Martelkamers staan voor vrouwenangst

In het Amsterdamse Muziektheater zijn de komende week balletten en Bartóks opera `Blauwbaards Burcht' van choreografe Karole Armitage te zien.

Sinds de jaren tachtig wordt ze hardnekkig de punk-ballerina genoemd: destijds schudde ze de klassieke danswereld op door op het podium rockgitaren te kietelen met haar spitzen. Maar Karole Armitage heeft zich altijd aan alle definities onttrokken. De Amerikaanse eert nog altijd haar academische leermeesters George Balanchine en Merce Cunningham, maar ze choreografeert net zo makkelijk MTV-clips van bijvoorbeeld Madonna. Na haar danscarrière werd ze onder meer artistiek leider van het Italiaanse balletgezelschap MaggioDanza di Firenze. Met haar eigen New Yorkse gezelschap Armitage Gone! Dance kan ze wegens geldgebrek niet veel optreden. Vorig jaar maakte ze bij Introdans haar eerste sprookjesballet Pinokkio. Zij is ook huischoreografe bij het Ballet de Lorraine in het Franse Nancy. De in het zelfde pand gehuisveste Opéra de Nancy et de Lorraine vroeg haar om Bartóks Blauwbaards Burcht te regisseren.

De frêle Armitage (1954) bracht de kerstdagen door in Nederland om met de zangers en dansers te repeteren aan de opvoering van Blauwbaards Burcht in het Amsterdamse Muziektheater. Aldaar worden vanaf maandag ook verschillende van haar balletten, als Rave en Le Chat de Schrödinger vertoond. ,,Ik hield nooit van opera, ik vond het ouderwets en kitscherig met al die overdadige decors en kostuums. Pas toen ik een aantal jaar in Florence werkte leerde ik opera waarderen. Italianen zijn er goed in, zij snappen iets van goede vormgeving of bewegende zangers. Geen pogingen tot naturalisme, opera is metaforisch. Dat ligt me wel. In mijn Blauwbaard-regie breng ik het lichaam en de beweging terug in de opera. Ik verberg me niet achter die decors en kostuums, ik richt me op de metafoor en de psychologie. Blauwbaard was op zich al een metaforische opera; al die geheimzinnige deuren voor martel- of schatkamers in de burcht van de vrouwenversierder doen er niet letterlijk toe, het gaat voor mij over de eeuwige angst van mannen voor vrouwen die te dichtbij komen. De kamers staan voor Blauwbaards emoties. Ik laat dansers in een soort tableaux vivants die emoties vertolken.''

Armitage is zeker niet de enige choreografe die als opera-regisseur wordt ingezet; kopstukken als Trisha Brown of Anne Teresa de Keersmaeker gingen haar voor. Volgens Armitage heeft dat meer te maken met de opera die nieuwe ideeën omarmt dan met een danswereld die stil zou staan en haar heil richt op andere disciplines.

Man-vrouwverhoudingen en seksualiteit zijn bekende thema's in de choreografieën van Karole Armitage. In Rave bijvoorbeeld pronken in felle kleuren beschilderde Franse dansers met hun seksualiteit en dansen drag queens tussen kungfu-vechters op spitzen, met de technobeat van componist David Shea. En met Le Chat de Schrödinger keert Armitage 'streng abstract' terug naar de gestileerde danstaal van haar leermeesters Balanchine en Cunningham, in dit geval gecombineerd met de denkbeelden van kwantumfysicus en Nobelprijswinnaar Erwin Schrödinger.

De diversiteit van Armitages werk maakt het werken in de Verenigde Staten lastig, zegt ze. ,,Ik werd altijd gezien als een verrader van het klassieke ballet én de moderne dans. Amerika is conservatief, culturele waarden gaan altijd over geld verdienen en beroemd zijn. Innovatieve dans leidt er een marginaal bestaan. Balanchine stierf toen Reagan werd gekozen. Zonder Europa had ik als kunstenaar niet kunnen overleven. William Forsythe zegt dat ook altijd.''

Muziektheater Amsterdam 5 en 9 jan: Le Chat de Schrödinger/Duets/Rave. 6 en 8 jan: Blauwbaards Burcht/ SZ 110/ la Sonate. Inl : (020)6255 455 of www.muziektheater.nl