Vestdijk

Het stuk Miekes Hellevaart (NRC Handelsblad, 24 december 2003) wekt de indruk dat bij uitgevers en het publiek nog weinig belangstelling bestaat voor het werk van Simon Vestdijk, mijn vader. Daarmee ben ik het niet eens. Dat de Bezige Bij en Nijgh & Van Ditmar de verzamelde romans van mijn vader verramsjten, zal zeker iets zijn waar mijn moeder spijt van heeft er toendertijd niet feller tegen geweest te zijn, maar weerhoudt haar er niet van door te gaan met het aandacht vragen voor het werk. Op de website www.svestdijk.nl zie ik met de schoolvakanties wisselende maar in de loop der jaren stijgende bezoekersaantallen.

Zowel een uitgeverij van handgemaakte boeken als een website zijn goede middelen om de geïnteresseerden te informeren. Ik zie dus geen teloorgang van mijn vaders werk, maar meer een golfbeweging waarmee de waardering voor een bepaalde literaire periode beweegt. Dat Nijgh & Van Ditmar zich meer ontwikkelt tot een fonds rond kleinkunst en de Bezige Bij zich toch liever profileert met werk van levende schrijvers, men kan het betreuren maar is nog geen reden tot cultuurpessimisme. Andere uitgevers ontstaan (Conserve) of ontplooien nieuwe initiatieven (Van Oorschot) om de literatuur die minder `knispert' en daarom misschien meer van de verzapte lezers vraagt, in druk te houden. Bestsellers hoeven het toch niet meer te worden, als er maar een representatief deel beschikbaar is.

Aan de erven Vestdijk zal het niet liggen – geen enkel oprecht plan wordt een strobreed in de weg gelegd. Dat mijn moeder boeken inzake vrouwen naar haar hand zou hebben gezet, lijkt me te veel macht toegedicht aan de weduwe cq erfgenamen; zoveel te sturen valt er niet, hoe graag je het soms zou willen omwille van privacy die familie vraagt.