`De renners moeten meer voor elkaar over hebben'

Zeven jaar na zijn afscheid als renner keert Erik Breukink (39) terug in het wielerpeloton. Hij maakt dit seizoen zijn debuut als ploegleider van Rabobank. ,,Ik duik in het diepe, maar ben niet bang te verzuipen.''

Erik Breukink kwam tijd tekort het clubkostuum te passen. Toch oogde hij gisteren bij de ploegpresentatie van Rabobank weer als een ideale schoonzoon. De zoon van een Gazelle-directeur past bij het keurige karakter van zijn werkgever. Maar heeft hij ook het juiste karakter om met de vuist op tafel te slaan? Volgens de nieuwe directeur Theo de Rooij, die hem twee weken benaderde voor diens opvolging als ploegleider, hoeven de critici zich geen zorgen te maken. En de renners hebben ook vertrouwen. Een oud-kopman achter het stuur heeft meer te vertellen dan een ex-waterdrager, leert een oude wielerwet.

Je was een jaar pr-medewerker bij Rabo en vier jaar tv-commentator bij de NOS. Waarom blijf je niet in de luwte werken?

Breukink: ,,Mijn vrouw zei al: `het sporthart komt weer bovendrijven'. Ik heb even getwijfeld, Gea vond meteen dat ik het moest doen. Ze verdient een compliment. Gelukkig zijn onze kinderen wat ouder, anders had ik het nog niet geweten.''

Ben je eerder gevraagd voor zo'n functie?

,,Toen ik in 1997 net gestopt was, vroeg Johan Bruyneel (Belgische ploeggenoot bij Rabobank, red.) mij voor een assistentschap bij US Postal waar hij zelf ploegleider werd. Ik heb meteen `nee' gezegd. Ik wilde eerst meer afstand nemen. Als ik toen `ja' had gezegd, zou ik met Armstrong vijf Tourzeges hebben behaald.''

Je hebt met Post (Panasonic), Gisbers (PDM), Saiz (Once) en De Rooij (Rabo) vier ploegleiders meegemaakt. Wie was de ideale baas?

,,Moeilijk te zeggen. Ik heb van iedereen wel wat opgestoken. Misschien lijk ik nog wel 't meeste op Bruyneel. We hebben hetzelfde, rustige karakter. Toch ga ik niemand immiteren of copiëren. Ik doe het op mijn manier. Ik heb `nul' ervaring als ploegleider en word in het diepe gegooid. Maar ik ben niet bang te verzuipen. Ik moet komende week op trainingskamp in Italië eerst de renners goed leren kennen. Ik wil ze vooral vertrouwen geven.''

Rabobank heeft de afgelopen jaren miljoenen euro's geïnvesteerd, zonder al te veel rendement. Waar heeft het aan geschort?

,,Vorig jaar hebben ze in de Tour door de valpartij in de eerste etappe veel pech gehad. Meteen de kopman naar huis, ga er maar aan staan! Feit is wel, dat het in de klassiekers ook niet goed ging. Ik miste de aanvalslust die zo kenmerkend voor de ploeg is. Ze hadden ook te weinig voor elkaar over. En ze moeten meer in het teambelang denken. Het is geven en nemen in de wielersport. Met name Oscar Freire (vorig jaar als tweevoudig wereldkampioen voor veel geld aangetrokken, red.) viel tegen. Ik hoop hem met mijn kennis van de Spaanse taal én mentaliteit terug op zijn oude niveau te brengen. Hij voelde zich vorig jaar een beetje eenzaam in de ploeg. Spanjaarden worden thuis omringd door hun familie. Hij moet zich dus thuis gaan voelen bij ons.''

De Tour is commercieel gezien verreweg het interessantste, maar Rabobank ontbeert vanaf het begin een potentiële eindwinnaar. Zijn de investeringen in een podiumplaats het geld wel waard geweest?

,,De beleidsbepalers hebben ingezien dat een koerswijziging nodig is. Wij hebben geen renner als Armstrong om wie je een hele ploeg kunt bouwen. Bovendien moeten we de Nederlandse identiteit niet uit het oog verliezen. Voor een sterke Tourploeg kun je bijna alleen buitenlanders selecteren, maar dat wil de sponsor niet.''

Je reed als ronderenner nooit de klassiekers met wind, regen en kasseistroken. Kun je dan wel ploegleider zijn in Parijs-Roubaix en de Ronde van Vlaanderen?

,,We hebben al afgesproken dat Frans Maassen en Adri van Houwelingen (zijn assistenten, red.) daar in de volgwagen zullen zitten. Ik richt me meer op de voorbereidingskoersen van de Tour. Daar kan ik mijn kennis en ervaring overdragen.''

Je was in 1991 betrokken bij de Intralipid-affaire bij PDM en stond sindsdien heel afwijzend tegenover stimulerende middelen. Het fietsen is nog steeds besmeurd met doping. Waarom keer je terug naar het bevuilde nest?

,,Als iedereen zijn verantwoordelijkheid uit de weg gaat, stapt niemand meer in de wielersport. Het gevaar schuilt in renners die op hun eigen houtje gaan rommelen. Voor mij ligt de grens bij fair play en de gezondheid van de sporter. Wat als een renner per se acht uur in de sneeuw wil trainen? Dat kan ik hem niet verbieden. Met medicamenten is het niet anders. Ik heb het volste vertrouwen in onze ploegarts. Hij heeft een vertrouwelijke relatie met de renners. Ik sta daar buiten. Verder is de sponsor duidelijk. Als het mis (met doping, red.) gaat in teamverband, is het einde oefening.''