Heb oog voor aanwezige innovatieve krachten

Onder Balkenende II heeft innovatie een mythische klank gekregen, tegenover het vermeende gebrek aan ondernemerschap en innovatief denken. De blinde vlek van dit kabinet is dat het geen oog heeft voor de innovatieve kracht die aantoonbaar aanwezig is. Met andere woorden: de andere kant van innovatie, als middel om voort te bestaan, als continuïteit, wordt niet gezien. Knelpunten om die innovatiekracht te benutten zijn de kleinschaligheid en de onvoldoende doorstroming en ontwikkelingsmogelijkheden van het aanwezige technische middenkader. Hierdoor verloopt innovatie veel te traag en blijft ze hangen in (aanzetten tot) product- en productie-innovatie. Zeker in deze tijd dreigen de marketing-, organisatorische en sociale aspecten van innovatie uit zicht te raken: directies en personeel hebben andere zorgen aan het hoofd. Echter, zonder een breed scala aan (sector)activiteiten verdwijnt de bodem onder innovatie.

Innovatiepolitiek moet gedurfde uitwisseling binnen de ketens van producenten, toeleveringsbedrijven en logistieke processen mogelijk maken zonder dat de bedrijfsrisico's van afzonderlijke bedrijven in die ketens uit de hand lopen. Wat betreft opleiden zou de nadruk moeten liggen op integraal opleiden, waarbij eigen initiatief en stimulerende arbeidsverhoudingen een belangrijke plaats hebben, gericht op erkenning, ontwikkeling en uitwisseling van de aanwezige kennis.