Twee leden Rode Brigades alsnog opgepakt in Egypte

De Italiaanse en de Egyptische politie hebben gisteren op de luchthaven van Kaïro een lid van de terreurorganisatie Rode Brigades gearresteerd die in 1978 deelnam aan de ontvoering van en moord op de Italiaanse christen-democratische ex-premier Aldo Moro.

Het gaat om de bij verstek tot levenslang veroordeelde 46-jarige Rita Algranati. Ze was in het gezelschap van Maurizio Falessi (49), die voor zijn aandeel aan de terreur in de jaren zeventig en tachtig in Italië en het lidmaatschap van een verboden organisatie eveneens bij verstek is veroordeeld tot elf jaar gevangenisstraf.

De twee stapten in Kaïro over van een vliegtuig uit Algiers naar een toestel dat hen naar Libanon zou brengen. Volgens de officiële lezing zou de Egyptische politie hen hebben aangehouden omdat ze valse paspoorten bij zich hadden. Nadat de Egyptenaren de Italiaanse politie hadden gewaarschuwd zou zijn gebleken dat het om twee gezochte terroristen ging.

In Italië bestaat twijfel over deze verklaring omdat de Italiaanse geheime dienst al aanwezig was op het vliegveld van Kaïro. Verder is onverklaarbaar waarom de twee vanuit Algerije via Kaïro naar Libanon vlogen, terwijl er ook een directe verbinding is.

Algranati wordt beschouwd als één van de kopstukken van de Rode Brigades. Ze was onder andere betrokken bij de moorden op een rechter, een generaal en een politicus. Ook was ze betrokken bij de moord op ex-premier Aldo Moro, een misdaad die gegrift staat in het collectieve geheugen van de Italianen.

Moro werd op 16 maart 1978 ontvoerd en 55 dagen gevangengehouden, waarna hij in het centrum van Rome dood in de achterbak van een auto werd teruggevonden.

Algranati is getrouwd met Alessio Casimirri die net als Algranati zes keer tot levenslang is veroordeeld. Casimirri is de laatste voortvluchtige die betrokken was bij de moord op Moro. Van hem is bekend dat hij in Nicaragua leeft, twee restaurants heeft en onderwatervisser is.

De extreemlinkse Rode Brigades werden in 1969 opgericht en waren vooral actief in het noorden van Italië. Onder leider Renato Curcio was de groep in de jaren zeventig en tachtig verantwoordelijk voor vele moorden op en ontvoeringen van mensen uit de politieke, institutionele en zakenwereld. Deze periode staat in Italië bekend als de ,,jaren van het lood''. In 1976 werd Curcio gevangengenomen en tot 50 jaar gevangenisstraf veroordeeld. Daarna volgden nog vele andere arrestaties en veroordelingen.