Iran, Egypte herstellen betrekkingen

Iran en Egypte hebben vandaag hun diplomatieke betrekkingen hersteld. Dat heeft de Iraanse vice-president Mohammed Ali Abtahi bekendgemaakt.

De bekendmaking kwam kort na het besluit van de gemeenteraad van Teheran om een straat die de naam draagt van de moordenaar van de Egyptische president Sadat, Khaled Islambouli, te herdopen. Hierdoor werd het laatste struikelblok voor herstel van de betrekkingen weggenomen. De Egyptische minister van Buitenlandse Zaken, Ahmad Maher, zei zondag al dat Kairo graag weer relaties wilde.

Iran verbrak in 1980 zijn betrekkingen met Egypte wegens Sadats vredesakkoord met Israël en omdat de Egyptische regering de verdreven sjah van Iran onderdak had geboden. Het herstel van de relaties vormt een nieuwe, belangrijke stap in het geleidelijke proces van doorbreking van het isolement waarin Iran zichzelf na de islamitische revolutie van 1979 stortte. Met bijna alle landen waarmee Teheran indertijd ruzie kreeg of maakte zijn de betrekkingen inmiddels genormaliseerd; alleen met de VS en Israël nog niet.

De ontmoeting tussen de presidenten van Iran en Egypte, Mohammed Khatami en Hosni Mubarak, in Genève vormde op 10 december de eerste aanwijzing dat herstel van de betrekkingen nu echt dichtbij kwam. Er waren wel eerdere pogingen tot toenadering geweest, maar die waren telkens gestrand.

De Islamboulistraat werd aan Iraanse zijde daarbij als wapen gebruikt. Zoals in 1999, toen Khatami's – hervormingsgezinde – regering het initiatief nam tot toenadering tot Egypte. President Mubarak wilde best, mits ,,er geen sprake is van inmenging in interne aangelegenheden'', wat sloeg op de Islamboulistraat. Maar suggesties van de Iraanse overheid de straat te herdopen werden toen door conservatieve Iraanse kranten als ,,daad van verraad jegens de islam en de revolutie'' verketterd. Militanten schilderden een groot portret van Islambouli op een blinde muur in de straat, en van relaties werd niets meer vernomen.

De gemeenteraad van Teheran, tegenwoordig weer in conservatieve handen, sputterde vandaag nog wat tegen, maar ging er toch mee akkoord de straat voortaan Intifadah te noemen, naar de Palestijnse opstand tegen Israël. De eveneens conservatieve staatsradio en -televisie had haar campagne tegen Egypte al gestaakt. Pragmatisme overheerst dezer dagen in Teheran, zij het nog niet genoeg voor normalisering met Amerika. De VS zijn nu eenmaal van een andere orde dan Egypte.