Touwtrekken om de `Martelaren van Arad'

In Arad, in Transsylvanië, wordt al maanden geruzied over een standbeeld ter herinnering aan dertien Hongaarse generaals, die er 154 jaar geleden werden geëxecuteerd na de mislukte revolutie tegen de Habsburgers.

Midden in de Transsylvaanse stad Arad verrijst op een braakliggend stuk grond een immense hardstenen sokkel, met niets er bovenop. De verse bergen zand en grind en de achtergebleven rioolpijpen en gaten in de grond verraden dat werklieden zich halverwege het werk uit de voeten hebben gemaakt. De Martelaren van Arad, die al jaren de Hongaars-Roemeense betrekkingen vertroebelen, waren dit jaar bijna teruggeplaatst toen het centrale gezag in Boekarest ingreep. En daarmee lijkt – terwijl met de aanstaande toetreding tot de EU steeds meer Midden-Europese burenruzies worden bijgelegd – een oplossing van de gevoelige kwestie van de generaals van Arad nog heel ver weg.

,,De revoluties van 1848 begonnen in Parijs en eindigden in Arad'', zegt Levente Bognár, lid van de Hongaarse minderheid in Roemenië en loco-burgemeester van Arad. ,,Hier werd de vrijheid onthoofd.'' Hij moet luid spreken om in het café boven de stereo surround technobeat uit te komen. ,,De tsaar aller Russen kwam de Habsburgers te hulp, om de volkeren van Europa te tonen dat het afgelopen was met de revoluties. Het beeld van de opstandige Hongaarse generaals van Arad is hét symbool van de vrijheid.''

,,Nee'', zegt Adrian Muresan, vice-voorzitter van de jeugdorganisatie van de PRM [de extreem-nationalistische Groot-Roemenië Partij] en gemeenteraadslid. ,,Het standbeeld is een belediging voor de Roemenen. Het symboliseert Groot-Hongarije en vertegenwoordigt het conflict tussen Hongaren en Roemenen. Wij identificeren het met de slachtingen door het keizerlijke Habsburgse leger waarbij 40.000 Roemenen werden vermoord en honderden dorpen platgebrand. Deze generaals maakten daar deel van uit.''

Arad ligt in Roemenië, vijftig kilometer van de Hongaarse grens, en behoorde tot 1921 tot Hongarije. Van de 200.000 inwoners is nu nog acht procent Hongaars. In Roemenië leven 1,7 miljoen Hongaren. Op 6 oktober 1849 werden in Arad dertien generaals geëxecuteerd die in de revolutie van 1848 tegen de Habsburgers voor een onafhankelijk Hongarije hadden gestreden. 6 oktober is nog steeds voor de Hongaren de belangrijkste nationale dag. Dit jaar trokken ondanks de regen duizenden Hongaren naar de lege sokkel in Arad om de helden van de revolutie te eren.

Nadat een 200.000 man sterke Russische interventiemacht vlakbij Arad op 20 augustus 1849 de Hongaren tot overgave had gedwongen, maakte de piepjonge Oostenrijkse keizer Frans Jozef de fout de afwikkeling aan de Duitse generaal baron Ludwig von Haynau, bijgenaamd `de hyena van Brescia', over te laten.Duizenden officieren en soldaten werden gevangen gezet, 120 tegen alle beloftes in geëxecuteerd. Veldmaarschalk Radetzky zei over deze Haynau: ,,Hij is mijn beste generaal, maar hij is als een scheermes dat na gebruik terug moet worden gestopt in zijn verpakking.''

,,Het is bewezen dat de dertien van Arad niet betrokken zijn geweest bij slachtingen onder de Roemenen,'' zegt Levente Bognár. ,,Niet alleen de revolutie is hier vermoord maar ook de vrijheid. Het was een voorbeeld van de kracht van de Europeaan en het geloof in vrijheid.''

De bronzen beelden die op de sokkel horen staan in de tuin van het franciscaner klooster, een vervallen binnenplaats in het centrum van Arad. Het zijn vijf beelden, die vrijheid, edelmoedigheid, het ontwaken van de vrijheid, voorbereiding op de strijd en de stervende soldaat symboliseren. Zware tralies maken het onmogelijk bij de beelden te komen. De bronzen koppen van de dertien generaals worden elders bewaard – veilig en droog.

In 1890 werd de twaalf meter hoge beeldengroep op het plein achter de schouwburg neergezet. In 1925, toen Arad Roemeens was geworden, werd de groep gedemonteerd en in onderdelen door de stad verspreid. In de zomer van 1956 werd het standbeeld weer tot een geheel geassembleerd. Toen het bijna klaar was brak de Hongaarse opstand uit. Na die opstand moesten alle symbolen van welke revolutie dan ook direct verdwijnen. De dertien van Arad werden in een kerker van het plaatselijke kasteel gedumpt. In 1999, bij de 150-jarige herdenking, werden de helden van Arad uit de kasteelkelders bevrijd.

,,De man met wie je zojuist hebt gesproken stond in 1999 bij het kasteel te demonstreren en dreigde met het gooien van molotovcocktails als de generaals teruggeplaatst werden,'' zegt de vice-burgemeester. ,,Ja, het is emotioneel,'' beaamt Adrian Muresan. ,,Er is geen plaats voor dit beeld in Arad. De enige mogelijkheid is aan de andere kant van de rivier, onder bij het kasteel.''

Deze locatie, dichtbij de plek waar de generaals 154 jaar geleden werden vermoord, blijkt een winderig stuk land, dat gebruikt wordt als officieuze vuilstort, met aan de ene kant een verlaten lunapark en aan de andere kant een bordeel.

De Roemeense regering stelt nu voor een beeldenpark te maken waar ook de generaals kunnen figureren. Voor de Hongaren is dat onaanvaardbaar. De gemeenteraad van Arad had al besloten dat het beeld in de stad zou terugkeren – ontbrekende vingers, handen en zwaarden waren weer aan de bronzen beelden gezet en de sokkel stond – toen deze zomer het ministerie van Cultuur in Boekarest liet weten dat het beeld ,,om esthetische redenen'' niet in het beleid van de regering paste en vervolgens in augustus de bouwvergunningen ongeldig werden verklaard. Aansluitend vertelde de voormalige hofzanger van Ceausescu, Adrian Paunescu, in zijn televisieshow de Roemenen hoe schandelijk het standbeeld was. De Roemeense minister van Binnenlandse Zaken bestempelde het als ,,een symbool van een fascistoïde soort irredentisme en revisionisme.'' ,,Artistiek heb ik er niks op tegen. Artistiek is het een prachtig ding,'' verzekert Adrian Muresan van de PRM. ,,Maar symbolisch is het verschillend voor Hongaren en Roemenen. Ik heb niets tegen Hongaren, alleen tegen Hongaarse partijen.''

,,Het is een test in democratie'', zegt Levente Bognár. ,,Onze droom is dezelfde rechten te krijgen als andere minderheden in Europa. We zullen in Roemenië moeten leren te accepteren dat we een verschillende achtergrond hebben en toch in respect samen moeten leven.''

János Irházi, journalist van de lokale Hongaarstalige krant: ,,Ik denk dat het gewoon haat tegen de Hongaren is. Misschien zijn de politici bang de verkiezingen van december 2004 te verliezen. Tot die tijd zal er niks gebeuren.'' Het ziet er naar uit dat het vrijheidsbeeld voorlopig achter tralies blijft. Deze week zeiden de Roemeense regering en de partij van de Hongaarse minderheid het eens te zijn geworden over de inrichting, volgend jaar, van een `verzoeningspark', met het Hongaarse standbeeld en met een ,,triomfboog'' ter herdenking aan Roemeense overwinningen.

,,Ze horen niet hier,'' zegt Erika Sándor van het Hongaarse cultuurhuis. ,,Ze horen op straat.'' Bij de derde deur die geopend moet worden weigert het slot. Erika Sándor zet haar schouder tegen de deur en hij vliegt open. Daar zijn ze, dicht elkaar aan, op het versleten parket, geflankeerd door gestapelde Cobana-bananendozen, dertien trotse, besnorde hoofden. De martelaren van Arad ondergedoken in de crêche van de Hongaarse minderheid. Een kinderschilderij van de Eiffeltoren ligt – symbolisch – op zijn kant naast de generaals. Een muis slalomt tussen de hoofden door.

    • Jaap Scholten