Schut vindt dat hij ,,het zwaarste beroep dat er is'' uitoefent. ,,Als je de natuur niet verschrikkelijk mooi vindt, houd je het niet vol'', zegt hij.

Van alle dieren in Nederland wordt de muskusrat (Ondatra zibethicus) het zwaarst bestreden. De reden is dat hij dijken en kades ondermijnt met zijn gangen en holen. Ook vormen de holen onzichtbare valkuilen voor mensen, vee en landbouwmachines. De muskusrat, afkomstig uit Zuid-Amerika, werd rond 1900 als `bisamrat' voor zijn bont gehouden, maar veel dieren zijn ontsnapt en losgelaten. Via Duitsland verscheen de muskusrat in de jaren dertig in Nederland. In 1970 werden de eerste in Zuid-Holland gevangen, waarna ze explosief in aantal zijn toegenomen. De muskusrat, zo genoemd naar een muskusklier in de anaalstreek, heeft in Nederland geen natuurlijke vijanden.

Bij boer H. Hoogendijk in Nieuwerkerk aan den IJssel worden per jaar zo'n tien muskusratten gedood. De helft neemt hij zelf voor zijn rekening. ,,Als ik de kans krijg, schiet ik ze dood met mijn jachtgeweer. Ze moeten allemaal weg, anders loop je het risico dat de dijk doorbreekt'', zegt Hoogendijk. De koeienhouder vindt dat er te weinig bestrijders zijn. En Hoogendijk woont nog ,,aan de goede kant van de IJssel''. Aan de overkant ligt de Krimpenerwaard, waar het volgens hem ,,pas echt dweilen is met de kraan open''. Vorig jaar werden er 43.000 ratten gevangen.

H. Hofstede, directeur van de Zuid-Hollandse Dienst Muskusrattenbestrijding, erkent het probleem. ,,Vorig jaar waren we met zes extra vangers actief. We hebben meer gevangen dan ooit. Maar we zien nog geen afname. Daarom voeren we de bestrijding nog verder op.''

Door de mond- en klauwzeercrisis in 2001 mochten de vangers een heel voorjaar het land niet op. Dat viel juist samen met de trek en de voortplantingsperiode. ,,We zitten nu nog met die erfenis. Het heeft wel een paar worpjes gescheeld. We konden niets doen'', zegt rattenbestrijder Schut.

De provincie Zuid-Holland stelt in de Krimpenerwaard nog tien extra rattenvangers aan, bovenop de 16 die daar op dit moment actief zijn. Maar dat is volgens de boeren niet genoeg. Namens een grote groep agrariërs wordt de provincie gedagvaard. ,,De provincie ontkent de schade niet, maar wel haar verantwoordelijkheid en dat is niet terecht'', zegt L. van Pelt, juridisch adviseur van de Westelijke Land en Tuinbouworganisatie (WLTO). Veetelers kunnen delen van hun weilanden niet gebruiken door ingezakte slootkanten. Eind januari worden boeren en de betrokken Zuid-Hollandse bestuurders gehoord in de rechtbank te Den Haag.

Volgens J. Gronouwe, coördinator van de Landelijke Coördinatie Commissie Muskusrattenbestrijding (LCCM), is het aantal gevangen muskusratten van 2001 tot 2002 gestegen van 299.000 tot 363.000. De stijging doet zich in vrijwel heel Nederland voor als gevolg van het inzetten van meer vangers. De LCCM schrijft in haar rapport echter ook dat zij, omdat de gemiddelde vangst per `veld-uur' ook is gestegen, ,,niet de indruk [heeft] dat de toename van de totale vangst het begin is van een verbetering''.

De toename heeft diverse oorzaken. De MKZ-crisis had in 2001 niet alleen de Krimpenerwaard, maar ook de rest van Nederland in haar greep. De zachte winters van de afgelopen jaren zorgden voor lange voortplantingsperiodes. En in april 2002 werd een nieuwe flora- en faunawet van kracht die het gebruik van vangmateriaal en het bestrijden in natuurgebieden beperkt.

Volgens de coördinator van de muskusrattenbestrijding in Drenthe en Overijssel, J. Gerkes, is de natuurontwikkeling in Nederland een ,,belangrijke oorzaak'' van de groei van het aantal muskusratten. ,,De vele natuurvriendelijke oevers bemoeilijken de vangst en muskusratten gedijen er juist goed'', aldus Gerkes. Verder hebben de oostelijke provincies veel last van `instroom' van muskusratten uit Duitsland, waar de muskusrat door de overheid niet meer bestreden wordt.

Sinds enige jaren neemt ook de beverrat in aantal toe in Nederland. De beverrat is zo groot als een bever en drie keer zo groot als een muskusrat. Vorig jaar werden 5.300 beverratten gevangen. De beverrat verspreidt zich snel en laat weinig sporen achter, waardoor het zoeken veel tijd kost.