CPB: overheid vaak onduidelijke opdrachtgever

De rijksoverheid is te vaak een onduidelijke en onbetrouwbare opdrachtgever aan semi-publieke instellingen. Daardoor presteren deze instellingen, zoals universiteiten en ziekenhuizen, niet altijd efficiënt.

Dat concludeert het Centraal Planbureau (CPB) in het vandaag verschenen onderzoek over prestatieprikkels voor semi-publieke instellingen.

Gericht sterker prikkelen tot prestaties kan leiden tot verbetering van de uitvoering van semi-publieke diensten, stelt het CPB. Dat hoeft niet alleen met financiële prikkels (bezuinigingen), ook het inzetten van visitatiecommissies is een goed middel om tot betere prestaties te komen. ,,Visitatiecommissies kunnen tot een afgewogen oordeel komen en ook rekening houden met moeilijk meetbare factoren'', stelt het Planbueau in het rapport.

Ook zouden er meer onderlinge vergelijkingen gemaakt moeten worden (benchmarken) met name bij scholen, regionale politiekorpsen en de regionale kantoren van uitvoeringsinstellingen UWV.

Nu worden bij bijvoorbeeld politie en onderwijs de prestaties afgemeten aan een te beperkte indicator. Bij de politie is dat het aantal uitgeschreven boetes, bij scholen het percentage geslaagde eindexamenkandidaten. ,,Een eendimensionale toetsing kan leiden tot ongewenste effecten, zoals het weren van potentieel moeilijke leerlingen'', aldus het CPB.

Door verkeerd te prikkelen ervaren de semi-publieke instellingen de overheid vaak als een onbetrouwbare opdrachtgever. De staat stelt vaak (te) veel prioriteiten of wijzigt deze in de loop der tijd. Daardoor kunnen instellingen `kopschuw' worden, en weinig animo hebben aan de opdracht tegemoet te komen. ,,Willen prestatieprikkels meer kans krijgen, dan zal de overheid langer moeten vasthouden aan doelstellingen, met als keerzijde geringere mogelijkheden om doelen bij te stellen'', aldus het CPB.

Financiële prikkels zijn op zich een goede methode om uitvoerders tot betere prestaties te brengen. Maar ook de zogenoemde ,,intrinsieke motivatie'' (plezier in het werk, bijdragen aan de maatschappij) moet in de gaten gehouden worden. Medisch specialisten zullen veelal intrinsiek gemotiveerd zijn om kwalitatief goede zorg te leveren, maar kijken daarbij niet naar de kosten. Daar kan een financiële prikkel helpen.

Het uitblijven van financiële prikkels kan de motivatie van werknemers echter ook ondermijnen. Als voorbeeld noemt het Planbureau in zijn rapport ,,goede gemotiveerde universitaire onderzoekers, van wie de motivatie kan afnemen als zij zien dat ongemotiveerde slecht presterende vakbroeders evenveel vervolgfinanciering krijgen''.