Kersthypocrisie

Hoe kon Nederland in ongeveer twee jaar tijd van het meest tolerante en gastvrije land in Europa transformeren in het land van ijzeren Rita Verdonk (NRC Handelsblad, 27 december).

Kerst was nog een laatste culturele rem op de daadkracht van Balkenende II. De CDA'ers moesten in de kerstnacht weer van het kindje zingen, waarvoor geen plaats was in herberg of stal en dat ging nu eenmaal moeilijk met de gedachte aan zo'n rondzwervend Chinees gezinnetje, waarvan de kinderen geen Chinees, maar wel Fries spreken.

Gelukkig heeft een groot aantal gemeenten meer begrepen van praktische moraal en het tonen van staatsburgerlijke moed. Die burgemeesters en wethouders voelen er alleen al om pragmatische redenen niets voor om als verlengstuk van een zielloze Haagse bureaucratie op te treden. Het is aan schoolkinderen niet uit te leggen, waarom hun klasgenoot, met wie ze zijn opgegroeid, ineens weg moet.

Wel uit te leggen is, dat het hoog tijd werd een stevige immigratiepolitiek te voeren. Dat asielzoekers vaak ook gelukzoekers zijn en dat omwille van de leefbaarheid er in het Europa zonder binnengrenzen, scherpere buitengrenzen getrokken moesten worden. Dat was althans de boodschap van Fortuyn die er hier inging als (ontbijt)koek. Maar diezelfde flamboyante man, met het hart op zijn tong, was ook voor een royaal pardon voor gevallen die nog onder de oude vreemdelingenwet vielen. Die ruimhartigheid is nu vertaald in een zuinig pardon voor ongeveer 2.200 asielzoekers die hoe bestaat het nog steeds in hun eerste procedure zitten.

Voor wie ooit in beroep is gegaan, zit er niets anders op dan een smeekschrift te sturen naar mevrouw Verdonk. Het zijn vreemde tijden voor de rechtsstaat, want waar is hier het recht in de staat? Waarom neemt de Nederlandse staat niet zijn eigen verantwoordelijkheid voor het nabije verleden, waarin weliswaar een ander beleid gold, dat nu wordt betreurd, maar dat wel grote sociale gevolgen heeft gehad voor een groep van ongeveer 10.000 asielzoekers (en de vele mensen die bij hen betrokken zijn)?

Of moet de angst voor een precedentwerking en voor het toeslaan van mensenhandelaren regeren, zoals het hoofdartikel `Kerstbestand' op 24 december suggereert. Daartoe is toch geen dwingende reden. Het aantal nieuwe asielzoekers aan de grens is al bijna te verwaarlozen. Het ijzeren bewind heeft zijn vruchten al afgeworpen. Bijna geen enkele asielzoeker wint zijn proces nog en nagenoeg ieder hoger beroep wordt afgewezen. De staat verdrukt, de wet is logen, zo heette dat ooit!

Laat het toch niet zover komen, dat burgers niets meer kunnen doen dan `beschaafd' het hoofd af te wenden als na de kersthypcrisie dit uitzettingsbeleid gewoon weer doorgaat.

    • Jan Drentje