Zelden een eiland gezien dat zo graag eiland wil zijn

Op de Maldiven is veel verboden. Toch trekt een van de elfhonderd eilandjes Indiase honeymoners aan. Of ze nu mogen kussen of niet.

Malligheid is de mens eigen, maar dat ze je laptop op de luchthaven door elkaar schudden, dat zie je toch niet aankomen. ,,Het is gewoon een computer, hoor. Ik ben hier voor mijn werk'', zeg ik tegen de vrouw in uniform die op de knopjes aan de voorkant blijft drukken. Het klinkt wat irreëel, want niemand komt naar de Maldiven voor zijn werk.

,,Disc, disc'', roept ze. Mijn stemming betrekt, de aanvechting van seksisme kan ik nauwelijks bedwingen. Zo'n vrouw, wat zeg ik, een meisje eigenlijk, van amper 1.56 meter. Als ze niet zo boosaardig keek, zou je haar zelfs knap kunnen noemen. Sterk krullend zwart haar, strak naar achteren gekamd en in een knot gedraaid, chocoladehuid, v-vormig gezicht dankzij hoge jukbeenderen, blinkende, gitzwarte ogen. Later zal ik merken dat ze er hier op de Maladiven allemaal zo uitzien, alsof de makers van het gekloonde schaapje Dolly hier flink te keer zijn gegaan. En die zure blik zal ook wel genetisch zijn.

Gedienstig doe ik de lade van de cd-rom open en triomfantelijk haalt ze het programmaschijfje eruit: ,,Must be screened'', zegt ze, terwijl ze ermee zwaait. Waarop? ,,Pornography not allowed.'' Tja, een man alleen, zonder snorkel- of duikapparatuur bij zich, dat moet wel een viezerik zijn.

Er is meer verboden op de Maldiven. In hoofdstad Male mag je niet drinken, op de overige koraaleilandjes mag je niet topless zonnen, op gezette tijden gaan de winkels dicht en stoppen de tv-programma's, omdat er gebeden moet worden, met het gezicht naar het verre Mekka. De huisregels in de hotels en bungalowparken worden zo strikt nageleefd als kwamen ze rechtstreeks uit de koran, en denk niet dat de plaatselijke bevolking blij met je is. Toerisme is de enige bron van inkomsten, maar aan toeristen hebben ze het land. Zelden een eiland gezien dat zo graag eiland wil zijn.

Maar de toeristen zijn niet weg te slaan. Hoe gek het bestuur van de ongeveer elfhonderd eilandjes in de Indische Oceaan het ook maakt, door bijvoorbeeld niemand toe te laten die niet al een van tevoren betaalde boeking heeft en door de prijzen van kamers en consumpties zo op te drijven dat alleen de rijksten voet aan wal kunnen zetten, de toeristen blijven komen, met duizenden tegelijk. Want als je eenmaal binnen bent, ben je ook echt in het paradijs, zoals de toerist zich dat verbeeldt.

Al is het een strikt besloten paradijs, als was je op de set van The Truman Show, waar je alleen over de bestaande paden mag wandelen en het niet in je hoofd moet halen om impulsief een boottripje naar een naburig eiland te maken. Je moet van tevoren opgeven waar je heen wilt en waarom, en deelnemen aan een georganiseerde trip in het gezelschap van braaf kijkende Italianen, Duitsers en Engelsen. Van loslopende toeristen houden ze niet. Het eiland waarvoor ik me heb opgegeven heet Lankanfinolhu, in ordinaire toeristentaal `Paradise Island'. Ik hoorde dat daar veel honeymooners uit India komen, wat nogal intrigerend is. Het Indiase huwelijk is in meer dan 90 procent van de gevallen gearrangeerd. De partners leren elkaar pas kennen als de ouders na moeizame onderhandelingen overeenstemming hebben bereikt over de grootte van het feest en de hoogte van de bruidsschat.

De ouders van het meisje betalen het feest en de bruidsschat, die bij de middenklasse meestal bestaat uit een volledige woninginrichting en een auto, en de ouders van de jongen, die bieden een huwelijksreis aan.

Bij de minder bedeelden gaat die reis naar een plaatselijk hotel in India, waar de partners worden geacht in twee nachten en drie dagen verliefd op elkaar te worden. Maar naarmate de bruidsschat hoger is, wordt de tegenprestatie van jongenskant spectaculairder. Het meest spectaculaire op dit moment is een huwelijksreis naar de Maldiven.

Vroeger was het Londen, waar je nog naar gebouwen en etalages kunt kijken. Maar wat doe je op de Maldiven? Indiërs houden niet van het strand, daar word je maar zwart van. Zwemmen kan het meisje meestal niet, vanwege de onzedelijkheid van het badpak. In de restaurants van de Maldiven zijn vis en rundvlees bij het lopende buffet in overvloed, maar Indiërs zijn meestal vegetarisch. En dat dure glaasje wijn, daarop kunnen ze bezuinigen, omdat ze aan tafel water drinken.

Naar hen ben ik komen spieden, naar jonge Indiase pasgehuwden in een paradijs waar ze niets aan hebben. Ik zie ze ook al meteen, de piepjonge stelletjes, ze wandelen onwennig hand in hand over de paden die omringd zijn door bougainvilleas, ze zitten op een bankje te kijken naar de golven van de turquoisblauwe zee en ze trekken zich terug voor een middagdutje in een bungalow zoals ik er ook een heb.

Een schitterend bungalowtje, dat wel. Licht en koel, met een achterdeur die leidt naar een eigen strand. Op de kleinste details is gelet: als je je huisje weer in gaat, is er buiten een kraan om je voeten te wassen en de massagedouche met warm water staat in de openlucht.

Nergens in het paradijs tref je vuil, geen snippertje papier of plastic. De hele dag zijn magere arbeiders uit zuidelijk-India bezig ze op te rapen en al het vuil en afval dat de toeristen produceren wordt centraal verzameld en op een boot gezet, de vuilnisboot, om elders te worden verwerkt.

Niets op Paradise Island is, hoe zeg je dat, `authentiek'. Geen grasspriet en geen bougainvillea. Geen steen en geen spijker, geen glas water of gebraden kippenpoot. Lankanfinolhu was vroeger een domme vulkanische rots van nog geen meter boven de zeespiegel, zonder enige zin of reden van bestaan.

En kijk wat ze ervan hebben gemaakt! Een weelderige flora, vooral gehaald uit Sri Lanka en zuid-India en onderhouden door mannen uit dezelfde streken, vier restaurants met Italiaanse en Indiase menu's, verschillende bars waar je, als je een goede creditcard hebt, dronken kunt worden van Jack Daniels met uitzicht op de ondergaande zon. Er is een duikschool, er zijn tennisbanen, foto's genomen met ter plaatse gekochte onderwatercamera's kun je binnen een uur laten ontwikkelen, al is de fotozaak vanwege de gebedstijden even vaak dicht als open, en overal verschijnen de meisjes van de Maldiven, de gekloonde Dolly's, om je op strenge toon te vertellen dat je hier wel en daar niet mag roken en deze zaal wel en die zaal niet mag betreden als je slippers en een korte broek aanhebt. Die Dolly's zijn zo mooi en zo ongenaakbaar dat je wel behoefte krijgt aan een goede pornofilm op je beeldscherm.

De pasgehuwde Indiërs zullen die behoefte wel niet hebben, mag je hopen, en om half acht 's avonds, als het buffet voor het diner begint, zie je ze irritant monter binnenlopen, terwijl jij uitgeput bent van het niets doen. Er zijn twee types, globaal genomen, de modernen en de traditionelen. De modernen staan samen in de rij van het buffet en geven elkaar hapjes aan tafel. Ze praten meestal over hun geliefde filmsterren en gerechten.

Maar de meer traditionelen zijn het interessantst. De man gaat gewoon zitten, terwijl de vrouw met twee borden in haar hand in de rij staat. Ze oefent al vast voor later, als ze altijd de maaltijd voor haar man zal serveren en hem tijdens het eten ook zal toewaaien, als hij het warm heeft. Ze staat ook een paar keer op om nog wat brood of een dessert voor hem te halen, hij zit en ziet dat de beslissing van zijn ouders goed is.

Welke herinnering zullen ze van de Maldiven hebben? Vakanties, huwelijksreizen, daar maak je vooral herinneringen aan waar je later op kunt teren. Als de traditie is nageleefd, is het meisje in de bungalow aan het strand ontmaagd. Daarna mocht ze haar ontmaagder voederen. En vervolgens liepen ze op het strand in de avond en bewonderden ze de maan en de sterren boven de zacht kabbelende Indische Oceaan. Ze zullen elkaar de eerste jaren niet begrijpen en ze zullen elkaar zeker niet ineens vastgrijpen voor een hartstochtelijke kus, want dan duikt een Dolly op die je de regels voorleest. Er is heerlijk weinig te doen op de Maldiven en ik denk dat ze op den duur zullen verlangen naar de terugkeer, want dat is het mooiste aan de Maldiven. Dat je weer weg mag.