Aldi dwingt fabrikanten goedkoop te leveren

Elke woensdagochtend staan ze voor een van de 387 Aldi-supermarkten te wachten: de koopjesjagers. Als de deuren opengaan rennen ze naar die paar computers, hometrainers en televisies. Aldi is ook een van de aanjagers van de recente prijzenoorlog tussen supermarkten.

De Duitse keten is spotgoedkoop, omdat hij zijn fabrikanten minimaal één keer per jaar dreigt geen producten meer af te nemen als ze hun prijzen niet verlagen. Een maand voor het aflopen van het contract vraagt Aldi meestal twee of drie concurrenten of ze een vergelijkbaar product goedkoper kunnen maken. Met die prijs vragen ze hun huidige fabrikant ook voordeliger te leveren. Kan of wil hij dat niet, dan neemt Aldi geen artikelen meer af.

Dat zeggen oud-directeur U. Schnier van Aldi Nederland en K. de Jong, die als manager bij drie fabrikanten van huismerken onder andere shampoo en müsli leverde aan Aldi. De Jong schat dat de supermarktketen tientallen keren per jaar verandert van fabrikant of zijn huidige fabrikant weet over te halen zijn prijzen te verlagen. ,,Fabrikanten kunnen tientallen procenten omzet verliezen als ze Aldi kwijtraken.''

Tot halverwege de jaren negentig liet Aldi hierdoor fabrieken failliet gaan, zegt De Jong, zonder voorbeelden te noemen. Dat beleid is gewijzigd. Als een bedrijf door stopzetting van de levering in problemen komt, hanteert Aldi een overgangsperiode. Door deze methode kan het supermarktbedrijf ongeveer twee keer per maand de prijs van tien à twintig producten verlagen. De strategie gaat volgens Schnier en De Jong niet ten koste van de kwaliteit van Aldi-producten. Die zou vrijwel gelijk zijn aan die van topmerken.

De directie van Aldi Nederland weigert commentaar te geven over haar beleid.

Aldi: pagina 20