Veroordeeld voor redden van vijftien joden

Sinds 1 januari kunnen Zwitsers die vluchtelingen in de oorlog het land in smokkelden, en daar later voor werden veroordeeld, om eerherstel vragen.

Zeventien jaar was Aimée Stitelmann, toen ze eind 1942 haar leven riskeerde door twee joodse kinderen de Frans-Zwitserse grens over te smokkelen. Hella en Uriel moesten zo snel mogelijk weg uit Annemasse, waar de nazi's joden oppakte en op transport stelde. Aimée nam de kinderen mee naar het station, waar ze zich verborgen hielden tot ze ongezien de trein in konden en zich verstopten onder de bank. In Genève werd ze opgewacht door een man die de kinderen meenam en onderbracht bij verschillende families.

Aimée Stitelmann, zelf joodse maar beschermd door een Zwitsers paspoort, zat op school in Genève, haar ouders woonden in Lyon. Ze had behalve de Zwitserse ook de Franse nationaliteit. Vijftien joodse kinderen, meest wezen, wist ze tijdens de oorlog in Zwitserland in veiligheid te brengen. Ze werd op 11 juli 1945 door de Zwitserse autoriteiten gearresteerd en veroordeeld tot twintig dagen gevangenisstraf, omdat ze illegaal mensen over de grens had geholpen.

Gisteren was de inmiddels 79-jarige Aimée Stauffer-Stitelmann de eerste die gebruikmaakt van de rehabilitatieregeling die eind vorig jaar door het Zwitserse parlement werd ingesteld. Op een persconferentie vertelde ze dat ze eigenlijk niet van plan was om te vragen om eerherstel. Maar ,,met het oog op de toekomst'' liet ze zich overhalen. ,,Ik wil aandacht vragen voor het lijden van immigranten die nu hier zijn zonder papieren'', aldus Stauffer-Stitelmann, die na haar pensioen in 1987 hielp met het opzetten van een schooltje waar kinderen van illegalen Frans konden leren en die vorig jaar nog meeliep bij een demonstratie in Evian tegen globalisering.

De rehabilitatieregeling is ,,een deel van het onvoltooide oorlogsverleden van Zwitserland'', zegt Stefan Keller in The New York Times. Uit de beperkingen blijkt echter ook hoe gevoelig het onderwerp van het in de oorlog terugsturen van duizenden joden aan de grens nog steeds is. Het parlement wilde geen een algemene regeling. De helpers van vluchtelingen, of hun nabestaanden, moeten individueel een verzoek indienen dat vervolgens door de twaalf leden tellende parlementscommissie zorgvuldig wordt beoordeeld.

Stauffer-Stitelmann eist in haar verzoek dat de commissie het eerherstel in alle grote Geneefse kranten bekendmaakt. Het is de vraag of dat gebeurt. De regeling voorziet niet in een financiële of andere compensatie en beidt geen mogelijkheid voor hoger beroep. Onduidelijk is hoeveel verzoeken er zullen binnenkomen. De Paul Grüninger stichting – genoemd naar een politieman die 3.000 Oostenrijkse joden naar Zwitserland hielp vluchten en daarna werd ontslagen – heeft een lijst gemaakt met de namen van 26 personen die in aanmerking komen.