Justitie: schikking met werknemers Mariëndijk

Het openbaar ministerie in Den Haag heeft een schikking getroffen met vijf werknemers van het handelsinformatiebureau Mariëndijk uit Zoetermeer.

Mariëndijk, dat onder meer handelt in financiële gegevens over burgers en bedrijven, wordt door Justitie als een criminele organisatie beschouwd. Acht werknemers van het bureau werden verdacht van oplichtingspraktijken.

De informatiemakelaar kwam vorig jaar in opspraak toen bekend werd dat het kantoor in duizenden zaken onrechtmatig privé-gegevens over burgers lospeuterde bij allerlei instanties met een geheimhoudingsplicht, zoals banken, sociale diensten, rechtbanken, uitkeringsinstanties en de fiscus.

Dat gebeurde doordat medewerkers van het bureau, of een tussenpersoon, zich over de telefoon uitgaven onder valse naam of hoedanigheid, aldus het justitiële dossier. Zo dachten medewerkers van de gedupeerde instanties vaak dat zij met collega's te maken hadden als zij privé-informatie over bijvoorbeeld bankrekeningen, belastingschulden of criminele antecedenten prijsgaven.

Met dergelijke privé-gegevens konden de opdrachtgevers van Mariëndijk inzicht krijgen in de wijze waarop bijvoorbeeld schulden bij privé-personen konden worden geïnd. Nagenoeg alle grote advocatenkantoren in Nederland, waaronder het kantoor van de landsadvocaat, maakten gebruik van gegevens bij Mariëndijk.

Een woordvoerder van het parket in Den Haag zei gisteren dat de vijf werknemers van Mariëndijk zich, in ruil voor taakstraffen variërend van zestig tot honderd uur, niet voor de rechter zullen hoeven verantwoorden. De zaak tegen twee andere medewerkers van het bureau werd geseponeerd wegens hun geringe betrokkenheid bij de zaak.

In maart moet de directeur van Mariëndijk, de 44-jarige D.E., voor de rechtbank verschijnen. Hij wordt beschuldigd van oplichting en het leiding geven aan een criminele organisatie. In oktober werd al een 36-jarige Hagenaar wegens oplichting veroordeeld tot twaalf maanden gevangenisstraf, waarvan zes voorwaardelijk. Hij werkte met zijn eenmansbedrijf veel voor Mariëndijk, vooral nadat het College Bescherming Persoonsgegevens (CBP) in 2002 een inval had gedaan bij de informatiemakelaar in Zoetermeer. Het CBP deed aangifte van de wanpraktijken, waarna justitie een onderzoek instelde.

Het CBP laakte ook de houding van de advocatenkantoren die Mariëndijk gebruikten om informatie los te krijgen die zij zelf niet via legale weg konden krijgen. ,,Bonafide Nederland shopt bij dit bureau en krijgt informatie die voor een deel echt niet kan'', zei CBP-lid U. van de Pol in september in een vraaggesprek met NRC Handelsblad.