Kunstenmens met zakelijke inslag

,,Verrassend, hè? Vind ik zelf ook een beetje.'' De functie van directeur van de Bond van Nederlandse Architecten (BNA) was ook niet het eerste waar Marie-Hélène Cornips (1955) aan dacht toen ze in november 2002 op zoek moest naar een nieuwe baan. Maandag was haar eerste werkdag op het kantoor van de BNA in Amsterdam.

Cornips was sinds 1995 hoofd van de concernstaf Kunst en Vormgeving bij KPN, de illustere nazaat van de Dienst Esthetische Vormgeving van de PTT. Die was in de jaren twintig opgericht om het uiterlijk te verzorgen van alle PTT-producten, variërend van postzegels, brievenbussen en telefooncellen tot de bureaus van de ambtenaren. De nieuwe brievenbussen van ontwerpbureau NPK zijn nog mede onder Cornips' leiding tot stand gekomen. Door de jaren heen werd die taak uitgebreid met een bedrijfskunstcollectie die veel aanzien genoot. Maar aan het begin van het nieuwe millennium waren de schulden van het telecombedrijf zo hoog opgelopen dat de nieuwe directeur, Scheepbouwer, besloot de afdeling te sluiten. ,,Eeuwig zonde'', zegt Cornips. ,,Financieel leverde sluiting helemaal niet zo veel op, het ging vooral om een schijn van daadkracht.''

Ook oud-PTT-topman Wim Dik vond het jammer, zegt hij zelf. ,,Die fraaie erfenis hoorde bij het imago van het bedrijf en Marie-Hélène heeft die met enthousiasme uitgebreid en beheerd.'' Bij het leidinggeven kwam zij in botsing met wat Dik ,,conservatieve krachten'' noemt binnen die afdeling. ,,Daar zijn spaanders gevallen. Ik heb haar daarin moeten coachen, maar dat pakte ze goed op. Als de BNA een hardere wereld is dan KPN zal dat van haar enige aanpassing vergen.''

Cornips slaakte een zucht van verlichting, zegt ze zelf, toen het na lang praten lukte om de collectie te handhaven en 2,5 fte te behouden om die te beheren. Ze is er ook trots op dat het gelukt is alle tien medewerkers aan ander werk te helpen voordat het doek viel – alleen voor zichzelf moest ze nog een passende werkkring vinden.

Cornips was, en is nog altijd, zeer betrokken bij de beeldende kunst. Ze studeerde kunstgeschiedenis in Utrecht, werkte als adviseur van het ministerie van Cultuur, toen CRM, aan de percentageregeling (1 procent van de bouwsom van openbare gebouwen wordt aan kunst besteed) en was conservator van het Groninger Museum van 1983 tot 1993, de tijd waarin het museum onder Frans Haks de controversiële nieuwbouw realiseerde. Bij het Fonds Beeldende Kunst, Bouwkunst en Vormgeving – ook bekend als `het fonds met de lange naam' – is ze voorzitter geweest van de commissie die individuele subsidies toekent. Verder is ze bestuurslid van de Mondriaan Stichting die de kunstsubsidies van het rijk verdeelt.

Ze zocht een nieuwe werkkring in de museumwereld. Volgens ingewijden sloot ze zelfs een lening af toen de afvloeiingsregeling van KPN op was, zodat ze langer kon doorzoeken. Er zijn immers functies vacant bij het Van Abbe Museum, Boijmans en het Stedelijk. ,,Alles zit potdicht'', ontdekte ze. ,,Je moet nu onder de veertig zijn en uit het buitenland komen wil je ergens binnenkomen.''

In september vorig jaar stond de advertentie voor directeur van de BNA in de krant. ,,Ik ben de eerste nieuwe directeur in achttien jaar, ik denk dat er ruimte is voor vernieuwing. Ik wil ervoor zorgen dat de BNA er is voor álle architecten, maar dan zal voor hen duidelijk moeten worden wat de BNA in de toekomst aan hun vak kan bijdragen. In de tijd van Berlage was de architect een bouwkunstenaar. De architect moet die prominente rol in het bouwproces weer gaan vervullen.''

Anders dan Cornips zelf vindt Els Swaab – advocaat bij Boekel de Nerée, commissaris van De Nederlandsche Bank en bestuursvoorzitter van de Mondriaanstichting, waar ze Cornips van kent – de overstap naar de BNA niet zo verbazingwekkend. ,,Ze heeft een grote inhoudelijke kennis en ze denkt klantgericht en commercieel. Ze kan van de BNA iets moderners maken. Het is een mensgericht mens, hooguit met een soms korte lont.''

Ook Els Barends, directeur van het particuliere fotografiemuseum Huis Marseille in Amsterdam, waar in 2001 een tentoonstelling werd gehouden van stukken uit de KPN-collectie, bewondert ,,het gemak waarmee zij zich met de zakenwereld verstaat. Dan reed ze in een veel te dikke auto met piepende banden de garage in om met van die commerciële heren in de slag te gaan.'' Bij de BNA rijdt Cornips nu Volvo.