Milieu en luchtvaart

Het artikel `Groei is op termijn niet houdbaar', uit de serie over luchtvaart (NRC Handelsblad, 19 december), bevat nogal wat fouten. De in het artikel besproken milieubelasting gaat vooral over het effect van de luchtvaart op de opwarming van het klimaat. De bijdrage van de luchtvaart bestaat voornamelijk uit de emissies van kooldioxide en het ontstaan van contrails en extra cirrus-bewolking. Contrails zijn de witte condensatiestrepen achter vliegtuigen. Ze ontstaan door de combinatie van uitstoot van waterdamp én condensatiekernen in de verbrandingsgassen. In het artikel wordt beweerd dat het aandeel van contrails toeneemt. Probleem is echter dat recent onderzoek aangeeft dat het effect waarschijnlijk minder groot is dan tot nog toe aangenomen. Daar staat tegenover dat bijdrage van cirrusbewolking waarschijnlijk juist groter is.

Het zelfreinigend vermogen van de atmosfeer op kruishoogte is inderdaad gering, maar heeft niet met gebrek aan zuurstof te maken, maar met gebrek aan uitwisseling met andere luchtlagen en gebrek aan vrije zuurstofradicalen. Bovendien geldt dit zelfreinigende vermogen juist niet de contrails of currus, maar juist het langdurig voortbestaan van verbrandingsgassen. Ook worden de kosten van contrails en luchtvervuiling niet bepaald door de `schoonmaakkosten', zoals het artikel stelt. Dat is immers op deze hoogte onmogelijk. De kosten van het klimaateffect van de luchtvaart bestaan uit de kosten voor de klimaatverandering.

Ook het slotcitaat bevat een merkwaardige opmerking. Wie het klimaatprobleem veroorzaakt door de luchtvaart wil oplossen, moet vooral het energiegebruik beperken. Energieverslindende verticaal opstijgende vliegtuigen passen daar zeker niet in. Ten slotte bevat het bijschrift een merkwaardige opmerking: 8 procent van de contrails zou op het conto van de luchtvaart komen, maar dat moet natuurlijk 100 procent zijn. Een duurzame ontwikkeling van de luchtvaart is alleen mogelijk als de groei er een tijdje uitgaat. Dat hoeft geen ramp te zijn. De economische betekenis van luchtvaart is niet `fenomenaal', zoals gesteld, maar minder dan 2 procent van de wereldeconomie. Verreweg de meeste wereldburgers overleven zonder ooit te vliegen. Ook is bijvoorbeeld toerisme voornamelijk afhankelijk van andere wijzen van vervoer. Alleen de meestal slecht renderende sector `verre vakanties' is sterk afhankelijk van het vliegtuig.