Muziek 2

In het artikel `Pavarotti versus Domingo' (W&M, 27/28 december) wordt het belang van het manipuleren van formanten beschreven. De toonkwaliteit hangt af van de manipulatie van zangersformanten die in het bereik van de eerste harmonische liggen. Er bestaat echter ook een vaste reeks van zangersformanten die niet manipuleerbaar is. Wanneer deze zangersformanten via stimulatie worden versterkt, verbetert de toonkwaliteit dramatisch.

In het begin van de jaren tachtig werd in Duitsland aan het Institut fur Arbeidswissenschaft der Technischen Hochschule Darmstadt een wetenschappelijk onderzoeksproject gestart om begrippen uit de zangpedagogiek ondubbelzinnig te definiëren en de basis te leggen voor een nieuwe theorie met betrekking tot het functioneren van de stem. Daaropvolgend werd in 1982 het Lichtenberger Institut opgericht door zangeres en zangpedagoog Gisela Rohmert en professor in de Arbeidswissenschaft Walter Rohmert. Dit instituut heeft de inzichten uit het onderzoek in praktijk omgezet. Een belangrijke ontdekking was die van het bestaan van een aantal grondtoononafhankelijke zangersformanten. Deze formanten liggen rond de 3000, 5000 en 8000 Hz en volgen daarmee de wetmatigheid van de gulden snede. Deze reeks ontstaat in de stemklank wanneer het (zang)systeem in synergie komt. Alle `systeemonderdelen', zoals het strottenhoofd, aanzetstuk, oren, middenrif, slijmvlies etc, zijn dan als het ware akoestisch gekoppeld. Gevolg is een heldere, transparante en doordingende klank. De zanger ervaart een paradoxaal effect: de intensiteit van de klank neemt toe terwijl het produceren van de klank minder kracht, minder energie kost.

Het lichaam kan niet via manipulatie (met de wil gestuurd) in synergie worden gebracht. Het vegetatieve systeem moeten worden aangesproken. G. Rohmert heeft talloze stimulaties ontwikkeld om het systeem (meer) in synergie te brengen. Wanneer men bijvoorbeeld klanken met tonen rond de 3000 en 5000 Hz aanbiedt, kan de zanger een vegetatieve reactie in het lichaam ervaren. De herinnering aan deze reactie, mentaal en fysiek, kan tijdens het zingen deze reactie weer feitelijk oproepen en in de stemklank de betreffende zangersformanten versterken.

Manipuleren van formanten én het lichaam in synergie brengen gaat per definitie niet samen. Zangers die vaardig en succesvol zijn in het manipuleren van de stem zullen dat blijven doen. Voor de overige zangers bestaat er inmiddels een interessant alternatief.