Onderwijs mag niet indoctrineren

Het kabinet zegt te streven naar verantwoordelijke burgers en wil `normen en waarden' herstellen. Nu zijn `normen en waarden' onduidelijke begrippen. Zaken als vrijheid van geweten, meningsuiting, vereniging en vergadering en scheiding tussen kerk en staat zijn dat niet. Ook zijn er aanvaarde principes op het gebied van gelijkwaardigheid voor alle burgers.

Hoe kun je verantwoordelijkheid en inzicht in de grondrechten verlangen als er nog steeds geen recht voor alle kinderen en jongeren is op objectief, seculier onderwijs? Onderwijs dient om te leren en niet om te indoctrineren. Ouders dienen volledig vrij te zijn om met hun kinderen over religie te praten en desnoods privaat gefinancierde aanvullende godsdienstlessen te regelen, maar de overheid dient haar geld alleen te besteden aan onderwijs dat vrij is van het opleggen van welke ideologie dan ook. Hoe kan serieus worden volgehouden dat in Nederland sprake is van scheiding tussen kerk en staat (waarvan wij willen dat nieuwkomers dit onderschrijven), wanneer de overheid religieus geïnspireerd onderwijs financiert?

Artikel 23 garandeert onvrijheid voor jongeren om kennis te nemen van alle denkrichtingen. Dat discussie over artikel 23 in Nederland een taboe is, is een schande. Het artikel is al minstens 40 jaar uit de tijd.