Breukers `Klap' is nog contrastrijker dan vorige 27 keer

Noise-experimenten van gitarist Tetuzi Akiyama, testosteroncomposities van John Korsud en Steve Martland uitgevoerd door Combustion Chamber, multiculti-hutspot van de Wereldband en ensembles vernoemd naar Ives en Xenakis. Wie het programmaboekje van Klap op de Vuurpijl bestudeert kan nog zo hard zoeken, maar een lijn in het aanbod zal niet gevonden worden. Ook op de 28ste editie van zijn eindejaarsfestival heeft organisator Willem Breuker – net als in zijn muziek – contrast laten prevaleren over focus. Vaste festivalbezoekers zijn wel wat gewend inmiddels. Maar ook op hen zal het optreden van het Koor Nieuwe Muziek op zaterdagavond zijn overgekomen als een ietwat detonerend element in de collage.

Op het overbekende Agnus Dei van Samuel Barber na bestond het repertoire uit betrekkelijk onbekende werken van Barber en Elliott Carter. Met een podium vol stemmige rokkostuums en een haast sacrale stemming onttrok het concert zich aan ieder verwachtingspatroon. Maar ondanks een af en toe zwevende timing en een paar weifelende inzetjes, wist het koor wel een uur de aandacht vast te houden. En dat was op zich al een hele prestatie. Want het publiek had slechts een kwartiertje pauze gehad om de luisterknop radicaal om te draaien. Voorganger Ba Cissoko had de oren stevig opengeblazen en de ledematen losgeschud.

De muzikant uit Guinee-Conakry is een van de grote hedendaagse talenten op de kora, de 21- of 25-snarige West-Afrikaanse luit. Foday Musa Suso introduceerde het tokkelinstrument in de jazz via zijn werk met Herbie Hancock en Toumani Diabaté waagde de stap naar flamenco en klassieke muziek.

Maar het was Mory Kanté die met zijn pophit Yeke Yeke de kora bekend maakte bij een groter, westers publiek. En Cissoko is de directe erfgenaam van zijn landgenoot. Ook hij mengt de rijke Mande-traditie met moderne westerse invloeden, maar gaat daarin een stuk ruiger te werk dan Kanté. Door de inzet van een geëlektrificeerde kora en een keur aan effectpedalen weet hij een eerder onvermoede rockpotentie aan de archaïsch ogende luit te onttrekken.

Alsof ze de voormannen van een raggend gitaarbandje waren, zo liepen Cissoko en Sékou Kouyaté met hun kora's over het podium. Met de klankkast steunend op hun bekken en de meterlange hals schuin naar voren gestoken duelleerden ze in de beste stadionrocktraditie.

Kouyaté jakkerde voort met een snelheid die de gemiddelde speedmetalgitarist groen zou doen uitslaan van jaloezie. Cissoko zette daar parelende melodielijntjes tegenover. Afgemaakt met een ritmesectie die aan een basgitaar en een kalebas genoeg heeft om een zwaar stampende blues, een funky rollend ritme of springerige Mande-pop neer te zetten, benadert deze band de perfecte mix van virtuoos spel en rafelige sound. Al op de eerste avond van het festival heeft Ba Cissoko zich bewezen als een van de sensaties van deze Klap op de Vuurpijl.

Concert: Festival: Klap op de Vuurpijl. Gehoord: 27/12 in Werkteater, Amsterdam. Festival loopt nog t/m 31/12.

    • Edo Dijksterhuis