Een amuse van ganzenpoep

Een jonge hond die poep vreet. Niet alleen zijn eigen keutels, maar ook ganzenstront en meer- koetenderrie. Hoe leer je een puppy zo'n slechte gewoonte af?

Sta ik elke morgen om half zes slaapdronken in een nat weiland in het donker op een wonder te hopen. ,,Het is zeker veel werk, zo'n puppy?'' Ach, ik kan niet zeggen dat het meevalt.

Zomaar, plotseling, van de ene dag op de andere is het zover. De kleine is zindelijk. Ik kreeg het wonder niet voor niks. Ik woon op een bovenhuis. Ik moest haar vele malen per dag de trap af en weer naar boven dragen.

,,Maar Fred toch! Mijn pup was in twee dagen zindelijk.''

De mijne niet.

Een kleine rekensom over de laatste drie maanden leert me dat ik de kleine meid zo'n twaalf keer per dag naar beneden en naar boven tilde. 12 91dagen = 1.082 keer trap af en trap op! Bij een gemiddelde van 8 kilo heb ik om haar zindelijk te krijgen 8.656 kilo gesjouwd! Het vult je leven.

Ze pakt de dingen voortvarend aan. Ik kan wel denken dat ik een hondje heb, zij denkt precies andersom. Zij heeft een roedelleider. Ze moet hem nog leren bespelen. Hij is af en toe knap lastig. Zo wil hij niet dat zij in zijn bed slaapt. De eerste nacht om 3 uur had ze eindelijk door hoe ze via mijn sporttas aan het voeteneind op mijn bed kon klimmen. Ze rende naar mijn hoofd en greep het eerste uitsteeksel dat ze tegen kwam voor een hartelijke begroeting met haar messcherpe melktandjes. Dat uitsteeksel was mijn neus. Ik kreeg met moeite haar bekkie er vanaf, ze doet alles met groot enthousiasme, en vast is vast, daar is ze serieus in.

Mijn oude vogel is helemaal opgeleefd. Ze moet wel. Dit is haar vijfde hond. Alle voorgangers temde de papegaai met een forse hak op de puppyneus. Dat kan ze niet meer. Haar snavel gebruikt ze nu als rollator. De oude vogeldame steunt erop als ze 's morgens stapje voor stapje voorovergebogen voort scharrelt naar de drinkbak van het hondje in de keuken om zich te gaan baden. Zo baadt ze al 36 jaar. Dat gaat ze echt niet veranderen voor een puppy die net komt kijken.

Ik heb weer een gezinnetje. Het is een hele verandering. Dit nieuwe gezinslid heeft me kennis laten maken met de hele buurt. Ze tovert een glimlach op de gezichten van passerende fietsers. Veel mensen willen nu een praatje met ons maken terwijl we elkaar eerst jarenlang zwijgend voorbijliepen. De moslims doen niet mee. Die blijven zwijgen. Voor hen is de hond een onrein dier. Het is een standpunt dat ik van harte kan delen. Maar daarom houd ik niet minder van haar.

Haar onreinheid is niet te filmen, wat een viespeuk! Ze werd er bovendien flink ziek van. Eerst vrat ze alleen haar eigen stront als ik niet snel genoeg was. Later breidde ze haar menu uit met een amuse van ganzenstront, een voorafje van meerkoetenderrie. En ik maar denken: dat kan geen kwaad al die voorverteerde waterplanten. Mis!

Ze werd doodziek. Ik dacht aan de ziekte van Parvo, zoveel vocht verloor ze. Mijn huisje stonk 2 dagen lang als een open riool. Ze kroop weg achter mijn surfspullen, wilde niet meer naar buiten, niet meer eten want ze kotste het meteen weer uit, kortom hoog tijd voor een snelle gang naar de dierenarts. Daar klaagde ik mijn nood over haar poepvreterij. Hij zei dat het niet meer dan een gewoonte is, die je kunt afleren. Hij kwam met het idee van een colablikje gevuld met steentjes, dat ik naar haar toe zou kunnen gooien als ze weer zou gaan vreten. Straffen op afstand, natuurlijk! Helemaal vergeten.

Omdat ik gemakkelijk raak gooi had ik het blikje voorzichtigheidshalve vervangen door een plastic flesje met steentjes erin. En jawel, de eerste keer dat ze een verrotte konijnenpoot oppakte en niet reageerde op mijn ,,nee!'' trof ik haar vol in de ribbenkast. Dat maakte indruk. Ze liet de rotzooi jammerend vallen en ging er vandoor. Verderop vond ze nieuwe troep. Gesterkt door het succes van mijn eerste actie keilde ik het flesje met steentjes opnieuw naar haar kop. Nu was de uitkomst anders. Het was te ver weg. Ik gooide mis. Ze griste het flesje van de grond en ging ermee vandoor. Daar stond ik dan. Zonder flesje, zonder mijn kleine lieveling. Toen ze werd afgeleid door een andere hond kon ik haar vangen met een fraaie tackle.

Ze vreet geen viezigheid meer vanaf die dag. Dat is het goede nieuws. Het slechte nieuws is dat ze niet meer op `Hier' reageert. Ze gaat op ruime afstand zitten en ik krijg een starende blik uit de verte die me zegt: ,,Wat wou je nou, druktemaker? Wou je soms weer een flesje naar mijn kop gooien?'' Ja, die kleine denkt dat het leven een stuk leuker zou zijn als ik me niet overal tegenaan zou bemoeien.

Haar roedelleider staat stijfjes met lege handen te wachten op de kleine. Hij heeft een beetje last van zijn rug.