Een nieuwe start

Bijna een kwart eeuw was Afghanistan een staat die faalde in zijn belangrijkste taak: vrede en veiligheid bieden aan zijn inwoners. Het land ging altijd al door voor nogal ruw, maar raakte na een bloedige staatsgreep in 1978 in een neerwaartse spiraal van oorlog en onderdrukking. Twee grote mogendheden, de Sovjet-Unie en de Verenigde Staten, bepaalden het lot van Afghanistan in die bloedige periode. De eerste door de jarenlange, verloren strijd tegen Afghaanse mujahedeen; de laatste door de oorlog tegen Al-Qaeda en het Talibaan-bewind die twee jaar geleden met succes werd afgerond en die uiteindelijk resulteerde in de aarzelende wederopbouw van een land en een natie onder toezicht van de internationale gemeenschap. Gisteren bereikte de veelkoppige vergadering die 's lands etnische en religieuze groeperingen vertegenwoordigt, de loya jirga, een akkoord over een nieuwe grondwet. De constitutie maakt van Afghanistan nog geen eenheid en zegt weinig over de stabiliteit in het land. Maar het feit dat er een overeenkomst is, mag een mijlpaal heten. Twee jaar na de verdrijving van een fundamentalistisch regime en ruim dertig jaar na het afzetten van de (nu nog levende) koning Zahir Sjah kan Afghanistan weer hoop hebben op een wat veiliger toekomst. Dat is – met dank aan Washington – meer dan menigeen kortgeleden voor mogelijk hield.

Blijkens de eerste berichten voorziet de grondwet in een staatsinrichting met een sterke president en twee vice-presidenten. Het document spreekt zich uit over de rol van de islam, gelijke rechten voor man en vrouw en de officiële talen van Afghanistan, vanouds een gevoelig punt in een land met zóveel verschillende etnische groepen. Het Perzisch (in Afghanistan Dari genoemd) en het Pathaans (de taal van de grootste bevolkingsgroep) zijn uitgeroepen tot officiële talen. In de nieuwe grondwet staan tal van artikelen die niet naar de zin zijn van een of meerdere van de 502 afgevaardigden in de loya jirga. Niet voor niets is er wekenlang over vergaderd. Op het laatste moment dreigde nog een mislukking, maar na bemiddeling van diplomaten van de Verenigde Naties en de Verenigde Staten werd op de valreep een akkoord gesloten. Of het beklijft is onzeker. Papier is geduldig en afspraken gaan alleen leven als ze in de praktijk worden nagekomen. Veel zal afhangen van de wijsheid en doortastendheid van de Afghaanse president, Hamid Karzai. Hij staat voor de buitengewoon moeilijke opgave om van zijn land, dat nu voorzien is van een grondwettelijk document, een natie te maken. De eerste belangrijke toets zijn de verkiezingen, later dit jaar. Het is voor het eerst sinds decennia dat in Afghanistan vrije, democratische verkiezingen worden gehouden, een gebeurtenis die in deze tribale samenleving uiterste zelfbeheersing vergt van iedereen die aanstoot neemt aan de grondwet, de zittende president, Amerika, de VN en de NAVO als bewaker van de veiligheid in Kabul en omgeving.

Kortom, de Afghaanse bevolking en haar vele stamhoofden en bendeleiders staan andermaal voor een beproeving. Het voorvoegsel `historisch' is in dit verband niet misplaatst. De nieuwe start kan het land van een `falende staat' een `democratie-in-ontwikkeling' maken. De wereldgemeenschap, die veel aan Afghanistan heeft bijgedragen, kijkt met ingehouden adem toe.