Circustheater viert eeuwfeest

Het Circustheater in Scheveningen heeft gisteravond zijn honderdjarig bestaan gevierd. Vandaag zijn de verbouwingen begonnen voor de volgende musical.

Met de opnamen voor een tv-gala, bijgewoond door zo'n 1500 genodigden, is gisteravond het jubileumjaar begonnen van het Circustheater in Scheveningen. Het huidige musicaltheater, dat honderd jaar geleden werd gebouwd als vast onderdak voor circussen, is de komende twee maanden dicht. Vandaag zijn de bouwvakkers begonnen aan de aanpassingen, die nodig zijn voor de musical The Lion King die vanaf half maart in het theater staat – de grootste en duurste productie, die Joop van den Ende ooit in Nederland heeft geproduceerd.

De door Ivo Niehe gepresenteerde tv-show, die op 11 februari door de TROS wordt uitgezonden, loopt ver vooruit op het werkelijke jubileum. Het Circustheater werd geopend op 16 juli 1904, met een galavoorstelling van het Circus Schumann. ,,Maar het kon niet later,'' zegt Van den Ende, ,,want door de verbouwingen kan de televisie er vanaf nu niet meer in.'' Zo moet de kelder twee meter dieper worden gemaakt, om straks op het podium een berg naar boven te kunnen laten komen. Ook het publieksgedeelte wordt weer vernieuwd; er komt onder meer een restaurant onder leiding van de met twee Michelin-sterren onderscheiden kok Robert Kranenborg.

Bijna zeventig jaar lang was het gebouw eigendom van de Exploitatie Maatschappij Scheveningen, maar een goudmijn is het nooit geweest. Om ervan af te komen, werd het in 1971 door de toenmalige EMS-topman Reindert Zwolsman verkocht aan de gemeente Den Haag, die er sindsdien danig mee in de maag zat. De oplossing kwam in 1993, toen de gemeente het vervallen – en hevig lekkende – gebouw voor de somma van één gulden kon overdragen aan de drie ondernemers Joop van den Ende, Henk van der Meyden en Benoit Wesley, die elk ruim zeven miljoen gulden op tafel legden voor de renovatie. Na het succes van The Phantom of the Opera, die drie jaar lang veel publiek bleef trekken, nam Van den Ende het theater van zijn compagnons over.

Intussen is het gebouw het eerste open end-theater van Nederland geworden – voor musicals die niet op tournee gaan, maar worden doorgespeeld zo lang er genoeg bezoekers komen. The Phantom werd opgevolgd door de producties Miss Saigon, Elizabeth en Aida. Van den Ende ziet zichzelf in de traditie staan van de circusdirecteur Oscar Carré en de bioscoopexploitant Abraham Tuschinski, die eveneens ongesubsidieerde theaters hebben gebouwd. Nog steeds hoopt hij ook in Amsterdam zo'n gebouw neer te zetten. Er wordt gewerkt aan een locatie tegenover het RAI-congrescentrum.

Het ronde Circustheater heeft in de loop der jaren drie gedaanten gehad: de Jugendstil-gevel van de oorspronkelijke bouwmeester W.B. van Liefland, de armoedig ogende golfplaatverpakking van de jaren zeventig en het geel-beige stucwerk van tegenwoordig, naar een ontwerp van de architect Arno Meijs.

The Lion King, van Elton John en Tim Rice, is een Disney-productie, die in New York en Londen sinds enkele jaren met groot succes wordt gespeeld. Van den Ende produceerde ook de Duitse versie in Hamburg. De Nederlandse productie vergt een recordbedrag van circa 20 miljoen euro, drie keer zo veel als de andere grote musicals die Van den Ende hier ensceneerde. Die investering is pas terugverdiend als de show voldoende publiek trekt om meer dan twee jaar in het Circustheater te blijven. Bij eerdere producties kwam het moment waarop winst werd gemaakt, ongeveer na anderhalf jaar.