In de kerstnachtmis kan je spiritueel uitbuiken, maar van nostalgie en de behoefte aan warmte kan de kerk niet bestaan

Voor een groot aantal mensen is de nachtmis een jaarlijks uitje, gratis en warm, constateert Maarten Huygen. Aan de vrijblijvende opstelling tegenover het geloof verandert niets door een uurtje kerstliedjes zingen.

Tussen de deodorant- en parfumlucht van degenen die achterin de ruime, goed-verwarmde Amsterdamse Obrechtkerk de kerstnachtmis bijwoonden, meende ik een vleug frituurolie te ontwaren en alcohol in de adem. Die mensen hadden goed gegeten en gedronken en waren nu en famille spiritueel aan het uitbuiken, ter completering van de kerstsfeer. Vooraan, in de harde houten banken, zaten de vaste parochieleden, die voor hun trouw waren beloond met kaarten voor gereserveerde plaatsen. Voor ons gelegenheidsbezoekers waren achterin rijen comfortabele groene kuipstoelen neergezet. Hartelijk, gastvrij en ook nog gratis. Wij profiteerden van wat de Obrechtparochie een eeuw lang door grote inspanning vrijwillig overeind had gehouden. Een uurtje katholiek voor de romantiek. De sfeer was warm, open en gezellig, maar we hadden met ons allen net zo goed voor twintig euro per persoon in een uitvoering van de Notenkrakerssuite kunnen zitten.

Tot in de jaren zestig mocht je drie uur van tevoren niet eten of zelfs water drinken als je nog ter communie wilde. Die mensen roken helemaal niet naar eten en drank, maar stonken uit hun mond van de honger. Een enkeling ging doodsbleek van zijn stokje. Spiritualiteit was gruwelijk afzien in combinatie met langdurige verveling. En in de zelfvoldaanheid dat je het er allemaal voor over had, werd je zo nu en dan verheven in een hogere staat. High van de honger. Zoals iemand onder een hangglider op een vlak strand na lang hard lopen bij gunstige windvlagen zo nu en dan een paar seconden de lucht in gaat. En dat was het dan.

Dankzij de welvaart is emotioneel gerief gemakkelijker te vinden in drugs, seks, rock & roll, schitterende wijnen en zelfs parfummerken (Body Mind Spirit bijvoorbeeld). Nu hongeren alleen nog de moslims tijdens de vastenmaand ramadan. Wel gebleven is de overweldigende kerkmuziek, in orgels, zangstemmen, violen en schalmeien, maar die is ook te horen in concertzalen en thuis op cd. De Obrechtkerk presenteerde de Messe de Minuit van de achtttiende-eeuwse Franse componist Charpentier. Prachtig, hoewel ik de kerkmuziek van Händel maar vooral van Bach mooier en voller vind. Maar dat is een misselijke opmerking, want hier hadden hardwerkende amateur-musici maanden voor geoefend en die hadden waarschijnlijk weer eens wat aparts willen spelen. Een mis is nu eenmaal geen concert, ook al lijkt het er soms op. Een Bachkoor klinkt anders in een Europese kerk uit de tijd van Bach dan in een concertzaal. Hoe houd je die ervaring als ongelovige of als onkerkelijke gelovige in stand?

Fons Braams met volle apostelbaard, al 26 jaar pastoor, kon niet nalaten zich vrolijk te maken over ons, kerstklaplopers achterin. ,,Voor het geval ik u het hele jaar niet meer zie: de volgende kerst valt niet op een woensdag, zoals in de folder staat, maar op een zaterdag'', zei hij bij zijn afscheidsgroet.

De pastoor had gelijk met zijn humor. De ontkerkelijking gaat door. Onder katholieken lijkt de bodem te zijn weggevallen. ,,Saai'', was de conclusie van mijn zoon toen ik hem eens op eigen verzoek meenam naar een nachtmis. Hij hield het er niet uit. De wegkwijnende hervormden, gereformeerden en lutheranen hebben steun bij elkaar gezocht in een gezamenlijke protestantse kerk. Een kerstpeiling van de NCRV hield het aantal onkerkelijke Nederlanders op 44 procent. Nog minder dan een kwart van de Nederlanders vindt de kerst een religieus feest, maar van degenen die geen godsdienst hebben, gaat 11 procent met kerst naar de kerk. Heerlijke niet-commerciële, collectieve warmte en nostalgie naar de eigen jeugd. ,,Het is geen schande meer voor de buren als je naar de kerk gaat'', stelde Braams vast. Hij krijgt ondanks alles meer aandacht dan vroeger, ook van jongeren voor wie religie nieuw is.

De kunstgeschiedenis van elke oude stad is in de kerk te bewonderen, maar steeds meer mensen stellen zich vrijblijvend op tegenover de kerk en pakken alleen de hoogtepunten mee. Een kerkelijke begrafenis is troostrijker dan de machinale verdwijning van een kist tussen twee marmeren wanden van het crematorium onder het spelen van de bij de dode geliefde treur-cd van André Hazes. Maar van alleen begrafenissen kan een kerk niet bestaan. De mooie neogotische Obrechtkerk in Amsterdam-Zuid met twee torens en een middenkoepel krijgt donaties van voormalige wijkbewoners en zelfs van ongelovigen die het gebouw willen bewaren. Ze hebben gelijk: er kunnen beter katholieken in zitten dan een hip reclamebureau.

Middeleeuwse kerken zijn onderdeel van de Europese beschaving, maar ontkerkelijking is dat ook. Wat blijft er van die kerken over zonder de religieuze inhoud? Kathedralen en basilieken krijgen subsidie als archeologische kaskraker voor de lokale toeristenindustrie en op zondagen komen er wat mensen bijeen voor eeuwenoude rituelen. ,,Niet bezichtigen tijdens de mis'', staat in vier talen op de voordeur. Minder prominente kerkgebouwen worden afgebroken of heringericht als moskee. En dan is er een groei van niet-saaie religies met strenge, charismatische tv-dominees, feel good-popmuziek, gezamenlijk handengeklap en ritmisch heen en zwenken. De evangelische beweging is een wereldwijde concurrent van de katholieke kerk.

Op kerstnacht zat de Obrechtkerk vol. ,,Een viering die u diep zal raken'', had de pastoor ons toegewenst. Achterin stonden mensen die te laat waren voor een zitplaats. In ons groene luxe-schellinkje zongen we mee met de kerstliedjes, schudden we elkaar als onbekenden de hand en wensten elkaar hartelijk ,,zalig kerstmis''. Bijna iedereen ging ter communie, katholiek of niet. Een enkeling moet met de hostie de nasmaak hebben gedoofd van een oude Château Margaux grand cru. Thuis wachtte het volgende gerecht: worstenbroodjes uit de oven. Net als vroeger.

    • Maarten Huygen