Bewust vergeten kan, dankzij frontale cortex en hippocampus

Mensen zijn in staat om herinneringen bewust te onderdrukken. Voor die onderdrukking gebruiken zij hetzelfde hersennetwerk als bij de vorming van de herinnering: een deel van de frontale cortex samen met de hippocampus. Dit blijkt uit een experiment in een fMRI-scanner waarbij proefpersonen de opdracht hadden om te voren aangeleerde associaties te onderdrukken (Science, 9 jan).

Het is voor het eerst dat voor `bewust vergeten' een neurobiologische basis is gevonden. Dat mensen bewust iets kunnen vergeten was al eerder door leden van hetzelfde team van de universiteit van Oregon vastgesteld (Nature, 15 maart 2001). De constatering gaat in tegen de breedlevende gedachte dat het juist vrijwel onmogelijk is om iets bewust te vergeten. De betrokken onderzoekers vermoeden dat het bewuste-vergeetmechanisme ook een rol speelt bij het proces van vergeten van traumatische gebeurtenissen. Herhaalde onderdrukking zou kunnen leiden tot volledige uitwissing.

Psychologen van de Stanford en van de Universiteit van Oregon leerden proefpersonen eerst aangeleerd woorden met elkaar te associëren: ordeal - roach, steam - train, jaw - gum (36 paren in totaal). In de scanner werd hen vervolgens vier seconden lang het eerste woord getoond en kregen ze de opdracht aan het bijgeleerde tweede woord te denken. Maar soms kregen ze de opdracht daar juist niet aan te denken. Na deze scan-sessie werden ze nogmaals getest of de `niet-aan-denken!'-opdracht ook daadwerkelijk invloed had op het geheugen. Dat bleek inderdaad het geval: proefpersonen die de opdracht hadden gekregen niet aan een bepaalde associatie te denken, bleken zich die associatie slechter te herinneren dan andere, gemiddeld 12% slechter.

Om te kijken wat er nu precies onderdrukt was (het woord zelf of de associatie tussen twee woorden) werden na de scan ook nieuwe woorden getoond, met een hint (de eerste letter) naar een van de onderdrukte woorden. Bijvoorbeeld insect r... of vehicle t.... Wie in de scan niet aan roach had willen denken komt er dan hier ook niet zo gemakkelijk meer op. Dat betekent dat het woord zelf en niet de associatie met ordeal wordt onderdrukt.

De proefpersonen verschilden sterk in de mate waarin ze erin slaagden om de herinnering te onderdrukken, maar uit de hersenscans bleek dat het succes van de onderdrukking nauw samenhing met de activiteit in specifieke hersendelen onder meer in de frontale cortex en de hippocampus, een systeem waarvan de betrokkenheid bij herinnering bekend is. Opmerkelijk was dat die activiteit bij `bewust vergeten' groter was dan wanneer de woorden uit het geheugen moesten worden opgediept.