In Franse cafés wordt onbekommerd gerookt

Volgens de Franse wetgeving moet ieder café een rookvrije ruimte hebben. Maar `als we ons daaraan houden krijgen we Amerikaanse toestanden'.

,,Kijk nou zelf'', zegt de eigenaar van het Parijse Café des Initiés met een breed gebaar in de ruimte. ,,Hier kan ik toch geen rookvrije ruimte inrichten? Hier aan de bar wordt gerookt, uiteraard, en daar aan die tafeltjes ook. Een rookvrije zone, zoals inderdaad voorgeschreven door de wet, is gewoon niet mogelijk. Niemand houdt ons er bovendien aan. Die pogingen heeft men al lang geleden opgegeven.''

Dat klopt, in alle restaurants en cafés in Frankrijk wordt onbekommerd gerookt, of er nu een zogeheten zone-indeling is of niet. Is er voor het laatste geen plaats, dan kan er overal gerookt worden. Zo luidt althans de conclusie in de praktijk. Maar volgens de wet zou de gevolgtrekking moeten zijn dat er dan nergens gerookt mag worden.

De uitbater van Café des Initiés weet het, hij kent zelfs, zoals overigens de meeste Fransen, de wet bij naam: de loi-Évin. Maar ja: ,,Als we ons daaraan gaan houden, krijgen we hier Amerikaanse toestanden.''

Voor de ontkrachting van welke wet dan ook is het laatste een afdoend argument, in Franse oren. Amerikaanse toestanden. De loi-Évin, vernoemd naar minister Claude Évin, voorzag erin, in 1991 al. Maar ook de loi-Veil, uit 1976, verbood het roken al algemeen in alle openbare en gemeenschappelijke ruimten inclusief bedrijven, scholen, ziekenhuizen, openbaar vervoer, taxi's en liften. Enige uitzondering: speciaal voor rokers ingerichte plaatsen. Die moeten afgesloten zijn, op de rookzones in de horeca na, en tien keer beter worden geventileerd dan normale ruimten – wat ook voor de horeca geldt.

De boete bij overtreding door een particuliere persoon loopt op tot ongeveer 250 euro, voor een in gebreke blijvend bedrijf tot ongeveer 500 euro.

Niemand trekt zich iets van de wet aan. Strijden met de wet in de hand tegen overtredingen is volgens de Vereniging voor de Rechten van Niet-Rokers (ADNF) ,,mogelijk, maar moeilijk''. Ondanks enige, voor niet-rokers gunstige, jurisprudentie, ontstaan door verbeten volhouden van enkelingen licht zowel het bedrijfsleven als de overheid grootscheeps de hand met de wet.

Naar schatting houdt hooguit 15 procent van de bedrijven en overheidsinstellingen zich aan de wet. Vorig jaar won de vereniging wel twee eerste processen tegen restaurants.

Een verbod dat strikt wordt nageleefd is dat op het maken van reclame voor sigaretten. Rookwaar is bovendien uitsluitend verkrijgbaar bij de `buralistes', caféhouders met een hoekje tabaks- en snoepwaar. Op zondag zijn er in heel Parijs slechts enkele open. Automaten hebben nooit bestaan in Frankrijk. Wel verkoopt menig café of restaurant een of twee merken vanonder de toonbank, met een prijsopslag van 30, 40 procent.

Van de officiële verkoopprijs is nu iets meer dan 80 procent accijns. Forse prijsverhogingen – twee vorig jaar, een derde begin deze maand – hebben de prijs voor een pakje Marlboro op vijf euro gebracht. De kleine verpakking van tien sigaretten is afgeschaft, omdat deze jongeren tot roken zou aanzetten. Een louter psychologische aanpassing van de fabrikanten is de in opmars zijnde verpakking van negentien sigaretten - de verplichte minimale hoeveelheid - waardoor de prijs minder stijgt.

Volgens Gérard Audureau van de Vereniging voor de Rechten van Niet-Rokers brengt een prijsverhoging van minimaal 8 procent met zich mee dat ongeveer 4 procent van de rokers stopt. Hij juicht de verhogingen dus toe, maar hij vindt het er te veel achter elkaar.

Audureau: ,,Sinds president Jacques Chirac vorig jaar de strijd tegen kanker heeft afgekondigd is er sprake van een duidelijke omslag. Poltieke wil is van reusachtig belang. Die is er nu voor het eerst. Maar wij betreuren de frequente prijsverhogingen. Ten eerste gaat het effect verloren, ten tweede heeft de regering nu een prijsbevriezing van vier jaar beloofd. Dat wordt uitgelegd als een aftocht en dat is nooit goed.''