De gouden kroon voor achterlijkheid

Achterlijkheid is één van de kenmerken van het Ancien Régime en de daarin voorkomende feodalistische elementen. De heren van het Ancien Régime harmoniseerden de macht en de maatschappelijke werkelijkheid onder andere via de corporaties. Door deze harmonisatie werden de grenzen van de zedelijkheid, waarheid en macht gemarkeerd voor de maatschappelijke lichamen en de vorst (of de stadhouder). Het overkoepelende begrip dat de grenzen aangaf van wat sociaal aanvaard was, was vaak Respect zoals maffiose peetvaders allereerst respect vragen.

Wie geen respect kon opbrengen voor de overtuiging, het geloof, de waarheid, of de machtsgrenzen van een andere groep, werd beschouwd als een gevaarlijke persoon, die moest worden aangepakt. Meningsverschillen over de politieke, culturele, religieuze of wetenschappelijke aangelegenheden waren uit den boze. Het ging immers om respect. Uiteraard waren de heren evenmin vertrouwd met begrippen zoals verkiezingen, verschillende opinies, of gelijkheid. In confrontatie met andersdenkenden werd de achterlijkheid in volle glorie zichtbaar. Niemand mocht tornen aan één der feodale waarheden, want dan trad een van de `kasteelheren' op als de bewaker van de waarheid. Het respect bleek meestal met behulp van geweld hersteld te moeten worden. Dit concept van respect wordt nu nog gebezigd door de maffia of door een aantal moslimgroepen in of buiten de islamwereld. Politiek daarentegen bestaat bij de gratie van meningen, het Griekse begrip doxai. De democratie is de enige maatschappijvorm waarin de vrije meningsuiting, naast een reeks andere waarden, normen en rechtsbeginselen, wordt beschermd.

In Nederland voeren mensen al eeuwen een strijd voor democratisering en vrijheid van meningsuiting. Nederland is een modern land, maar het heeft nog wel een aantal hardnekkige feodale aspecten uit het Ancien Régime. Denk aan het democratische tekort in Nederland, waardoor periodieke verkiezingen hier niet echt tot een grondige machtswisseling leiden. Als de `kasteelheer' in een verkiezing verliest, kan hij gewoon benoemd worden tot beheerder van een andere kasteel: burgermeester of commissaris van de koningin. Een modern feodaal land heeft vooral heel veel bestuurders en heel weinig politici. Die bestuurders zijn allemaal wijze mannen, en enkele vrouwen, die ervoor moeten zorgen dat de maatschappelijke corporaties in Respect met elkaar omgaan. Deze benauwde toestand vertoont soms ook totalitaire tendensen. Zo trachtte het politieke establishment in de jaren negentig met behulp van alle middelen (zoals de antidiscriminatiebepaling in het strafrecht) de kritiek op het concept van de multiculturele samenleving (gemeenschap der corporaties) te onderdrukken. Daarvoor werden ook pressiegroepen, de zogenaamde antiracismecomités opgericht. Islam en de moslims moesten worden beschermd tegen de gevaarlijke Europeaan. Ten gevolge daarvan durfde niemand zich kritisch te uiten over de vergaande islamisering van onze steden en scholen. Door de morele terreur van het politieke establishment begonnen de islamitische gemeenschappen zich hier werkelijk thuis te voelen. Hoezo, Europa moslimland? Moslims kregen immers het gevoel dat Nederland even kritiekloos, paternalistisch en feodaal is als hun moslimvaderland. De moslims mochten met het behoud van hun eigen cultuur (vrouwenonderdrukking, kindermishandeling, religieuze intolerantie, culturele achterstand) als een aparte gemeenschap binnen de Nederlandse samenleving blijven bestaan. De burcht der moslims is de gevangenis van de achterstand geworden.

In feite werd hier de meerderheid (de autochtone bevolking) ruim één decennium lang onderdrukt, gekleineerd en bedreigd, soms met het harde wapen van het strafrecht. Na deze onaangename periode praat men nu weer in vrijheid over immigratie. De ex-machthebbers, inmiddels ook verliezers geworden, zitten niet meer in Den Haag, maar in andere kastelen: zo zitten Paul Rosenmöller en Hans Dijkstal in de `Commissie voor de participatie van allochtone vrouwen'. In een modern-feodale cultuur verliest de politieke verliezer nooit. Is het niet vreemd dat de mannen die verantwoordelijk zijn voor het multiculturele drama lid zijn van zo'n commissie? In een normale democratische politieke cultuur zouden juist de critici die gelijk hebben gekregen in zo'n commissie zitting nemen. Uitgerekend deze losers waarschuwen ons nu dat het uit de hand loopt met het debat over immigratie en islam. Dit getuigt werkelijk van een behoorlijk niveau van achterlijkheid.

Maar dit tweetal heeft pech. De gouden kroon voor achterlijkheid komt hen niet toe. Dit gaat dit jaar naar Jacques Wallage, lid van de echte harde kern van de morele terreur. Waaraan heeft Wallage deze eer, waarvoor per jaar honderden `feodalen' met elkaar concurreren, te danken? Op de valreep van het jaar schreef de bezorgde Wallage een merkwaardige brief aan Jozias van Aartsen, fractieleider van VVD. De brief werd geschreven op papier met het wapentje `Burgemeester van Groningen'. Hierin heeft zijne regentelijke hoogheid de kasteelheer van het regentendom Groningen zijne intense bezorgdheid geuit over het gedrag van Kamerlid Hirsi Ali, die het bestaan van Allah tegenover moslimschoolkinderen in twijfel trok. O, wat een misdrijf. In mijn tijd werd dit misdrijf, twijfelen aan het bestaan van een opperwezen, gepleegd door Karl Marx en Ludwig Feuerbach. In goede tijden belde Wallage, wellicht, het openbaar ministerie, het antiracismecomité, Milli Görüs (de Turkse moskeeafdeling van de PvdA), Nova, Buiten- en Binnenhof. Nu, in slechtere tijden, trekt het indirect een parallel tussen het debat over islam en immigranten met de holocaust. Dit laatste is verwerpelijk. De passendste reacties is het Romeinse dictum sacer estod wees verdoemd. De vrijheid van een parlementariër is een heilig principe van de democratie. Had Hitlers systeem van memo's en pressiegroepen dit beginsel niet aangetast, dan hadden de Duitsers misschien een eerlijke kans gehad om het nog te plegen collectieve misdrijf te kunnen voorkomen. Maar het is natuurlijk onzin een parallel te trekken tussen Wallage en Hitler. Wallage is niets meer dan een manifestatie van het achterlijke van onze cultuur.

    • Afshin Ellian