Militair verdacht van doden Irakees

Een 43-jarige Nederlandse militair is op oudejaarsdag in Irak aangehouden omdat hij ervan wordt verdacht een Irakees te hebben doodgeschoten. De man is overgevlogen naar Soesterberg, waar hij in verzekering is gesteld. Dit heeft persofficier van justitie M. de Weert van het openbaar ministerie in Arnhem gisteravond bevestigd. Op de Irakees werd vorige week zaterdag het vuur geopend, toen Nederlandse militairen optraden tegen een plundering door Irakezen in het zuiden van Irak. Daar is het Nederlandse mariniersbataljon Quick Reaction Force gelegerd als onderdeel van de stabilisatiemacht SFIR.

De verdenking tegen de militair is ruim, aldus De Weert. ,,Het kan gaan om moord, doodslag of dood door schuld.'' De man is gisteren voorgeleid aan de rechter-commissaris, die heeft geoordeeld dat de aanhouding rechtmatig was, aldus De Weert. Komende dinsdag valt een besluit of hij langer vast moet zitten. Het onderzoek is in handen van de Koninklijke Marechaussee. De advocaat van de verdachte was gisteravond niet bereikbaar.

Het schietincident gebeurde toen Nederlandse militairen in Irak zo'n zeventig Irakezen verjaagden die een container plunderden. De getroffen Irakees overleed in een ziekenhuis, zo maakte het ministerie van Defensie eerder bekend.

Het incident had zaterdagmiddag 27 december plaats in de provincie Al Muthanna, op de doorgaande weg tussen de steden Al Khidr en As Samawah, waar het Nederlands bataljon is gelegerd. Volgens Defensie was de bewuste container van een vrachtwagen gevallen. Het onbewapende konvooi, bestaande uit meerdere vrachtwagens, was doorgereden. De groep Irakezen probeerde de container te plunderen totdat een tiental Nederlandse militairen ter plaatse kwam, aldus Defensie. Deze patrouille vroeg volgens het ministerie assistentie van de Nederlandse Quick Reaction Force omdat de groep plunderaars groot was.

Defensie zei eerder dat de Nederlandse militairen waarschuwingsschoten losten in een poging de plunderaars uit elkaar te drijven. Een woordvoerder stelde dat niet gericht was geschoten. Het was de tweede keer dat Nederlandse militairen in Irak betrokken waren bij een schietincident sinds zij in juli het commando kregen over de provincie Al Muthanna. [Vervolg IRAK: pagna 2]

IRAK

'Verdenking moord buitensporig'

[Vervolg van pagina 1] In augustus werden inbrekers beschoten die volgens Defensie ijzer wilden ontvreemden bij een cementfabriek. Hierbij werd toen niemand gewond. Voorzitter W. van den Burg van de defensievakbond AFMP noemde de verdenking van moord gisteren buitensporig en zeer merkwaardig. Hij vreest bovendien dat er nu grote onzekerheid is bij de Nederlandse militairen over de vraag wanneer ze met welke mate van geweld mogen en moeten optreden.

Zijn collega-voorzitters J. Kleian (ACOM) en J. Debie (VBM/NOV) zijn het niet met Van den Burg eens. ,,Als er een verdenking is van moord, moet deze militair net zo behandeld worden als elke andere Nederlander'', zegt Kleian. Volgens Debie weten de mariniers precies wat ze wel of niet mogen: daarvoor hebben ze aan het begin van de missie de officiële geweldsinstructies gekregen.