Het Beeld

De grondwettelijke vrijheid van meningsuiting biedt geen vrijbrief voor het ,,schaamteloos oordelen verkondigen over mensen'', volgens de kerstboodschap van koningin Beatrix. De nadruk lijkt te liggen op het woord `schaamteloos', want oordelen verkondigen, dat doen media bijna per definitie. De belangrijkste vraag zou moeten zijn of die oordelen juist zijn of niet. Schaamte is alleen in het laatste geval geboden.

Zou je je voor een `dramatische interpretatie van historische gebeurtenissen', zoals de tweedelige VPRO-dramaserie Klem in de draaideur die biedt van het conflict in 1998 tussen minister Sorgdrager en super-PG Docters van Leeuwen, hoeven schamen? We moeten het laatste deel vanavond afwachten, maar zeker is dat het scenario van Ger Beukenkamp de rol van de media onderbelicht, en de nadruk legt op de erotische spanning tussen de minister en de door haarzelf benoemde, rebellerende voorzitter van de procureurs-generaal. Seks en (poltieke) macht hebben al eeuwenlang veel met elkaar te maken; relatief nieuw is de publieke eerlijkheidscultus, aangewakkerd door de niet meer door gêne of politieke belangen getemperde vergrootglasfunctie van de pers. In de achteraf als `schaamteloos' ervaren jaren zestig zou geen enkele journalist het gewaagd hebben de buitenechtelijke escapades van prins Bernhard of president Kennedy aan de grote klok te hangen. Je kunt moeilijk volhouden dat Mabel Wisse Smit of president Clinton het bonter maakten, maar zij moesten wél bloeden, vooral omdat de media niet meer buigen als knipmessen voor hooggeplaatste medeburgers.

In dit verband is niemand zo door het slijk gehaald als Monica Lewinsky, de voormalige stagiaire van het Witte Huis, die loog over haar relatie met president Clinton. De gisteren door de VPRO uitgezonden reconstructie Monica in Black and White geeft haar ampel weerwoord. In 2001 was Lewinsky verlost van de in een deal met aanklager Kenneth Starr vastgelegde zwijgplicht. Drie avonden lang beantwoordde ze vragen van een publiek, in een sfeer die nog het meest aan de show van Oprah Winfrey doet denken. Bestaande uit de in zwart-wit gefilmde neerslag van die bijeenkomsten, doorsneden met archiefbeelden van de affaire-Lewinsky, schetst de productie van HBO een overtuigend beeld van de hypocriete mentaliteit achter de hetze. Lewinsky, een iets molliger kruising van de jonge Jane Fonda en Lenny Kuhr, zegt dat het nu eenmaal gebruikelijk leek te zijn om over seks te jokken. Toegejuicht door de meerderheid van het aanwezige publiek ontpopt Lewinsky zich als feministe. Terecht constateert zij dat ze dan naïef mag zijn geweest in haar verliefdheid, maar dat ten onrechte niet de getrouwde man, maar het gulpenduikstertje de meeste blaam trof.

Zo'n publieke verantwoording werkt uitstekend. Lewinsky maakt een eerlijke indruk, en zou het daarom, net als Winnie Sorgdrager, in de politiek niet ver schoppen. Ze is de schaamte voorbij, en zou een voorbeeld kunnen zijn voor Mabel Wisse Smit, die een directe confrontatie net de media tot nu toe blijft vermijden.