...en geen cijfer-poeha

Soms zijn schokken nodig om aan ongunstige ontwikkelingen in één klap een einde te maken. De recente reeks boekhoudschandalen heeft ook de Nederlandse accountants aan het denken gezet. In vakbladen en op websites vindt een levendig debat plaats over de boekhoudfraudes bij Enron, Ahold, Parmalat en Adecco. Het is toe te juichen dat het Koninklijk Nederlands Instituut van Registeraccountants (NIVRA) met een oproep is gekomen om een eind te maken aan een ongunstige praktijk in de jaarverslagen van sommige Nederlandse ondernemingen die boekhoudkundige onhelderheid in de hand werkt.

De oproep van de accountants spreekt aan door zijn eenvoud. Ergens in de jaren negentig zijn de begrippen `nettowinst' en `nettoverlies' in menig Nederlands jaarverslag naar de achtergrond gedrongen. Ze verdwenen weliswaar niet, maar moesten hun prominente plaats afstaan aan onduidelijke termen als `ebitda' – afkorting van `earnings before interest, taxes, depreciation and amortization' – of afgeleiden hiervan als `ebitae', `eba', `ebi' en `ebita'. Deze geruisloze vervreemding viel niet toevallig samen met een periode van stormachtige groei in het bedrijfsleven. Ondernemingen kochten met geleend geld bedrijven in binnen- en buitenland waarop meteen afschrijvingen moesten worden gedaan. Ze groeiden spectaculair in omzet, maar lang niet altijd in winst. Om dat te verhullen verdween het begrip nettowinst en kwam `ebitda' in zwang. Als helder begrip is nettowinst onovertroffen. Het is het bedrag dat schoon overblijft als uitgaven zoals loon, belasting, premies en allerlei onkosten van de inkomsten zijn afgetrokken. `Ebitda' en zijn klonen laten minder duidelijk zien wat een onderneming per jaar uiteindelijk schoon in kas heeft zitten.

Het NIVRA heeft ontdekt dat in een aantal gevallen de jaarverslagen van Nederlandse ondernemingen niet voldoen aan de Nederlandse wet- en regelgeving. Zo maken de wettelijke voorschriften het in feite niet mogelijk om kunstmatige winstbegrippen als `ebita' en `ebitda' in de jaarrekening op te nemen. Het NIVRA dringt er nu bij zijn leden op aan om bij controles op de winst- en verliesrekening toe te zien op toepassing van de specifieke wet- en regelgeving. De registeraccountants pleiten voor het opnieuw centraal stellen van de voor iedereen te doorgronden begrippen nettowinst en -verlies.

Boekhouden is in essentie optellen en aftrekken. Dit nobele ambacht is in het afgelopen decennium te ingewikkeld gemaakt. Achter een façade van cijfer-poeha en nieuwe en vaak onbegrijpelijke termen die de resultaten moesten weergeven, voltrokken zich niet zelden duistere transacties. Een terugkeer naar transparantie is dringend gewenst. Het pleidooi van het NIVRA verdient daarom alle steun.