`Europa mag Amerika wel dankbaar zijn voor groei'

Zonder de grote Amerikaanse tekorten zou Europa er veel slechter voorstaan. Dat zegt econoom-annex-belegger Jaap van Duijn van Robeco. `Een standbeeld voor de onbekende Amerikaanse consument.'

Slecht onderwijs, mislukte integratie (,,Nergens dragen de immigranten zo weinig aan de economie bij als in Nederland''), een stagnerende beroepsbevolking, die bovendien aanzienlijk minder uren maakt dan elders.

Deze kwalen zetten Nederland, ja zetten heel continentaal Europa, dat min of meer aan dezelfde kwalen lijdt, op achterstand bij de Verenigde Staten. Dit Europa is niet te benijden. Amerika loopt almaar verder van Europa weg en China is bezig om op Europa in te lopen. Dat Europa nog economisch groeit, is eigenlijk een wonder.

Volgens Jaap van Duijn, hoofdstrateeg bij belegger Robeco (108,2 miljard euro aan belegd vermogen), mag Europa Amerika wel dankbaar zijn dat het überhaupt nog groeit. Op zijn drukbezochte, halfjaarlijkse persconferentie gisteren, twintig hoog in het hoofdkantoor aan de Coolsingel, bagatelliseerde hij de grote Amerikaanse tekorten niet. Maar zonder die grote tekorten, dus zonder de Amerikaanse belastingverlaging en opgevoerde defensieuitgaven, zou de rest van de wereld er nu aanzienlijk slechter voorstaan, Europa voorop.

Het stimuleringsbeleid van president Bush heeft geholpen. Helpt nog steeds. En natuurlijk helpt de lage rente van Greenspan, de Amerikaanse centrale bankier. Amerika groeit en bloeit en consumeert. Van Duijns conclusie? ,,Een standbeeld voor de onbekende Amerikaanse consument.''

En al voelt dat in Nederland nog niet zo aan, sinds afgelopen najaar is in Europa de recessie voorbij, zegt hij, een half jaar nadat Amerika aan zijn uitbundige herstel begon. Dit jaar zal de economie in Europa eerder mee- dan tegenvallen, het pessimisme ten spijt, want dat pessimisme is eigenlijk de naschok van de recessie. Nederland is uitzondering. Nergens in Europa slaat de recessie zo hard toe als hier. Zo is de consumptie vorig jaar in Nederland nog harder gedaald dan tot voor kort werd aangenomen. Van Duijn heeft er geen goede verklaring voor. Opmerkelijk voor een econoom die nu al weet dat ,,over acht à negen jaar de volgende recessie begint''.

Des te stelliger is hij over het Nederlandse bezuinigingsbeleid. ,,Niet verstandig'' om in een recessie te bezuinigen als burgers en bedrijven dat ook al doen. ,,Zo hebben wij dat op school nooit geleerd.'' Al bezuinigen overheden in recessies vrijwel altijd mee, zo relativeert hij. En dat maakt weer het stimuleringsbeleid van Bush ,,des te unieker'', waarbij het mooi was geweest als Europa, als Nederland had meebewogen.

Maar Europa, Nederland, was toch aan het Stabiliteitspact gebonden? Dat pact was een politieke afspraak, meent hij. Om een variant op Bush' beleid te gebruiken: had een Franse minister niet tegen Zalm gezegd: `Gerrit, heeft Nederland niet ook een beetje geprofiteerd van het Franse begrotingsbeleid?' Waaraan Van Duijn toevoegt dat het Amerikaanse begrotingstekort inmiddels niet meer uitdijt, maar stabiliseert, dankzij de extra belastinginkomsten die de Amerikaanse hoogconjuntuur genereert. ,,Wat niet wil zeggen dat het [met die Amerikaanse tekorten] nu allemaal weer geweldig is.''

Van Duijn zou Van Duijn niet zijn als hij niet een aantal voorspellingen deed. Ook nu weet hij van de hoed en de rand: de (lange) rente stijgt voorlopig niet (de vrees van de pactverdedigers ten spijt) maar blijft op 4 procent steken, de inflatie neemt pas in 2006 of 2007 weer toe en dit jaar komt er bij een eurokoers van 1,30 à 1,31 dollar een eind aan de dollardaling.

De aardigste voorspelling? Precies tegengesteld aan wat volgens hem vrijwel alle effectenhuizen beweren: de beurskoersen zullen dit jaar weliswaar hoger eindigen, maar niet in het eerste halfjaar, pas in het tweede halfjaar. Zijn verklaring? Als iedereen beweert dat de beurskoersen in het eerste halfjaar omhoog gaan, dan heeft iedereen al aandelen gekocht en heeft de koersstijging zich dus al voltrokken.

En mocht deze logica u niet overtuigen, dan heeft Van Duijn nog een historische verklaring. Dit jaar is het in Amerika verkiezingsjaar. En in alle Amerikaanse verkiezingsjaren zijn de beurskoersen in het eerste halfjaar gedaald, in het tweede halfjaar gestegen – sinds 1900.