Opgetild en als een schip weggedreven

Er was eigenlijk niets mis met de veendijk in Wilnis. Behalve dat de kade droog was. Net als vele andere veendijken. Ook die kunnen wegschuiven, zo blijkt uit een gisteren gepresenteerd rapport.

,,De dijkenbouwers wensen de inwoners van Wilnis een droog 2004'', staat op een spandoek bij de werkzaamheden aan de boezemkade die in de nacht van 25 op 26 augustus 2003 verschoof en een wijk in de achterliggende polder Groot-Mijdrecht onder water zette. De nieuwjaarswens is misschien wat ongelukkig geformuleerd. Juist de droogte heeft naar alle waarschijnlijkheid de dijkverschuiving veroorzaakt, zo blijkt uit het gisteren gepresenteerde rapport van kennisinstituut GeoDelft.

De Delftse ingenieurs zijn er na maanden onderzoek achter gekomen hoe de fatale verschuiving in z'n werk moet zijn gegaan. Er was eigenlijk niets mis met de dijk, stelt onderzoeker Hans Dekker, hij voldeed aan alle eisen die aan een secundaire waterkering worden gesteld. De veenkade was zo opgebouwd dat hij een grote, langdurige druk van hoogwater in de ringvaart zou kunnen weerstaan. Het probleem kwam echter door de langdurige droogte niet van opzij, maar van onderen. ,,Er moet een zeer hoge waterdruk in de diepe zandlaag zijn geweest. Wat wij hebben onderzocht is hoe dat kan. En wat we hebben beschreven is een keten van gebeurtenissen die tot die situatie hebben geleid'', aldus Dekker.

Uit de reconstructies is gebleken dat het veen in de dijk onder invloed van de maandenlange droogte gewicht en volume heeft verloren. Er zijn vervormingen ontstaan toen de dijk geen tegendruk meer kon geven aan de opwaartse druk van het grondwater onder de dijk. Dat proces is begonnen aan de binnenrand van de dijk, de zogenoemde teen, en deze `opdrijfzone' heeft zich langzaam uitgebreid naar de rest van de kade, richting ringvaart.

Fataal is volgens de ingenieurs geweest dat op een gegeven moment via een spleet in de kade water uit de ringvaart in de dijk sijpelde en uiteindelijk in verbinding kwam te staan met het grondwater van een pleistocene zandlaag onder de dijk, dit nadat beschoeiingsplanken een ondoorlatende kleilaag hadden geperforeerd. De druk op het dijklichaam die vervolgens vanuit het water uit de ringvaart ontstond was zo groot, dat de dijk ging schuiven en vijf tot zeven meter verder tot stilstand kwam. ,,Opgetild en als een schip weggedreven'', aldus onderzoeker Dekker.

De dijkafschuiving in bewoond gebied is een tamelijk unieke gebeurtenis, stellen de onderzoekers uit Delft, maar zij achten het goed mogelijk dat zich bij een nieuwe periode van droogte elders in Nederland soortgelijke calamiteiten kunnen voordoen. Reden genoeg voor het hoogheemraadschap Amstel, Gooi en Vecht om binnen enkele maanden te beginnen met dijkversterkingen op plaatsen waar mensen wonen en werken. Er komen steunbermen, waarbij een laag zand aan de teen van de dijk wordt aangebracht die het veenpakket verzwaart en daardoor bij droogte op z'n plaats kan houden. Op sommige plaatsen wordt het veen vervangen door klei. Ook zullen hier en daar stalen damwanden worden geslagen, zoals nu bij het getroffen dijkvak in Wilnis. Dat laatste is bijzonder kostbaar. Het hoogheemraadschap trekt voor de maatregelen in totaal ,,enkele tientallen miljoenen euro's'' uit, aldus dijkgraaf Johan de Bondt. Ook andere waterschappen bereiden maatregelen voor, op basis van gedetailleerde kaarten die binnenkort beschikbaar komen, waarop kwetsbare dijkvakken worden vermeld.

Van verwijtbaar handelen of zelfs regelrechte schuld is bij het hoogheemraadschap geen sprake, menen de onderzoekers. De dijk, aangelegd omstreeks 1880, was ,,stabiel'', er was geen sprake van achterstallig onderhoud en ongeveer een half jaar voor de verschuiving was de kade nog verhoogd met klei, nadat er bij hevige regenval in augustus 2002 water over de ringvaart was gelopen. De kade was nooit gecontroleerd op droogte, maar dat hoefde ook niet volgens de normen. Er wordt gewerkt aan nieuwe normen waarin ook met droogte rekening wordt gehouden en die verplichten tot toetsing. Dijkgraaf De Bondt heeft intussen geen behoefte aan een second opinion en wijst iedere aansprakelijkheid af. Het hoogheemraadschap heeft wel anderhalve ton gestort in een regionaal rampenfonds, maar claims worden niet gehonoreerd.

Burgemeester Marianne Burgman van de gemeente De Ronde Venen, waar Wilnis onder valt, denkt daar anders over. Volgens haar is dit technische onderzoek zeker niet de laatste waarheid. ,,Het onderzoek roept allerlei vragen op. Het proces dat leidde tot de verschuiving heeft zich in enkele maanden voltrokken. Waarom is er in die periode niets gezien? En als er wel iets is gezien, waarom heeft men niets gedaan? Hoe zat het met de beschoeiing?''

Een onafhankelijke commissie gaat deze veelal bestuurlijke vragen onderzoeken. In afwachting van de uitkomsten van dat onderzoek handhaaft de gemeente haar claim van zes miljoen euro bij het hoogheemraadschap. Ook de rijksoverheid vergoedt een deel van de schade.