Gesprek

Onlangs vroeg de Amsterdamse wethouder Rob Oudkerk een gesprek aan met burgemeester Cohen. Hij had klachten over agenten die zich tegen hem zouden hebben misdragen, toen zij hem bekeurden wegens het fietsen zonder achterlicht. Cohen weigerde het gesprek. Als Oudkerk klachten had, kon hij naar de Commissie voor de Politieklachten stappen, zoals iedere burger.

Misschien heeft Cohen inmiddels wél enige behoefte aan een gesprek met Oudkerk maar dan over een heel ander onderwerp.

Afgelopen zaterdag kwam Oudkerk opnieuw in opspraak, nu door een column van Heleen van Royen in Het Parool. Na afloop van tv-opnamen zou Oudkerk in een café aan Van Royen hebben verteld dat hij door de commissie Integriteit van de gemeente op het matje was geroepen vanwege het thuis, op de computer van de gemeente, surfen op pornowebsites als Hookers.nl. Ook zou hij op oudjaar altijd een snuif coke nemen. Op de vraag of hij wel eens naar de hoeren ging, zou hij geantwoord hebben: ,,Niet in Amsterdam.''

In de Volkskrant reageerde Oudkerk: ,,Ik heb inderdaad met Van Royen over dit soort zaken gesproken, maar ik had het niet over mezelf. Ik bedoelde in het algemeen dat publieke figuren het lastig kunnen krijgen zodra hun privé-hobby's bekend worden.'' Heleen van Royen blijft bij haar versie van het gesprek, er nog fijntjes op wijzend dat er een getuige is.

Goed, nu verplaatsen we ons even naar het werkvertrek van burgemeester Cohen vanwaaruit hij zo'n majesteitelijk uitzicht heeft over de Amstel. Klop-klop, daar is Rob.

,,Ga zitten'', zegt de burgemeester nog tamelijk joviaal. Hij buigt zich over zijn bureau en veegt de boel kopjes, paperassen op de hem typerende, discrete wijze bij elkaar.

,,Zat je nog te werken?'', vraagt de wethouder met een knikje naar het computerscherm van de burgemeester.

,,Daar heb je zo'n ding voor'', zegt de burgemeester.

Hij begint aan een kort, zakelijk exposé waarin als sleutelwoorden opvallen: `Kutmarokkanen', `Achterlicht' en `Hookers.nl'. Daarna laat hij een stilte vallen. Oudkerk kijkt hem aan met de branievolle blik waarmee hij tot dusver dacht de hele wereld te kunnen veroveren, te beginnen bij de Partij van de Arbeid. Alleen het smalende lachje ontbreekt. Hij schuift op zijn stoel en zwijgt.

,,Misschien hebben we een probleem'', zegt Cohen. ,,Wat denk jij?''

Oudkerk haalt zijn schouders op en zegt: ,,Hoezo Job?''

Cohen blijft bewonderenswaardig kalm. We kunnen zelfs spreken van een bovenmenselijk staaltje van zelfbeheersing. Hij zegt met zachte, maar vaste stem: ,,Moet je luisteren, Rob. Er zijn al problemen genoeg in deze stad. De kogels vliegen me hier om de kop, er dreigen etnische spanningen en wat doen mijn twee belangrijkste wethouders? De een neemt de benen naar Leeuwarden en de ander zit te smoezen met een columniste aan wie ik nog niet eens de problemen van mijn kanarie zou toevertrouwen. Weet je wat ik jou dringend zou willen aanraden?''

Oudkerk kijkt dof voor zich uit. Hij kent het antwoord, de vraag is alleen: moet hij het zelf invullen of kan hij het beter aan de burgemeester overlaten?