Rozenmeisje

Sandra Roelofs uit Terneuzen werd verliefd op Michail Saakasjvili in Straatsburg. Samen gingen ze via New York naar Georgië. Nu is hij daar president. Meer dan negentig procent van de kiezers stemde zondag op hem. De presidentsvrouw is populairder dan haar man, kan niet meer over straat en krijgt stapels smeekbedes. `Dan denk ik: die wil een hoge plaats op de lijst.'

Sandra Elisabeth Roelofs (34) zong Georgische liedjes, ze mocht twee duiven loslaten, ze kreeg een zwaan. Die zwemt nu in de dierentuin van Tbilisi. ,,Ik heb hem Roosje genoemd'', zegt ze. Naar de rozenrevolutie van 23 november, toen haar man, Michail Saakasjvili (36), de president van Georgië tot aftreden dwong en zelf kandidaat-president werd. Ze lacht als ze vertelt over de campagne die ze de afgelopen weken voor haar man voerde, in gepantserde auto's door het hele land, sprekend over rozen die nooit zonder doornen zijn en over de lange weg die er nog te gaan is. Ze lacht weer als ze vertelt over de zes lijfwachten die haar nu begeleiden, ook als ze haar zoontje 's morgens naar school brengt. ,,Dan ga je niet meer bij de bakker naar binnen voor een broodje.'' Op dit moment, zegt ze, staat er één lijfwacht in de tuin, één bij de voordeur en één bij haar in de kamer.

Ze is bij de moeder van Michail Saakasjvili, in Tbilisi, zondagochtend 4 januari, een paar uur voor de verkiezingen. Het gesprek gaat door de telefoon. Ze is rustig, al is ze nog niet helemaal zeker dat haar man zal winnen. Bij een te lage opkomst telt de uitslag niet. ,,Maar dan zien we wel weer.'' Zo rustig was ze ook toen haar man net met vijftigduizend aanhangers het parlement in Tbilisi had bestormd en zij toevallig met haar zoontje bij haar ouders in Terneuzen logeerde. Dat was eind november. Ze zat in een dikke Noorse trui op de bank en ze vertelde hoe ze vol spanning naar de beelden van haar man op de televisie had gekeken, en ook hoe griezelig ze het had gevonden. Maar ze leek er geen moment door uit haar evenwicht gebracht.

Haar rust, haar vrolijkheid, haar Georgisch, maar ook haar Russisch, Engels en Frans, haar Mingrelisch dat alleen in West-Georgië wordt gesproken, haar blonde haar en haar knappe gezicht, het vanzelfsprekende gemak waarmee ze met iedereen omgaat, de hulp die ze voor het land organiseert – de Georgiërs vinden haar geweldig. Volgens de Engelstalige krant The Georgian Messenger, ook op internet, kussen de Georgiërs de grond waarop ze gelopen heeft, en is ze populairder dan haar man, die ook al erg populair is, maar wel een driftkop en een heethoofd. Volgens The Georgian Messenger zou Michail Saakasjvili zonder Sandra Roelofs deze week twintig procent minder stemmen hebben gekregen – al is dat niet te bewijzen.

Wat zegt Sandra Roelofs?

Ze zegt: ,,Ja, ik ben populair.'' En ze lacht. Niet bescheiden, maar ook zonder opschepperij.

Haar man verhuisde half december al naar een paviljoen in de presidentiële residentie, voor zijn veiligheid. Het huis waarin hij met Sandra Roelofs en hun zoontje woont staat middenin de stad. Zijn vijanden zouden uit alle tweehonderd ramen in de omgeving op hem kunnen schieten. En hij hééft vijanden. Twee delen van Georgië, Adzjarië en Zuid-Ossetië, willen zich afscheiden. Abchazië vocht zich met hulp van de Russen in 1993 al vrij. En dan zijn er nog de paar families rond de vorige president, Edoeard Sjevardnadze, die met elkaar de belangrijkste posities in het land bezet houden. Michail Saakasjvili heeft al aangekondigd dat hij hun villa's, hun Mercedessen en hun buitenlandse rekeningen in beslag zal laten nemen. Hij wil ook dat alle Georgiërs weer belasting gaan betalen – niet om er de mensen met macht rijker mee te maken, maar om er scholen, ziekenhuizen en wegen van te betalen, en de salarissen van politieagenten, waardoor die niet meer hoeven te leven van steekpenningen en afgekochte boetes. Michail Saakasjvili wil dat Georgië een modern land wordt, westers, democratisch, zonder smokkelarij, zwarte handel en nepotisme.

Sandra Roelofs en haar zoontje – hij heet Edoeard en hij is acht – verhuisden half december niet mee naar de presidentiële residentie. Het zou net geleken hebben, zegt ze, of haar man al gekozen was. Nu woont Sjevardnadze nog in de residentie. Het parlement heeft besloten dat hij er mag blijven, alleen niet voor hoe lang.

Sandra Roelofs hoopt dat ze met haar man in de stad kan blijven,in een huis met wat minder andere huizen eromheen. Ze wil op straat kunnen lopen, ze wil dat Edoeard buiten kan spelen, ze wil zo gewoon mogelijk zijn. Zondagavond, toen wel duidelijk was dat Michail Saakasjvili gewonnen had, zei ze op een persconferentie in het Sheraton Hotel dat ze de ,,ogen en oren'' van haar man wil zijn, een trait d'union tussen het volk en de president, een on line first lady. Nog een reden waarom de Georgiërs haar geweldig vinden.

Sandra Roelofs, die tot een halfuur voor de persconferentie nog in een lange broek liep, had een nette jurk aangetrokken, tot haar knieën. Ze zei dat haar man dat had gevraagd.

Stuurman

In de flat van haar ouders, met uitzicht over de Westerschelde, vertelt ze – eind november – over haar jeugd, over hoe ze Michail Saakasjvili leerde kennen, over haar idealen en haar leven in Georgië tot dan toe. Ze zou allang weer teruggegaan zijn als de rozenrevolutie er niet tussen was gekomen. Het is er nog te onveilig. Edoeard gaat zo lang in Nederland naar school, op de fiets, achterop bij zijn opa. Tussen de middag aan tafel – met volkoren brood, kaas, radijsjes en hagelslag – vertelt hij dat hij naast zijn stoel was gaan staan toen de juf hem de eerste dag had gevraagd om zich voor te stellen. 's Avonds had hij door de telefoon aan zijn vader verteld dat het jongetje naast hem in de klas blauw geverfd haar heeft.

Sandra Roelofs wilde tolk worden, dat leek haar spannend. Beroemde mensen ontmoeten, internationaal werken, reizen. Als kind toerde ze al met de trein heel Nederland door, later heel Europa, samen met haar broer. Ze denkt dat het verlangen naar avontuur bij haar van twee kanten in het bloed zit. Haar vader was stuurman, haar moeder had drie tantes die in de tropen in de missie hadden gezeten. Toen ze oud waren, woonden ze in een klooster in Teteringen. Ze zocht ze elk jaar op en ze correspondeerde met ze. ,,Door hen heb ik belangstelling gekregen voor humanitaire hulpverlening.'' Haar ouders waren ook katholiek, maar niet streng.

Ze werd tolk bij de rechtbank in Brussel, Frans-Nederlands, maar het was minder spannend dan ze had gedacht. Daarom ging ze Russisch leren, en ze richtte een vertaalbureautje op. In 1992 vroegen twee Belgische vrienden van haar, landbouwkundig ingenieurs, of ze mee naar Georgië ging. Een Nederlandse zaadveredelaar had hun gevraagd om zijn tomaten- en komkommerzaden daar door een boer te laten uitproberen. In de trein uit Moskou leerde ze het Georgische alfabet, waar ze later nog veel indruk mee zou maken op Michail Saakasjvili. Maar dat kon ze toen nog niet weten.

De reis naar Georgië vond ze wel spannend. Ze kon niet meer met de trein terug,ze moest met een vliegtuig vol mannen met pistolen in hun jeans. De burgeroorlog met de Abchaziërs begon net. Weer in Brussel besloot ze om wat ze haar humanitaire roeping noemt te gaan volgen. Ze meldde zich, 23 jaar oud, bij het Rode Kruis. Ze wilde als expat naar conflictgebieden gestuurd worden, maar ze ging eerst nog naar een zomercursus mensenrechten in Straatsburg. En daar leerde ze Michail Saakasjvili kennen. Die had rechten gestudeerd in Kiev, was daarna in staatsdienst gekomen en had van de George Soros Foundation een beurs gekregen om zich in het buitenland verder te ontwikkelen.

Sandra Roelofs: ,,Ik ontmoette hem in de refter, we begonnen in het Frans. Ik zei dat ik in Georgië was geweest. Hij zei: in de VS? Ik zei: nee, in het land.Hij was groot, donker, vriendelijk, voorkomend, vol aandacht. Ik kreeg elke dag chocola en rozen van hem. Later vertelde hij dat hij dat natuurlijk helemaal niet kon betalen.''

Ze zou in november 1993 naar Somalië te gaan. Maar ze was er veel te verliefd voor. ,,Misja zei: wat nou Somalië, ga mee naar Georgië, more chance for development.'' Het werd Amerika, want Michail Saakasjvili kreeg weer een beurs. Hij ging naar de Columbia Law School in New York. Sandra Roelofs werd vrijwilligster bij Unicef. En ze werkte op de studentenadministratie van de universiteit, later bij Nauta Dutilh advocaten. ,,We begonnen in een kelder in de Griekse buurt, we aten brood en bananen. Maar een jaar later hadden we een flat en genoeg geld om van te leven.'' En toen kwam er een vriend uit Georgië logeren. Hij bleef een paar dagen en vroeg namens Edoeard Sjevardnadze of Michail Saakasjvili zich in 1995 verkiesbaar wilde stellen voor het Georgische parlement.

Sjevardnadze was net staatshoofd geworden. (President werd hij pas later.) Hij probeerde Georgië, na de burgeroorlog en het nationalistische bewind van Zviad Gamsachoerdia, weer op te bouwen. Hij was toen nog vol goede moed. En hij zag Michail Saakasjvili, hoogopgeleid en verwesterd, als een van zijn belangrijkste protégés. Saakasjvili ging nog naar Washington om te promoveren, maar dat maakte hij niet meer af. In de zomer van 1995 ging hij naar Georgië, in oktober kwam hij in het parlement. Sandra Roelofs: ,,Mijn zoontje was net geboren, ik ben pas in 1996 gegaan, na de winter.'' In de winter was er geen gas en licht in Tbilisi.

Georgische vleessector

Ja hoor, zegt ze, ze moest erg wennen aan het leven daar. Maar de familie van Michail Saakasjvili – zijn moeder is historica, zijn vader endocrinoloog – was meteen erg aardig voor haar. En ze kreeg al snel van het internationale Rode Kruis de opdracht om het Georgische Rode Kruis te analyseren. In de tijd dat Georgië nog een onderdeel van de Sovjet-Unie was, waren er zestig goed georganiseerde afdelingen. Maar na de burgeroorlog was er niets van over. Sandra Roelofs reisde het hele land door om te kijken wat de problemen waren en hoe het weer kon worden opgebouwd. ,,Daar heb ik veel van geleerd.'' Ze ging in Nederland geld inzamelen voor hulp aan Georgische kinderen en scholen. En via de Nederlandse ambassade en de Kamer van Koophandel kreeg ze steeds vaker opdrachten van het Nederlandse bedrijfsleven. Ze maakte een analyse van de hele Georgische vleessector.

Tot 1998, zegt Sandra Roelofs, was de relatie tussen haar man en de president goed. ,,En toen sloeg het om.'' Door de Russische roebelcrisis en door problemen met Abchazië ging het steeds slechter met Georgië. ,,Er kwam gedoe in de regering, door de onzekerheid. Iedereen die een relatie met Sjevardnadze had, probeerde posities te krijgen bij de spoorwegen, in de brandstofsector, waar dan ook. De corruptie die Sjevardnadze wilde bestrijden liep weer helemaal uit de hand. En als alles corrupt gaat en al het geld uit de schatkist naar de zakken van privépersonen gaat in plaats van naar onderwijs en gezondheidszorg, dan vertrouwen burgers nergens meer op en worden ze ook corrupt.''

Haar man, zegt Sandra Roelofs, is er altijd tegen tekeergegaan – eerst als parlementariër, vanaf 2000 als minister van Justitie. In september 2001, zegt ze, gaf hij het op. ,,Hij zag dat er rond Sjevardnadze één grote clan was ontstaan. Hij kreeg geen enkele steun voor de hervormingen die hij in zijn eigen ministerie wilde doorvoeren. In de rechtspraak was het ook allemaal vriendjespolitiek.'' Michail Saakasjvili kocht zendtijd bij de commerciële televisie en sprak de Georgiërs toe, vanachter een tafel met de Georgische vlag erop en de vlag van de Europese Unie. ,,Hij zei: ik heb mijn principes, ik wil geen deel van deze regering meer zijn, ik stap op. Hij zei: ik heb jullie Georgiërs nodig voor een nationale protestbeweging.''

Had haar man daar van tevoren met haar over gepraat?

Sandra Roelofs: ,,Nee, voor mij was het ook een verrassing.''

De protestbeweging werd een politieke partij, die in 2002 in Tbilisi de lokale verkiezingen won. Michail Saakasjvili werd voorzitter van de stadsraad. Hij zorgde ervoor dat hij de inkomsten van de stad weer onder controle kreeg. Met het geld dat er daardoor weer in kas kwam liet hij daken en liften van appartementengebouwen repareren en richtte hij een gratis ambulancedienst op. Hij legde speelpleintjes en sportveldjes aan, en na de zomervakantie kregen alle schoolkinderen nieuwe tassen en boeken. ,,Zijn tegenstanders vinden hem een populist en een demagoog'', zegt Sandra Roelofs. Maar zij zegt dat hij dat wel moet zijn om mensen met zich mee te krijgen en ze ervan te overtuigen dat zíjn keuzes en zíjn levenswijze de juiste zijn. ,,Hij heeft nog idealen.''

Als voorzitter van de stadsraad, zegt ze, was hij 's avonds altijd weg, maar bleef hij 's morgens nog vrij lang thuis. ,,Ik breng Edoeard naar school, ik ruim op, en dan wordt Misja wakker en zijn we samen.'' Soms, zegt ze, belt hij overdag of 's avonds op: wat schaft de pot? ,,En dan komt-ie binnen stormen, mobiele telefoon bij zijn oor, hophophop, televisie aan, praten, alles tegelijk.'' Ze zegt haar eigen afspraken af als hij er is. En dan spreekt ze – zonder gêne, zonder ironie – over het gevoel voor rechtvaardigheid van haar man, over zijn naastenliefde, zijn solidariteit met het volk. In al die dingen, zegt ze, herkent ze zichzelf. Haar bijdrage aan de goede zaak, zegt ze, is de opoffering van haar eigen wensen en verlangens.

In november vertelt Sandra Roelofs nog over de studenten die boos door de straten van Tbilisi liepen. Ze hadden de rector van de universiteit geld betaald voor hun diploma's, en nu was de rector ontslagen. Maar op zondag 4 januari vertelt ze over studenten die opeens weer uit zichzelf voor de bus betalen, over de concerten die spontaan worden georganiseerd, de mensen op straat, het liedje over de rozenrevolutie dat door iedereen wordt gezongen. ,,Er is echt iets veranderd'', zegt ze. Georgiërs spreken van een nieuw `epoca'.

Ach, natuurlijk maakt ze zich zorgen of het haar man zal lukken om de corruptie te bestrijden en zelf niet corrupt te worden. ,,Iets is al snel misbruik van macht.'' Hij zal geen familie en geen vrienden op belangrijke posities benoemen. Maar wat als vrienden heel geschikt zijn voor die positie? ,,Ik let goed op'', zegt Sandra Roelofs. ,,Als hij het verkeerd doet, zal hij heus wel een seintje krijgen – van mij, van zijn partijgenoten, van zijn geweten.''

Zelf zal ze geen opdrachten van het Nederlandse bedrijfsleven meer aannemen. ,,Als ze me vragen of ik hier een bedrijf weet dat groente kan invriezen, zal ik ze een telefoonnummer geven. Maar ik zal geen marktonderzoek doen, geen overzicht geven van de Georgische wetgeving.'' Het zou te veel lijken op bevoordeling en op vermenging van belangen.

Ze vertelt over de kritische vragen die ze soms ook wel kreeg toen ze nog op verkiezingscampagne was. Of Georgië onder Saakasjvili feministisch werd. Of het homohuwelijk mogelijk zou worden. En drugs, werden die legaal? En waarom heette het zoontje van Saakasjvili eigenlijk Edoeard? Had dat misschien wat met Sjevardnadze te maken? (Nee, hij is vernoemd naar de vader van Sandra Roelofs – Eduard.)

Ze kreeg duizenden brieven, van mensen die geen dak boven hun hoofd hebben, geen geld voor het ziekenhuis, geen pensioen, geen toekomst, geen uitzicht. En ook brieven van mensen die willen weten of er onder Saakasjvili hulp gaat komen voor dove kinderen, of voor kinderen met een uitzonderlijk talent.

Bedreigingen

Is ze wel eens moedeloos?

,,Nee. Nog niet.'' Ze is wel wat gewend, zegt ze. ,,Nu staan we aan de kant van de winnaars, nu is alles rozengeur en maneschijn. Maar we hebben ook aan de kant van de verliezers gestaan. Het geroddel, de leugens en de bedreigingen kennen we ook.''

De dagen na de verkiezingen brengt ze met haar man en haar zoon door in West-Georgië. Haar schoonmoeder, een Mingrelische, komt er vandaan. Ze vieren kerstfeest, volgens de Georgisch-orthodoxe kerk valt dat op 6 en 7 januari. Ze gaan naar een dienst in een klooster uit de twaalfde eeuw, ze doen mee aan de biecht. ,,Geen biecht zoals in de katholieke kerk'', zegt Sandra Roelofs. ,,Je loopt naar voren als je denkt dat je er klaar voor bent, je doopt een stuk brood in de wijn en daarmee beloof je dat je je in de toekomst beter zult gaan gedragen.'' Ze vertelt het donderdagavond door de telefoon, als ze net weer thuis is.

Merkt ze al dat mensen anders tegen haar doen nu haar man president is?

Ze zegt: ,,Ik werd altijd al door iedereen goed ontvangen, op straat, in de winkels, overal. Maar nu – als ik ergens geweest ben en ik kom naar buiten, staat de hele straat vol. Nu is het overweldigend.'' Veel mensen die willen zien hoe ze er in het echt uitziet. Veel mensen ook met smeekbeden. En mensen die haar proberen te vleien. Vrienden met politieke ambities die vragen of ze een boodschap kan doorgeven aan haar man en haar uitnodigen voor het eten. ,,Dan denk ik: die wil een hoge plaats op de lijst.'' In maart zijn er verkiezingen voor het Georgische parlement.

Wat zegt ze dan?

,,Dat ik niet zo veel tijd heb, of dat ik met mijn man nooit over politiek praat.''

Met welke presidentsvrouw vergelijkt ze zichzelf?

,,Met niemand, eerlijk gezegd. Ik ken nog niet veel andere first ladies. Maar ik weet dat ik wel word vergeleken met Hillary Clinton. Ik hoor ook wel moeder Teresa noemen, of Florence Nightingale. Mijn man zegt dat ik de Eva Perón van Georgië ben.''

Met medewerking van Coen van Zwol