In Servië staat de `doodgraver' op winst

Bij de verkiezingen van morgen voor een nieuw Servisch parlement krijgt de ultranationalistische radicale partij SRS van Tomislav Nikolic, alias de doodgraver, mogelijk een kwart van de stemmen.

Straf komt de wind over de Donau aanwaaien. Bladeren worden door de lege voetgangerszone van Pozarevac geveegd. Slechts een treurig hoopje mensen is komen opdagen om de gast uit Belgrado te begroeten. Radmila, een vrouw van rond de vijftig, slaat de kraag van haar winterjas op. ,,De radicalen zijn de enigen die eerlijk zijn'', zegt ze, en ze scheldt al haar ergernis over de wind en de kou en al deze moeilijke jaren van zich af. ,,Die hebben geen vrienden in het buitenland! Die zijn hier altijd geweest. Maar die van de regering zijn overal vandaan gekomen om ons kapot te maken!''

Morgen wordt in Servië gekozen. Het is een gelegenheid uiting te geven aan ergernis. Radmila wil op de Servische Radicale Partij SRS stemmen. De lompe leider van de SRS, Vojislav Šešelj, zit in de gevangenis van het Joegoslavië-tribunaal. Tien jaar geleden nog trok hij met een muts van berenvel als `cetnik-vojevode' langs de oorlogstonelen en door de media. Heel Belgrado en heel Europa sidderen bij de gedachte dat de kortaangebonden extremist, die in een woede-aanval al eens een pistool trok en in een tv-studio aan het vechten sloeg, de meeste stemmen zou kunnen krijgen, zoals de peilingen voorspellen: een kwart van de stemmen kan naar de SRS gaan.

Radmila siddert niet. Ze wacht ook niet op Šešelj, maar op Tomislav Nikolic, zijn stadhouder. Hij komt, stipt op tijd. Snel loopt de lange man op het groepje toe, hij drukt hen allen stevig en samenzweerderig de hand en haast zich vervolgens naar het partijgebouw. Voor de `doodgraver', zoals hij wordt genoemd, is alles eenvoudig. ,,We willen helemaal alleen regeren'', verduidelijkt hij. ,,En wel opdat gewoon duidelijk is wie de verantwoordelijkheid draagt. Anders schuift iedereen alles maar op de ander.'' Ook voor Kosovo heeft hij een oplossing voorhanden. Hij draagt die vaderlijk-bedaard voor. ,,Ons leger en onze politie moeten de Serviërs ginds beschermen. De NAVO past op de Albanezen. Dan wordt er niemand meer vermoord of in elkaar geslagen.''

Radmila applaudisseert. Nikolic spreekt ernstig en rustig, bijna alsof hij wat moe wordt van het opzeggen van zoveel vanzelfsprekendheden. De woeste Šešelj heeft zijn trouwe plaatsvervanger eens ,,een deel van mijn lichaam'' genoemd, want hij had niet de indruk dat ,,Tomislav een ander mens is''. Maar dat is hij wel: hij bouwt onvermoeibaar op wat de vernielzuchtige partijchef omgooit. Hij wordt niet bewonderd, wel vertrouwd. Heeft hij niet al als manager van de begraafplaats van Kragujevac altijd voor orde tussen de graven gezorgd?

De voetgangerszone van Pozarevac is een museum uit de late jaren zeventig. Vol zijn slechts de kleine café's met hun rode gordijntjes. De etalage van textielwinkel Betex is zeker een decennium niet meer veranderd en de verkoopsters met hun permanent en hun geruite wollen rokken evenmin. Alleen bij Bambi op de hoek is achter de etalageruit de moderne tijd doorgedrongen – het zoetighedenconcern werd tot voor kort gecontroleerd door de familie Miloševic. Vader Slobodan en moeder Mira zijn hier geboren. Zoon Marko bouwde hier ,,de grootste discotheek van de Balkan'' en het pretpark Bambi-Land. Toen vader de macht verloor vluchtte Marko. De disco is dicht en het pretpark is nog slechts een treurig openluchtmuseum van het tijdperk-Miloševic.

In Pozarevac is de nieuwe tijd alleen terug te vinden op de grote billboards van de politieke partijen. Billboards met gezichten en nietszeggende leuzen. ,,Als het moeilijk wordt, Covic!'', roept de vice-premier, een reclameleus die men eerder in de farmaceutische sector zou verwachten. ,,Een woord een woord'', belooft cryptisch Vojislav Koštunica. De Democratische Partij van de vermoorde Zoran Djindjic, die de Servische politiek drie jaar heeft gedomineerd, wil nu ,,Toekomst, direct!''

,,Dat maakt allemaal weinig los'', zegt Sonja Biserko, de ex-diplomate die sinds tien jaar voor democratisering en mensenrechten vecht. Zij is een van de weinigen die in het nieuwe Belgrado praat over oorlog en schuld en verantwoordelijkheid. Een televisiestation moest de rechtstreekse verslaggeving van het proces tegen Miloˇ­sevic staken – de ex-president vermoordde de kijkcijfers. Miloševic wil ,,alle partijen bijeenroepen om een gezamenlijk Servisch standpunt over het Haagse tribunaal vast te stellen'', een afwijzend standpunt uiteraard. ,,Het gaat weer de verkeerde kant op'', klaagt Biserko, ,,in elk opzicht.'' Haar lijkt het bijna alsof de volksopstand van oktober 2000, die een eind maakte aan het tijdperk-Miloševic, er nooit is geweest.

En toch geven ook critici van de democratische regering toe dat zij in elk geval aanvankelijk het een en ander in beweging heeft gezet. Ljubica Markovic, als directeur van het persbureau Beta wellicht de nauwkeurigste waarnemer van het politieke toneel, somt op: de oorlogsmisdadigers naar Den Haag, de privatisering, de georganiseerde misdaad, het lidmaatschap van de EU. Alleen van oogsten is niks gekomen.

Dat ligt ook aan de lange rijptijd van dromen. Een paar kilometer ten westen van Pozarevac ligt Smederevo. Daar heeft men de reusachtige, altijd op de rand van de crisis balancerende staalfabriek aan US Steel kunnen verkopen – een van de heel grote privatiseringssuccessen. Toen dat eenmaal rond was, gingen de arbeiders van Smederevo eerst maar eens zes weken in staking. Ze verdienen nu 69 cent per uur, vroeger 49. Maar ook 69 cent is bij lange na niet genoeg. In Servië wordt vrijwel niets geproduceerd, de industriële productie daalt zelfs weer. Vrijwel alles in de winkels komt uit het buitenland en is te koop voor buitenlandse prijzen. Je kunt je hier laten voorrekenen dat het reële inkomen sinds eind 2000 verdrie- of zelfs verviervoudigd is. Maar nog steeds gaat het geld vooral op aan de stroomrekening. ,,Vroeger dekte een loon 60 procent van wat nodig was om te overleven'', zegt de econome Kosovka Ognjenovic. ,,Nu kan men bijna van een loon leven.'' Bijna. Wat is er nu helemaal veranderd? Ontoereikend was het altijd.

    • Norbert Mappes-Niediek