Oud zeer, macht en wantrouwen schaden loya jirga

Diep gewortelde etnische conflicten, onenigheid over de machtsverhoudingen en traditioneel wantrouwen zijn er de oorzaak van dat de constitutionele loya jirga van Afghanistan, de grote vergadering van vijfhonderd etnische vertegenwoordigers over het opstellen van een nieuwe Afghaanse grondwet, dreigt uit te lopen op een mislukking.

Deze week werd het voorstel voor de nieuwe grondwet van Afghanistan met een meerderheid van stemmen aangenomen, maar reden voor blijdschap is er niet. Ongeveer tweehonderd van de 502 gedelegeerden weigerden te stemmen en het voorstel dat er nu ligt, draagt alleen de goedkeuring van de Pathaanse vertegenwoordigers, de grootste etnische groepering van het land. Daardoor is de technische overwinning in de grote tent in de Afghaanse hoofdstad Kabul nog lang geen politieke overwinning.

Vandaag is de laatste dag dat de Afghaanse regering weigerachtige afgevaardigden tracht over te halen alsnog een stem uit te brengen. Tot die tijd zal de stemming van donderdag nog niet worden geformaliseerd. Maar de kans is klein dat de niet-stemmende afgevaardigden van mening veranderen.

Het belangrijkste punt van onenigheid gaat over de grote invloed die de grootste etnische groep, de Pathanen, volgens de grondwet zullen krijgen. Daarbij gaat het vooral over representatie en taal. Mustafa Etemadi, lid van de etnische Hazaren uit de provincie Uruzgan legt het uit in de Amerikaanse pers: ,,We hebben niet gestemd omdat de wensen van mijn volk niet zijn gerespecteerd. Wij willen verreikende democratie in dit land. Wij willen een parlement met meer gezag''

Dat is een eis die ook door de etnische Tadzjieken en Oezbeken uit het noorden van Afghanistan is verwoord. Zij behoren tot de Noordelijke Alliantie en zijn de vechtkracht achter het verdrijven van het moslim-extremistische Taibaan-regime geweest. Maar sinds president Hamid Karzai, een Pathaan, met hulp van de VS aan de macht is gekomen, lijkt de Noordelijke Alliantie uit de gratie.

De etnische groeperingen uit het noorden van Afghanistan eisen dat het gebruik van hun talen grondwettelijk worden vastgelegd. Bovendien willen zij dat de parlementsverkiezingen op het zelfde moment laten plaatsvinden wanneer de presidentsverkiezingen worden gehouden om op die manier presidentiële inmenging tijdens de verkiezingen te voorkomen. De grote groep weigerachtigen is vooral ontevreden omdat de nieuwe grondwet niet het product is van consensus maar van Pathaanse overmacht.

De gematigde president Hamid Karzai heeft opname in de grondwet van een sterk presidentieel systeem als voorwaarde gesteld voor zijn verkiesbaarheid tijdens de verkiezingen in juni. Karzai wordt (vooral buiten Afghanistan) gezien als de belangrijkste kracht voor eenheid en stabiliteit. Maar westerse diplomaten verwijten hem nu dat hij zich te veel heeft ontplooid als een leider van de Pathanen in plaats van een staatshoofd voor alle Afghanen. Hij heeft de afgelopen weken vooral gelobbyd onder de Pathanen.

,,Ik heb zorgen dat sprake is van een etnische polarisatie die onnodig is en die, indien die aanhoudt, mogelijk zeer schadelijk zal zijn'', zei de Europese zaakgelastigde voor Afghanistan, Francesc Vendrell, tegenover het Britse persbureau Reuters. Hij zei te hopen dat het slechts om ,,een tijdelijk explosie'' van onenigheid gaat.