Het multiculturele melodrama

Terwijl we wachten op de eerste Nederlander die op straat wordt doodgeslagen omdat hij geen normen en waarden gehad zou hebben, tikt er ook nog die andere tijdbom, steeds een beetje luider: de multiculturele samenleving. Dat er binnenkort ongelukken gaan gebeuren, heel erge ongelukken, daar dreigen inmiddels alle partijen mee. Het lijkt alsof ze er stiekem op hopen, alsof ze al vooraf verliefd zijn geworden op de onvermijdelijke catastrofe.

Er kan niks meer gezegd worden of een zelfbenoemde vertegenwoordiger van allochtone randgroepjongeren dreigt dat hij de boel niet meer in de hand zal kunnen houden; hij heeft zijn best gedaan, maar zijn jongens hebben met zoveel negativiteit te maken gehad, dat een flinke rassenrel onvermijdelijk is geworden. Maar ook de querulanten van de Verlichting, die in de slipstream van Fortuyn onbekommerd hun teleurstelling over hun eigen schrale levens op de maatschappij kunnen projecteren, koketteren in hun blaadjes en op hun websites aan één stuk door met het Armageddon dat niet overmorgen maar nog vanmiddag zal losbarsten – te beginnen in Rotterdam natuurlijk. Aan weerskanten verliest men zich zwelgend in visioenen van rivieren van bloed. Iedereen waarschuwt elkaar nog één keer.

Het is een bekend proces: het zit je in je eigen leven niet mee, al je grootse ambities zijn op niets uitgelopen, en dan komt onherroepelijk de dag dat je ontdekt dat het niet aan jezelf ligt, maar aan de gruwelijke manier waarop je dagelijks wordt gediscrimineerd en onderdrukt. Of je krijgt ineens oog voor de dreiging van een oprukkend fundamentalisme in de persoon van je Marokkaanse buurman die zijn vuilniszakken te vroeg buitenzet, dat als je niet ingrijpt, binnenkort heel Nederland (en de rest van de wereld) in zijn greep zal krijgen; vroeger schreef je zieltogende stukjes over lifestyle of over waarom andere mensen niet deugden, tegenwoordig sta je op de barricaden en houd je de idealen van de Verlichting en de vrijheid van meningsuiting hoog tegenover de machten der duisternis – die nu werkelijk overal om ons heen zijn.

Dat is het multiculturele melodrama. De larmoyante hoofdrollen worden vertolkt door pathetische idioten en onverbeterlijke Wichtigmachers, die in normale tijden door niemand serieus genomen zouden worden – alleen zijn dit geen normale tijden. Het grappigste voorbeeld van die mengeling van persoonlijke rancune en verheven idealen blijft de brandende kwestie Turk. U weet het nog wel, de publicist Mohammed Benzakour en de voormalige Turkse bajesklant Cemal Sofioglu schreeuwen al maanden moord en brand, omdat de gemeente Zwijndrecht de straat Turk, vernoemd naar een voormalige tuinderij, geen andere naam willen geven terwijl zoveel Turken er dagelijks verschrikkelijk veel last van ondervinden. Als Turken uit die straat bij een officiële instantie hun adres moeten invullen, denken de ambtenaren dat ze hun nationaliteit opgeven en dus het Nederlands niet goed beheersen en dus dom zijn of lui en... hoort u het tikken van de tijdbom?

Die twee werden weggehoond, maar dat bewees voor henzelf alleen maar dat ze gelijk hadden. Benzakour vorige week: ,,Ik weet heus, in het licht van de grote gebeurtenissen stelt de kwestie weinig voor. Een burgeroorlog komt er niet van. En toch betreft het méér dan een luxeprobleem. Want weet u wat nou zo aardig is aan de hele kwestie? Hij onthult. Hij onthult dat al dat politiek correcte gezever over multicultuur en diversiteit zich nogal handhaaft bij de gratie van gebakken lucht. [...] We plegen ons democratisch stelsel beschaafd en rationeel te noemen, maar als het erop aankomt, geldt de waarde van het argument nog minder dan een hondendrol. Niet de rede, maar de arrogantie is aan de macht. Je hebt ongelijk, zelfs als je gelijk hebt. We willen dat allochtonen zich het burgerschap toe-eigenen, maar wel op voorwaarde dat ze hun mond houden. Het is de ultieme manifestatie van het negentiende-eeuwse regentendom.''

Nee, een burgeroorlog komt er niet van – nog niet. Het is allemaal te idioot voor woorden, maar het is wel symptomatische onzin, die, eh, onthult. Benzakour, eens overal gekieteld door de blijmoedige multicultaristen van de media omdat ze dachten de ideale denkende allochtoon gevonden te hebben, vervolgens ontmaskerd als veelpleger van gemakzuchtig plagiaat, en dus nu uitgestoten en gemarginaliseerd en boos – het hoeft je niet te verbazen dat hij inmiddels ongeveer al zijn tegenstanders tot zionist verklaart en werkt aan een boek ter verdediging van dat andere holle vat van het multiculturele drama, Dyab Abu Jahjah. Maar verder komt zijn onvrede helemaal overeen met de onderbuiklogica van de monoculturalisten – je krijgt je zin niet, omdat je aantoonbaar onzin beweert, en dus is de arrogantie aan de macht, wordt je het zwijgen opgelegd door het hopeloos verblinde establishment, word je onderdrukt door het regentendom.

En die tijdbom? Ik denk dat het nogal meevalt, tenzij je de rellen in achterstandswijken die ongetwijfeld gaan plaatsvinden, wenst te beschouwen als de burgeroorlog waarop zovele beschouwers van de multiculturele samenleving lijken te hopen. Ik aarzel het te zeggen, in een tijd waarin zoveel mensen, van de Leidse kamergeleerde Herman Philipse tot de Marokkaanse AEL-aanhanger uit Osdorp, zeker weten dat er een strijd op leven en dood wordt gevoerd en dat verschrikkelijke cultuurcataclysmen niet kunnen uitblijven – maar ik zeg het toch maar: de werkelijke schade van de komende multiculturele burgeroorlog zal veel minder groot zijn dan die van de krakersrellen van begin jaren tachtig.

Dat ieder doemscenario tegenwoordig dodelijk serieus genomen wordt, dat het dreigen met opstand en oorlog gemeengoed is geworden, heeft te maken met de erfenis van 11 september 2001. Op die dag gebeurde het onvoorstelbare – dat we ons in onze fantasie al zo vaak hadden voorgesteld. En op 6 mei 2002 gebeurde het nog eens. Sindsdien lijkt iedere analyse en toekomstvoorspelling, hoe larmoyant en melodramatisch ook, gerechtvaardigd – niemand kan immers aantonen dat het niet zal gebeuren. Sindsdien zijn alle Hollandse zondagsdenkers gelegitimeerd om een steen in de vijver te gooien.

Maar extremisten bereiken in Nederland altijd maar één doel – ze schudden de gematigden wakker. Ik voorspel dat het hun jaar zal worden.