OM: lijk van Irakees niet onderzocht

De Koninklijke Marechaussee is niet in staat geweest het lichaam te onderzoeken van de Irakees die vorige week is overleden door een schot van een Nederlandse marinier.

De marinier, die vanmiddag zou worden voorgeleid aan de rechter-commissaris in Arnhem, wordt door de Nederlandse justitie verdacht van moord, doodslag dan wel dood door schuld.

Procureur-generaal J. de Wijkerslooth verklaarde gisteren in Nova dat hij niet verwacht dat de bewijspositie van het OM in gevaar komt omdat het lijk niet is onderzocht. Hij zei dat er voldoende getuigen zijn die het vermoeden van het OM staven dat de Irakees door een schot van de marinier is overleden. Volgens hem is het lijk niet onderzocht omdat dit het begrafenisritueel zou hebben verstoord.

De Wijkerslooth zei niet uit te sluiten dat de Irakees is gedood door een afgeketste kogel. Maar volgens hem staat de geweldsinstructie voor militairen in Irak, die officieel geheim is, niet toe dat wordt geschoten op plunderaars. De bevoegdheden van de militairen in Irak zijn vergelijkbaar met die van de Nederlandse politie, aldus De Wijkerslooth. ,,De politie mag niet zomaar schieten, ook niet op plunderaars.''

Het ministerie van Defensie, dat commentaar weigert op de uitlatingen van De Wijkerslooth, maakte gisteren bekend dat Nederlandse militairen in het nieuwe jaar opnieuw bij twee schietincidenten betrokken zijn geweest. In één geval, op 3 januari tussen As-Samawah en Basra, ging het om een plundering van twee Amerikaanse brandstoftrucks door circa honderd Irakezen. Volgens Defensie reageerde ,,een agressieve menigte'' niet op eerste waarschuwingen, waarna ,,twee series waarschuwingsschoten'' werden gelost. Hierbij vielen geen doden of gewonden. In het tweede geval, ook op 3 januari in het centrum van As-Samawah, werden Nederlandse mariniers te hulp geroepen nadat Irakezen vanuit een pand het vuur hadden geopend op landgenoten op straat. Hierbij vielen vijf gewonden en mogelijk één dode. Nederlandse mariniers werden te hulp geroepen om het conflict te smoren en vuurden drie waarschuwingsschoten af, aldus Defensie.

In een brief die minister Kamp (Defensie) vanmiddag naar de Kamer zou sturen, staat dat er voor de militairen in Irak geen onduidelijkheid bestaat over de geweldsinstructie. Deze stelt de militairen ,,onverkort in staat'' hun taken uit te voeren. Bakker (D66) had vragen aangekondigd nadat de militaire vakbond AFMP zei dat de geweldsinstructie niet is gepubliceerd. Kamp laat weten dat dit niet betekent dat bij de militairen zelf twijfel bestaat over hun bevoegdheden. Ook schrijft hij geen bemoeienis te hebben met het onderzoek van het OM. De Marechaussee, waarvoor hij verantwoordelijk is, werkt in dezen onder gezag van het OM, aldus Kamp.