Aflaten in plaats van oplossingen in het milieu

In de Middeleeuwen konden mensen hun zonden afkopen, en zich een plaats in de hemel verwerven door aflaten te kopen bij de rooms-katholieke geestelijken. Zondigen wordt dan natuurlijk ook makkelijker, als je je straf kunt afkopen. Het lijkt erop dat men op milieugebied een moderne variant van de aflaat ontdekt heeft. Men koopt zijn milieuschuld af door voor groene energie te kiezen, tegen kernenergie te zijn, biologisch voedsel te eten en dergelijke. Dit sust de gewetens, zodat men lastiger keuzes die ingrijpen in de eigen levensstijl, uit de weg kan gaan.

Men moet dan kiezen of men wel of niet met de auto naar de supermarkt om de hoek zal rijden, en men moet elke dag bewust afwegen of men niet beter met fiets of openbaar vervoer kan reizen dan gemakzuchtig in de auto te gaan zitten. Zolang die windmolens maar niet voor mijn deur staan, mag men het hele land er mee volbouwen. Wie even nadenkt, weet dat groene energie een doekje voor het bloeden is; ook de abonnees op groene energie sluiten heus niet hun elektriciteit af als het windstil is, hoewel ze zouden moeten beseffen dat ze op zo'n moment vooral die door hen zo verfoeide kernenergie uit Frankrijk gebruiken.

Ook de overheid doet mee aan de aflaatziekte; er worden mooie intenties uitgesproken, men geeft veel geld uit aan onzinnige (maar goed in de markt liggende) maatregelen zoals de terugdringing van de radonbelasting, die toch al de laagste in Europa is, of de bekabeling van hoogspanningsleidingen. We willen wel allemaal vliegen, maar het mag geen geluid maken.

Wat betreft het broeikasgevaar is de parallel met de Middeleeuwse aflaten nog evidenter. In plaats van zelf met impopulaire maatregelen in eigen land een energiebesparing af te dwingen (maar ja, 6 miljoen autobezitters zijn

6 miljoen stemmers) kopen wij onze schuld af door in het buitenland besparingen op CO2-uitstoot in te kopen. Zo kunnen we nog best een poosje doorgaan met potverteren en doormodderen met pseudo-maatregelen, maar het kan zijn dat op een gegeven moment de wereld te vol en te klein zal blijken.