Het nieuws van 3 januari 2004

Tweede buik

Taaitaai, speculaas, pepernoten, chocoladeletters, marsepein, toastje zalm, gevulde kalkoen, gemarineerde haas, reebiefstukjes, spruiten, gourmetten, visschotel, oliebollen, appelflappen, champagne. Een toepasselijk en troostrijk citaat bij een goed gevulde decembermaag: Ach, wat ben ik dik geworden, waar moet dat heen. Het zal wel van alle ellende op zee komen, ik weet het niet, in ieder geval groeit er nog een tweede buik bij, wat hoger dan de vorige. Dat zou niet zo erg zijn. Kennelijk is dat gewoon mijn noodlot, maar ergerlijk is dat al mijn reisgenoten als ze me 's morgens tegenkomen, steevast even met een vinger in de tweede buik van me prikken, alsof ze willen controleren of die wel echt is en geen kussen. De Russische schrijver Aleksandrovitsje Gontsjarov (1812-1891) verbleef lange tijd als secretaris van de admiraal op het fregat Pallas. Last van zeeziekte had hij niet. Last van eetlust, zo schreef hij in een brief aan vrienden, wel. Gontsjarov constateerde dat hij vanwege de zeelucht die een haast volmaakte vervanging van lichaamsbeweging bleek, eetlust had als een cadet op zondag. Vandaag het recept voor een bescheiden hapje, een spies met mosselen, dat bij een aperitief kan worden geserveerd. Leg 3 spiezen op wat slabladen en je hebt een voorgerecht. Nodig voor dit gerecht is een olio di oliva extra vergine all arancia, olijfolie waaraan de etherische olie die in de schil van sinaasappels zit is toegevoegd. Mocht deze olie onvindbaar blijken, voeg dan aan de ingrediëntenlijst enkele lepels vers geperst sinaasappelsap toe.

Alain Corneau, classicist

Allemaal ontmoetten ze elkaar eind jaren zeventig, begin jaren tachtig regelmatig in het kantoor van kwaliteitsproducent Alain Sarde aan de Parijse Champs-Élysées: de Franse regisseurs Tavernier, Granier-Deferre, Resnais, Blier, Téchiné, Godard, Heynemann en niet vergeten de grote Claude Sautet. Er stonden altijd wel een paar fijne flessen rood op hun moment te wachten, de rokers waren nog in de meerderheid en het woord `film' resoneerde er veelvuldig in geanimeerde gesprekken. Onder de filmmakers die chez Sarde regelmatig hun vakbroeders groetten, was ook Alain Corneau. Sarde produceerde in 1981 Corneaus sterke misdaadfilm Le choix des armes, nadat de gediplomeerde editor uit de Noord-Franse streek Loiret met Police Python .357 (1976), La menace (1977) en Série noire (1979) al drie bepaald niet misselijke thrillers had gemaakt. Zestiger Corneau is nog volop actief en zijn films zijn nog even weldadig classicistisch als vijfentwintig jaar geleden. Hoewel hij soms uitstapjes maakt naar de komedie, blijft de naar noir neigende thriller het genre waarin hij uitblinkt. De veranderende smaak van het publiek voor kwaliteitscinema bepaalde echter dat eerder apocriefe drama's als de Pascal Guignard-romanverfilming Tous les matins du monde en Nocturne indien het in belangstelling en/of lof steeds wonnen van de `polars' in Corneaus oeuvre. Nocturne indien (1989), een adaptatie van de uiterst fijnzinnige roman van de Italiaanse Pessoa-vereerder Antonio Tabucchi, is een van de onontdekte Franse filmjuwelen uit de late jaren tachtig. Wereldwijd succes plus een boel Césars oogstte Corneau met het in de zeventiende eeuw spelende kostuumdrama Tous les matins du monde, waarin de oude musicus-componist Marais (Gérard Depardieu) terugkijkt op een leven van gemiste kansen. In flashbacks zien we wat de eens buitengewoon talentvolle Marais allemaal had kunnen zijn, als hij maar niet voor status en welstand had gekozen. Depardieus zoon Guillaume speelt de jonge Marais en dat geeft een extra dimensie aan het drama. De muziek in deze tijdloze Corneau-ballade is onder meer van Jean de Sainte-Colombe, de teruggetrokken componist bij wie wonderkind Marais in de leer gaat. Een uitstekende ouverture van het Canvas-televisiejaar.