Dans en zang uit Lorraine

Terwijl toneelregisseurs in Nederland eindelijk het operapodium veroveren – deze maand Ivo van Hove bij de Nederlandse Opera met Tsjaikovski's Iolanta en Gerardjan Rijnders met Der Prinz von Homburg bij de Nederlandse Reisopera – wordt opera elders al door choreografen geënscèneerd. Zo brengen de Opéra de Nancy et de Lorraine en het Ballet de Lorraine in het Amsterdamse muziektheater nu Blauwbaards Burcht van Bartók, geregisseerd door de choreografe Karole Armitage.

De Belgische choreografe Anna Teresa de Keersmaeker regisseerde Blauwbaards Burcht zes jaar geleden al in Brussel. Van choreografie was toen nauwelijks sprake, de beelden bij het openen van de zeven mysterieuze deuren waren door De Keersmaeker op film gezet. Armitage `illustreert' nog minder, haar dansers hebben een bescheiden functie als edelfiguratie, gedanst wordt er nauwelijks of niet.

De meest dansante rol is voor de elegante en ravissante sopraan Natasja Petrinsky die wervelt om Blauwbaard, gezongen door Csaba Airizer, mèt blauwe baard. Maar het is ook heel goed mogelijk om deze Blauwbaards Burcht te zien als een `gewone' voorstelling, in opera-enscèneringen komt immers zo vaak choreografie voor. Armitage's interpretatie van het mysterie (mannen zijn bang voor vrouwen) verwoordt ze in het programmaboekje interessanter dan ze die op het podium toont. De bijna bewegingsloze Blauwbaard kan men immers ook zien als de man voor wie zijn overwinning op Judith al vaststaat.

Er wordt redelijk goed gezongen, al zouden volume en présence vooral bij Aizirer sterker kunnen. Opmerkelijk is de begeleiding van Holland Symfonia, met een eerder kamermuzikale dan symfonische klank.

SZ 110, La Sonate... en Blauwbaards Burcht. Enscenering en choreografie: Karole Armitage. Gezien: 6/1 Muziektheater Amsterdam. Herh.: 8/1.