De nieuwe Sjoukje is een lastig punt

Karen Venhuizen werd gisteren voor de vijfde maal Nederlands kampioene kunstrijden. De schaatsbond KNSB slaat met het kunstrijden een nieuwe weg in.

Met de realisering van trainingscentra in Nederland en directe ondersteuning van de beste kunstrijders is de schaatsbond KNSB een andere weg ingeslagen. Voorzitter Wierdy de Haan van de commissie kunstrijden gaf gisteren tekst en uitleg na afloop van het Nederlands kampioenschap in ijsstadion Thialf in Heerenveen, dat bij de vrouwen voor de vijfde keer op rij werd gewonnen door Karen Venhuizen. Zij dwong hiermee uitzending af voor de EK van begin februari en de WK van eind maart.

Het doel van de nieuwe Nationale Trainingcentra (NTC) is volgens De Haan om jonge kunstrijders meer faciliteiten te bieden dan zij in het verleden tot hun beschikking hadden. ,,Vorig jaar hebben we gekozen voor een hele andere structuur van het kunstrijden in Nederland. We willen het ijs naar de kinderen brengen. Op 1 oktober van het vorig jaar zijn er centra geopend in Groningen en Zoetermeer. Dit jaar wordt op 1 oktober eenzelfde trainingsfaciliteit geopend in Den Bosch. Het verschil met de oude NTC's is dat kunstrijders in een eerder stadium van hun ontwikkeling naar een hoger niveau worden geleid.''

Of de NTC's resultaat hebben zal pas op langere termijn blijken. Maar daarop wil de KNSB niet wachten. De sectie kunstrijden acht directe successen noodzakelijk voor bekendheid en promotie van de sport in Nederland. Nationale talenten Karen Venhuizen en Martine Zuiderwijk, die reserve is voor EK en WK, krijgen daarom extra ondersteuning. Zo traint Venhuizen momenteel gedeeltelijk in Engeland en Zuiderwijk in Canada. Ook de ontwikkeling van Nastassia Epskamp, die in Berlijn als paar traint met de Duitser Arvid Horst, wordt door de bond met argusogen gevolgd. Mogelijk wordt Horst zelfs genaturaliseerd zodat de twee als team voor Nederland kunnen rijden.

Om de kans op toekomstig Nederlands succes te vergroten is tot slot Chris Howarth aangesteld. De Engelsman is in zijn functie als landelijk trainingscoördinator verantwoordelijk voor de verbetering van het kunstrijden in Nederland, dat moet worden bereikt met het opstellen van landelijke criteria voor de NTC's en het ontwerpen van trainingsschema's voor enkele rijders.

Joëlle Bastiaans, die als tweede eindigde op het NK, wordt uitgezonden naar het wereldkampioenschap voor junioren, dat voor het eerst in de geschiedenis van de KNSB in Nederland wordt gehouden. Vertegenwoordiger Mary Dotsch van het organisatiecomité is verguld met de toewijzing van het evenement, dat van 29 februari tot 7 maart op ijsbaan de Uithof in Den Haag wordt gehouden. ,,Naast het presteren van schaatsers op internationale toernooien is het ook belangrijk dat we grote toernooien organiseren in Nederland. Nu hebben we de kans om te laten zien wat we op dat vlak kunnen.''

Dotsch vindt niet dat het WK voor junioren onder doet voor de mondiale titelstrijd bij de senioren. ,,Er komen ongeveer tweehonderd uitermate getalenteerde jongeren naar Den Haag. Deze rijders komen uit meer dan 45 landen. Die kan ik niet allemaal noemen, maar ook de toplanden Amerika, Canada en China zullen aanwezig zijn. Wij horen van het Nederlandse publiek dat het graag naar kunstrijden kijkt, maar dat er weinig op televisie wordt uitgezonden. Die mensen krijgen nu de kans om toppers live te zien rijden. Ik wil benadrukken dat de schaatsers op het WK een heel erg hoog niveau halen en dat zij de vergelijking met de senioren kunnen doorstaan. Het is goed mogelijk dat in Den Haag een olympisch kampioen van Turijn 2006 rijdt.''

De kans op een volgende Sjoukje Dijkstra, die Nederland veertig jaar geleden het eerste goud op de Winterspelen bezorgde en daarvoor gisteren werd gehuldigd, of Joan Haanappel, is moeilijk aan te geven. ,,Een heel lastig punt. Dat weet je nooit van tevoren. We hebben de structuur zodanig aangepast dat die kans in ieder geval groter is geworden'', zegt Wierdy de Haan.

,,Met Karen, Martine en het paarrijteam willen we aansluiting bij de top vinden. Ik ga niet zeggen dat we een olympisch kampioen krijgen, maar op korte termijn moet aansluiting worden gevonden bij de Europese top. Daaronder versta ik dat we dit jaar op het EK bij de eerste twintig moeten eindigen en het jaar daarna bij de eerste vijftien. Dat is haalbaar en ook noodzakelijk voor deelname aan de Spelen van 2006.''