Landsverdediging bijzaak voor Bundeswehr

Het Duitse leger wordt drastisch gemoderniseerd. Bijna de helft van de strijdkrachten zal in de toekomst gereserveerd zijn voor inzet in het buitenland. Dat betekent een aanpassing aan de eisen van deze tijd. En het is bovendien veel goedkoper.

Inzetbaar in de hele wereld. Kleiner. En goedkoper. Met die blauwdruk in gedachten wil de Duitse minister van Defensie Peter Struck (SPD) de Duitse strijdkrachten tot 2010 ingrijpend hervormen.

,,De nieuwe koers is gericht op conflictpreventie, crisisbeheersing en bestrijding van internationaal terrorisme'', vatte Struck gisteren de nieuwe missie van de Bundeswehr samen.

Duitse soldaten worden ook nu al verspreid over de hele wereld ingezet. Op de Balkan, in Afrika en in Afghanistan. Maar het defensieapparaat is daar eigenlijk niet op ingesteld. Het belangrijkste product van de Bundeswehr is nog steeds landsverdediging, ook al is de vraag daarnaar sinds 1989 gestaag afgenomen. Met de opkomst van nieuwe bedreigingen en de keuze voor een zelfbewuster buitenlands beleid onder kanselier Schröder is tegelijk de vraag naar eenheden voor crisisinterventie en vredeshandhaving toegenomen – gespecialiseerde producten waar de Duitse defensiemammoet maar met moeite in kan voorzien.

Struck past daarom het productassortiment aan. Iets minder dan de helft van de strijdkrachten wordt in de toekomst structureel gereserveerd voor inzet in het buitenland, hetzij als interventietroepen, hetzij als vredeshandhavers. Struck wil de Duitse politiek een efficiënt apparaat ter beschikking stellen waarmee de sinds eind jaren negentig toegenomen buitenlandse ambities ook daadwerkelijk verwezenlijkt kunnen worden. Het leger volgt de nieuwe politiek.

De indeling van de Duitse strijdkrachten in landmacht, luchtmacht en marine blijft intact. Daarnaast wordt het hele apparaat in drie categorieën ingedeeld. Er moet een interventiemacht komen van 35.000 man, uitgerust met modern materieel en te rekruteren uit de diverse krijgsmachtonderdelen. Uit dat contingent wil Duitsland bijdragen aan de snelle interventiemacht van de NAVO en – eventueel – de Europese Unie. Ongeveer 70.000 man worden voorbereid op langdurige missies voor vredeshandhaving. Struck hoopt daarmee in staat te zijn gelijktijdig vijf verschillende missies uit te voeren en permanent 14.000 man in het buitenland te hebben. Voor landsverdediging en ondersteuning van buitenlandse operaties houdt Struck 137.500 man ter beschikking, inclusief de 40.000 soldaten die zich in opleiding bevinden.

De nieuwe strategische oriëntatie gaat gepaard met een aanzienlijke bezuiniging. De strijdkrachten krimpen met ongeveer 35.000 man tot 250.000; van de 75.000 man burgerpersoneel moeten er 10.000 verdwijnen.

Daarnaast zal ook een groot aantal standplaatsen gesloten worden. Op dit moment is de Bundeswehr verdeeld over 621 locaties, straks zijn dat er nog maar 405.

Op papier heeft Struck ook 26 miljard euro bezuinigd op de geplande aanschaf van wapens en materieel. Bij een nieuw leger met nieuwe taken hoort immers een andere uitrusting. Duitsland houdt vast aan de aanschaf van 180 exemplaren van het Europese gevechtsvliegtuig Eurofighter, dat Duitsland heeft ontwikkeld in samenwerking met Spanje, Italië en Groot-Brittannië. Struck maakte er gisteren geen geheim van dat de vliegtuigen niet zo zeer uit militaire overwegingen worden aangeschaft, maar eenvoudig omdat Duitsland contractueel gebonden is.

De nieuwe structuur van het leger lijkt ook te anticiperen op afschaffing van de dienstplicht, hoewel Struck in de nieuwe opzet nog steeds uitgaat van 50.000 dienstplichtigen. Struck is een groot voorstander van het behoud van militaire dienst, maar de roodgroene regering heeft zich in het coalitieverdrag verplicht de dienstplicht tegen het licht te houden. De Groenen en veel jonge SPD-parlementariërs zijn voor afschaffing.

Struck gaat ervan uit dat dienstplicht goedkoper is dan een volledig beroepsleger maar heeft vooral politiek ethische motieven voor het behoud ervan. Dienstplicht is in zijn optiek een kwestie van gemeenschapszin. ,,We willen een samenleving waarin burgers gezamenlijk verantwoordelijk zijn voor de algemene veiligheid. Het behoud van de dienstplicht betekent voor mij: een beroep doen op solidariteit', zei hij deze zomer.

Struck wil voorkomen dat het leger los komt te staan van de samenleving. Dienstplicht is de beste garantie tegen een democratische ontsporing van het leger. Tegenstanders van de dienstplicht vinden verwijzingen naar de nazi-dictatuur achterhaald. Zij vinden dat de Duitse democratie een halve eeuw na Hitler stevig genoeg is om te voorkomen dat een beroepsleger uit de rails loopt.

De discussie wordt extra gecompliceerd door het tweelingzusje van militaire dienst, de alternatieve dienstplicht. Bijna honderdduizend jonge mannen kiezen voor tien maanden dienstverlening bij maatschappelijke instellingen, hoofdzakelijk in de gezondheidszorg. Veel verzorgingstehuizen en thuiswonende hulpbehoevenden zijn aangewezen op de diensten van een `Zivi' (Zivildienstleistender). Met de militaire verdwijnt ook de alternatieve dienstplicht. De invoering van een `sociaal jaar' voor iedereen lijkt niet haalbaar. De gezondheidszorg zegt vijf jaar nodig te hebben om voor alle Zivi's nieuw personeel te vinden, mits de middelen daarvoor beschikbaar zijn.