`Het lukte gewoon niet'

Remmert Wielinga (25) reed bij de wielerploeg van Rabobank zijn eerste Tour de France. Hij kon het tempo niet bijhouden en viel uit.

,,Het jaar is duidelijk in twee delen te scheiden. Het eerste deel was heel positief, met twee overwinningen. Voor het eerst sinds de nieuwelingen won ik wegwedstrijden. Als je in februari meteen twee koersen wint voor je nieuwe werkgever, in de Ronde van Mallorca en in de Ruta del Sol, dat is fantastisch. Daarna had ik een vervelende periode met een knieblessure, tot in mei. Vervolgens wilde ik van de Dauphiné Libéré, in juni, een hoogtepunt maken. De Tour speelde nog geen rol. In de Dauphiné was ik beter dan gehoopt en verwacht. In de proloog reed ik de vijfde tijd op de klim, twee seconden sneller dan Armstrong. In de eerste rit zat ik in de finale op de Col de la Ramasse in een kopgroep met Armstrong, Mancebo, Beltran, Mayo, Moreau. Toen werd de moraal steeds beter en begon ik ineens op de Tour te hopen. Twee dagen later zei ploegleider Theo de Rooy dat ik in de voorselectie van de Tour zat. Na de Dauphiné had ik een hectische periode; er kwam zoveel op me af met interviews en aanbiedingen van andere ploegen. Daardoor heb ik me niet goed op de Tour voorbereid. In Parijs stonden bij de ploegenvoorstelling honderdduizend mensen langs de kant. Daar rijd je dan je ererondje en word je gepresenteerd voor het stadhuis. Niet te beschrijven wat je dan meemaakt. Die eerste etappe door Parijs: zoveel volk, ik wist gewoon niet wat ik meemaakte. Ik ben ook overrompeld door de hardheid van de koers: de tweehonderd beste renners ter wereld, die zo gefocust zijn op meegaan in ontsnappingen en op de etappezege. Er staat zoveel op het spel, dat voel je gewoon. In vergelijking met de Tour is de Dauphiné kinderspel. De overgang was zo groot. En ik voelde me conditioneel niet honderd procent. Het ging vanaf de eerste dag niet goed. Je verliest de moraal. Tegen beter weten in wil je toch iets waarmaken. Je bent geselecteerd en daar zijn goede renners voor thuisgebleven. Je voelt de druk dat je moet presteren. Maar het lukte gewoon niet. Op een gegeven moment was die Tour niet meer leuk. Alleen al die herrie van het publiek. Als je gelost wordt en die aanmoedigingen hoort; daar word je niet vrolijk van. Het was een goede leerschool. In Nederland mag je niet zeggen dat je ervan uitgaat dat je wel weer een volgende keer een Tour kan rijden. Dan heb je te veel zelfvertrouwen en een grote bek. Maar ik ben overtuigd van mijn kwaliteiten. Ik heb dit jaar laten zien wat ik kan. Alleen de Tour viel tegen.''

    • Ward op den Brouw